Deze paragaaf geeft de actuele stand van het weerstandsvermogen en de risico’s van de gemeente Midden-Groningen weer. De kadernota “Integraal Risicomanagement en Weerstandsvermogen” vormt de basis voor het risicomanagement. Hierin is vastgelegd op welke wijze de benodigde weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit wordt bepaald. De weerstandscapaciteit van onze gemeente is weergegeven in deze paragraaf. De weerstandscapaciteit geeft inzicht of er voldoende middelen beschikbaar zijn om, in het geval een risico zich voordoet, het risico op te vangen. Vervolgens zijn de risico’s die de gemeente loopt weergegeven en toegelicht. Tot slot zijn een aantal financiële kengetallen opgenomen. Deze financiële kengetallen geven inzicht in de financiële conditie van de gemeente.
3.3 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Integraal risicomanagement
Terug naar navigatie - 3.3 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing - Integraal risicomanagementBij integraal risicomanagement richt de organisatie zich niet alleen op financiële risico’s, maar juist ook op andere typen risico’s zoals juridische risico’s, imago- en frauderisico’s. Deze hebben niet (altijd) direct een financiële impact, maar kunnen op termijn wel grote gevolgen voor de gemeente.
Het proces van integraal risicomanagement is cyclisch en sluit zoveel mogelijk aan op de bestaande P&C-cyclus. In de paragraaf weerstandsvermogen wordt een actueel beeld gegeven van de financiële risico’s in de algemene dienst en het grondbedrijf.
Bij iedere begroting en jaarrekening actualiseren wij de risico’s. We gaan na of er nieuwe risico’s zijn bijgekomen en/of risico’s zijn vervallen. Van de risico’s die we lopen vindt een inschatting plaats van de omvang en van de kans dat het risico zich voordoet. Bij het bepalen van de omvang is ook van belang of het om een structureel risico gaat of een incidenteel risico. Bij risico’s met een incidenteel financieel gevolg wordt dit risicobedrag éénmaal meegenomen en bij risico’s met een structureel financieel gevolg tweemaal. De omvang/impact van het risico wordt ingedeeld in een gevolgklasse en het kanspercentage in een kansklasse. Door de gevolgklasse te vermenigvuldigen met de kansklasse wordt de risicoscore bepaald. De risicoscore is bepalend voor de aandacht die een risico krijgt. Zie ook onderstaande tabel.
Weerstandscapaciteit
Terug naar navigatie - 3.3 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing - WeerstandscapaciteitBeschikbare weerstandscapaciteit
Weerstandscapaciteit bestaat uit alle middelen waarover de gemeente beschikt om niet voorziene financiële tegenvallers te dekken. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de componenten:
- Algemene reserve;
- Reserve grondexploitatie;
- Onbenutte belastingcapaciteit.
Het doel van de reserve grondexploitaties is het opvangen van financiële risico’s bij de grondexploitaties. Deze reserve kan worden ingezet om de risico’s in de grondexploitaties af te dekken. Het meetellen van de bestemmingsreserve grondexploitatie in de beschikbare weerstandscapaciteit is daarmee gerechtvaardigd. De benodigde weerstandscapaciteit bestaat uit de risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie.
Benodigde weerstandscapaciteit
In de risicoparagraaf (artikel 11 BBV) worden alleen de risico’s opgenomen waar (deels) geen beheersmaatregel tegenover staat (restrisico’s). Het totale risicobedrag voor 2025 is € 9.794.860 (zie overzicht risico’s). Als de ratio groter is dan 1 is het weerstandsvermogen voldoende om de risico’s op te vangen.
De ratio van het weerstandsvermogen (= beschikbare weerstandscapaciteit/ benodigde weerstandscapaciteit) is hoger dan 1. Hieruit blijkt dat er voldoende weerstandscapaciteit beschikbaar is om de risico's op te vangen.
| Weerstandscapaciteit | ||||||
| 2025 obv JR2024 | 2026 obv JR2025 | O.b.v. vastgestelde begroting 2026 | ||||
| 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | |||
| Algemene Reserve per 1-1 | 14.388 | 15.779 | 14.678 | 14.519 | 14.454 | 14.389 |
| Reserve grondexploitaties per 1-1 | 3.117 | 4.054 | 4.092 | 6.681 | 8.785 | 9.993 |
| Onbenutte belastingcapaciteit | - | - | - | - | - | - |
| Beschikbare weerstandscapaciteit | 17.505 | 19.833 | 18.770 | 21.200 | 23.239 | 24.382 |
| bedragen x € 1.000 | ||||||
Risico's
Terug naar navigatie - 3.3 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing - Risico'sDe grootste risico’s voor onze gemeente zijn in beeld gebracht.
De risico’s zijn beoordeeld aan de hand van de uitgangspunten zoals hiervoor benoemd.
Hierna worden de in het risico overzicht genoemde risico’s nader toegelicht.
Grondexploitaties
Risico inschatting gewijzigd t.o.v. begroting 2026
De risico’s zijn ontleend aan de Meerjaren Prognose Grondexploitaties.
De risico’s bestaan uit onvoorziene kostenstijgingen en wijzigingen van de markt.
Het totaalbedrag van de risico’s grondexploitaties is € 3.245.035. Vorig jaar was dit nog € 2.503.399.
De verhoging is voornamelijk een gevolg van ontwikkelingen in het Stadshart en de netcongestie op het Rengerspark.
Sociaal Domein Jeugd
Risico inschatting ongewijzigd ten opzichte van de begroting 2026
In het sociaal domein vormt jeugd een financieel risico, door de wettelijke jeugdhulpplicht en de beperkte gemeentelijke invloed.
Deze financiële druk is een gegeven voor vrijwel alle gemeenten.
In Midden-Groningen stabiliseert zich weliswaar het cliëntenaantal, maar tot nu stegen de zorgkosten jaarlijks, door loonkostenstijging, maar ook door beroep op duurdere zorg.
In het kader van landelijke agenda's als Hervormingsagenda, Toekomstscenario jeugd en gezin en in regionaal verband werken we aan een transformatie van het zorglandschap en de lokale toegang.
De Hervormingsagenda gaat gepaard met korting van het gemeentefonds, gemotiveerd door de veronderstelde opbrengsten van de transformatie.
Naar aanleiding van het advies van de Commissie-Van Ark is deze korting enigszins bijgesteld voor 2026 en 2027.
De verwachte financiële effecten van de Hervormingsagenda zijn in onze meerjarenbegroting vanaf 2026 verwerkt voor een bedrag van afgerond € 1,9 miljoen in 2026 oplopend naar € 4 miljoen in 2029.
Geschat wordt dat er 62,5% kans is dat de besparing 2026 niet gehaald wordt.
Dit blijft een risico in het licht van het tempo van de transformatie (omvorming lokale toegang, regionaal zorglandschap) en de termijn waarop in het algemeen transformatie-effecten zich uitbetalen.
Daarnaast hebben we volgens het advies van Commissie-van Ark een volumegroei van 4,7% opgenomen in de Voorjaarsnota 2025. Zoals benoemd zagen we de afgelopen twee jaren een groei van 8%.
Op basis van deze cijfers is het risico aanwezig dat de volumestijging hoger uitvalt. Ook al lijkt de volumegroei over 2025 lager uit te zijn gevallen dan verwacht. Voor 2026 gaan we uit van € 1.345.000 met een kans van 62,5%.
Per saldo schatten we het maximale risico op € 3.245.000.
WarmteCompagnie B.V.
Ongewijzigd risico t.o.v. begroting 2026
De gemeente heeft samen met het Waterbedrijf Groningen Duurzaam (WBGD) een publiek warmtebedrijf, de WarmteCompagnie B.V. opgericht.
Aan het exploiteren van een warmtenet zitten diverse risico’s.
De gemeente staat garant voor een lening die de WarmteCompagnie B.V. is aangegaan.
Het risico dat niet kan worden voldaan aan de betalingsverplichtingen (rente en aflossing) is daarmee voor rekening van de gemeente.
Ook is de gemeente verantwoordelijk om extra financiering te regelen als blijkt dat de B.V. onvoldoende financiële middelen heeft om de lopende verplichtingen te financieren, aangezien WBGD heeft aangegeven om, met uitzondering van de storting van aandelenkapitaal ad € 2000, niet te willen investeren in de B.V.
Voor het warmtenet wordt gebruik gemaakt van de restwarmte van ESKA. De afhankelijkheid van ESKA vormt een risico.
Om het risico te beperken is een 2x 5-jarig contract afgesloten. Verder is het risico aanwezig dat de investeringen in de infrastructuur en de beheerkosten hoger uitvallen dan is voorzien.
Daarnaast is het risico aanwezig dat het aantal aansluitingen door woningeigenaren en huurders lager uitvallen dan verwacht. Hierdoor zullen de inkomsten ook lager zijn.
De overige woningcorporaties hebben inmiddels wel de exploitatieovereenkomst ondertekend. Op basis van de ondertekende overeenkomst heeft Lefier de voor haar noodzakelijke SAH-subsidie aangevraagd.
Deze subsidie is inmiddels ook toegekend.
Aanvullend is een risico ontstaan doordat één van de woningcorporaties zich heeft teruggetrokken van deelname.
Dit heeft te maken met het feit dat de kosten de woningcorporatie verwacht te maken hoger lijken te worden dan eerder is voorzien.
Er is inmiddels onderzoek gedaan naar de mogelijkheden voor extra aansluitingen. Uit het onderzoek is duidelijk geworden dat er voldoende geschikte appartementen zijn die kunnen worden aangesloten op het warmtenet.
Deze uitbreiding vraagt wel extra investeringen.
Voor de financiering van deze investeringen hebben we via de subsidieregeling Warmtetransitie Projecten (NPG) subsidie aangevraagd.
We zijn nog in afwachting op een formele toekenning. Met deze subsidie is de verwachting dat we een sluitende businesscase kunnen realiseren.
Zodra er een sluitende businesscase ligt kan er gestart worden met de aanleg van een warmtenet. In onderstaand overzicht zijn de risico’s gekwantificeerd. In totaal is € 1.635.000 als risico opgenomen in de begroting.
Overzicht risico’s Warmtecompagnie B.V.

Algemene uitkering
Risico inschatting ongewijzigd t.o.v. begroting 2026
Het risico ten aanzien van de algemene uitkering is groot. Helaas ligt dit risico niet binnen onze invloedsfeer.
De raming van de algemene uitkering uit het gemeentefonds is gebaseerd op de septembercirculaire 2025.
De meicirculaire 2025 laat een aanzienlijke verbetering van ons financiële beeld zien. De belangrijkste redenen voor de positieve bijstelling zijn:
- Demping ravijnjaar;
- Compensatie jeugdzorg op basis van advies van de Commissie van Ark;
- Actualisatie van het accres en uitkeringsbasis.
De positieve bijstellingen uit de meicirculaire zorgen ervoor dat 2026 in de huidige prognose sluitend is. Dit is een positieve ontwikkeling.
Tegelijkertijd blijft het meerjarenbeeld vanaf 2027 zorgelijk, mede door aanhoudende onzekerheden over de structurele financiering van onder andere de jeugdzorg vanaf 2028.
De omvang van de septembercirculaire en decembercirculaire 2025 zijn beperkter van aard. Hierin zijn vooral incidentele middelen beschikbaar gesteld door het Rijk, zoals de compensatie 2023-2024 Hervormingsagenda Jeugd, capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) en uitvoeringskosten Nij Begun.
De algemene uitkering wordt berekend op basis van een groot aantal verdeelmaatstaven.
Actualisatie en/of vaststelling van de verdeelmaatstaven (plaatselijk en landelijk) gedurende het begrotingsjaar leiden jaarlijks tot herverdeeleffecten.
Per 1 januari 2027 zal volgende stap gezet worden in ingroeipad van het nieuwe verdeelmodel van het gemeentefonds.
Het effect hiervan is op dit moment niet in te schatten.
Gevolgen gaswinning
Risico inschatting ongewijzigd t.o.v. begroting 2026
Uitgangspunt is dat de kosten ten gevolge van de aardgaswinning voor 100% een budgettair neutraal effect hebben in de begroting.
Er is een bedrag opgenomen voor het risico dat het effect niet budgettair neutraal is.
Enerzijds is de opdracht groter en meer complexer (maatregelen Nij Begun) wat vervolgens leidt tot een groter risico.
Anderzijds is er nog geen duidelijkheid over de Rijksbijdrage voor de organisatiekosten (Lumpsum) na 2028.
Ook is er geen zekerheid over de toereikendheid van de Rijksbijdrage voor de herstelmaatregelen in de openbare ruimte (inpassingskosten) aangezien het begrip “koste wat kost” niet verankerd is in de wet.
Cyberrisico’s
Risico inschatting ongewijzigd t.o.v. begroting 2026
We schatten de kans, op basis van de preventieve maatregelen die we zelf al hebben genomen, op een hack/ ransomware aanval op 5%.
De maximale schade wordt ingeschat op €4,4 miljoen voor het herstel en opbouw van nieuwe voorzieningen.
Invoering Omgevingswet
Risico inschatting gewijzigd t.o.v. begroting 2026
Het realistisch begroten van de inkomsten van de bouw- en RO-leges is altijd al lastig geweest.
Dat heeft met name te maken met de sterke afhankelijkheid hiervan van de markt.
Zowel grote als kleine bouwprojecten zijn sterk afhankelijk van de economie. En kennen daarmee een opwaartse en neerwaartse spiraal die zich vaak lastig op voorhand lijkt te voorspellen.
Maar ook ontwikkelingen als de stikstofproblematiek en netcongestie kunnen een grote invloed hebben op de aard en het aantal aanvragen.
En daarmee dus de hoogte van de leges.
Sinds de invoering van de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging bouw is het extra lastig geworden omdat we nog over onvoldoende data beschikken om een enigszins betrouwbare voorspelling te doen.
Kortom, het daadwerkelijk realiseren van de begrote inkomsten voor de bouw- en RO-leges brengt in financiële zin altijd een risico met zich mee.
CO2-heffing op restafval
Risico inschatting ongewijzigd t.o.v. begroting 2026
De CO2-heffing op restafval is een van de maatregelen uit de voorjaarsnota van het kabinet.
Afvalinstallaties zullen de hogere heffing doorberekenen aan gemeenten.
Deze heffing is tijdelijk opgeschort.
Het risico is aanwezig dat als we het aandeel restafval niet weten terug te dringen door het nemen van aanvullende maatregelen de kosten voor het verwerken van restafval fors toenemen.
De vraag is of deze kosten via tariefstijging volledig kan worden neergelegd bij de inwoners.
Daarnaast is het risico dat een deel van de beheersmaatregelen niet gerealiseerd worden.
Het is nog te vroeg om hier uitspraken over te kunnen doen. We gaan dit het komende jaar monitoren.
Beroepszaak onderwijs
Risico inschatting ongewijzigd ten opzichte van de begroting 2026
De 5-jaarlijkse afrekening over de kosten voor het Openbaar Onderwijs Hoogezand-Sappemeer (OBO) over de jaren 2016-2017 moet afgerond worden.
Over het tijdvak 2006-2010 zijn procedures gevoerd tot aan de Raad van State, die de gemeente in het gelijk heeft gesteld.
De procedure voor de periode 2011-2015 werd ingetrokken. Getracht wordt om met het bijzonder onderwijs aan de voorkant overeenstemming te bereiken over de cijfers, maar er blijft een risico op een nieuwe vervolgprocedure.
Daarnaast speelt een tweede zaak betreffende extra gemaakte kosten voor beheer en onderhoud door de gemeente voor een aantal oude schoolgebouwen tussen 2018-2023.
Het totale maximale risico van beide zaken samen is geraamd op € 200.000.
Fiscale risico’s
Risico inschatting gewijzigd t.o.v. begroting 2026
Het risicobedrag wordt ingeschat op 5% van de ingediende BCF-aangifte. Over boekjaar 2025 is dit € 675.000.
De afrekening van het btw-compensatiefonds (hierna: BCF) vindt jaarlijks achteraf plaats via de BCF-aangifte bij de Belastingdienst.
Dit landelijke fonds voor gemeenten en provincies heeft een plafondbedrag welke jaarlijks wordt vastgesteld.
Indien de BCF-afrekening van de gemeenten en provincies gezamenlijk het BCF-plafond overstijgt, wordt het Gemeentefonds en Provinciefonds met dit bedrag verlaagd.
Wanneer de BCF-afrekening lager uitvalt dan het BCF-plafond, wordt het verschil toegevoegd aan het Gemeentefonds en Provinciefonds.
Dit heeft dus naar rato effect op de hoogte van de uitkering die Gemeente Midden-Groningen ontvangt vanuit het Gemeentefonds.
De Specifieke Uitkering stimulering sport (hierna: SPUK Sport) compenseert het btw-verlies op sportactiviteiten.
De risico’s ten aanzien van de SPUK Sport hebben onder andere betrekking op het overschrijden van het uitkeringsplafond zoals vastgelegd in de Regeling SPUK Sport.
Indien het uitkeringsplafond wordt overschreden, wordt het beschikbare bedrag naar rato verdeeld over de ontvangers.
Stichting Kwartier Zorg en Welzijn
Risico inschatting ongewijzigd ten opzichte van de begroting 2026
De businesscase is op 5 maart 2026 vastgesteld. Daarin is opgenomen dat de stichting gebruik gaat maken van de gemeentelijke ondersteuningsstructuur, wat effect zal hebben op de benodigde capaciteit en middelen bij de gemeentelijke afdelingen die de ondersteuning bieden. Inzet is om dit mee te nemen in de begroting 2027-2030.
Verder is in de begroting 2026-2029 een bedrag van € 500.000 opgenomen voor implementatiekosten en eventuele frictiekosten in 2026, welke nodig zijn voor de voorgenomen omvorming van de huidige stichting naar een gemeentelijke stichting.
In de uitvoering daarna kunnen financiële risico’s naar voren komen.
De overdracht van de stichting naar de gemeentelijke vorm vraagt dan ook om blijvende aandacht.
Kunstwerken en wegen
Risico inschatting is ongewijzigd t.o.v. begroting 2026
Het risico is aanwezig dat na de planperiode onvoldoende middelen beschikbaar zijn.
Daarnaast bestaat het risico dat de kosten voor het onderhoud van een aantal bruggen hoger uitvallen dan waarmee rekening is gehouden doordat er sprake kan zijn van onvoorziene gebreken die niet uit reguliere inspecties naar voren komen. Pas bij het aanpakken van een brug komen deze verborgen gebreken naar voren.
Verder is het risico dat de kosten na de nieuwe aanbesteding voor de bediening van beweegbare bruggen een stuk hoger uitvallen dan waar nu rekening mee is gehouden.
Risico BUIG
Risico is komen te vervallen
Er wordt actief ingezet om inwoners te helpen om (weer) mee te doen aan de samenleving met betaald werk.
Het risico is aanwezig dat deze doelstelling niet volledig wordt gehaald waardoor de BUIG uitkeringen hoger uitvallen dan verwacht.
De afgelopen jaren was hier geen sprake van, waardoor we dit risico laten vervallen.
Effecten gasbesluit
Risico inschatting ongewijzigd t.o.v. begroting 2026
De gaswinning in Groningen is inmiddels volledig gestopt. Onduidelijk is wat de neveneffecten zijn voor de gemeente Midden-Groningen.
Vluchtelingenopvang
Risico inschatting gewijzigd t.o.v. begroting 2026
De opvanglocatie in Muntendam gaat dicht.
Er is inmiddels een nieuwe locatie gevonden.
De nieuwe locatie wordt verbouwd om het pand geschikt te maken als opvanglocatie.
De verwachting is dat de kosten voor het verbouwen van deze locatie volledig worden vergoed door het rijk.
Hierdoor komt het risico te vervallen.
Realisatiestimulans
Het risico is dat het uitkeringsplafond voor de Realisatiestimulans voor de periode 2026-2030 wordt overschreden.
In dat geval zal het beschikbare budget verdeeld worden over de gemeenten naar rato van het aantal betaalbare woningen dat voor de specifieke uitkering in aanmerking komt.
Hierdoor zal de uiteindelijke omvang van de toegekende subsidie lager uitvallen. De Commissie BBV adviseert om dit risico in de jaarstukken te benoemen.
Restrisico’s < € 100.000
Risico inschatting gewijzigd t.o.v. begroting 2026
Risico’s kleiner dan € 100.000 zijn niet meer afzonderlijk opgenomen in de risicoparagraaf. Voor de vergelijkende cijfers zijn ze nog wel in een totaalbedrag meegenomen.
Een voorbeeld van een restrisico is dat de GGD in hun conceptbegroting 2027 slechts 69% van de structurele risicosom (van 0,9 miljoen) kan afdekken met haar reserve, waardoor bij tegenvallers een extra gemeentelijke bijdrage nodig kan zijn. De GGD verwacht het weerstandsvermogen richting 2030 op orde te brengen, mits zich geen nieuwe tegenvallers voordoen. Voor de Midden-Groningen bedraagt een eventuele bijdrage in het niet-gedekte GGD-risico ongeveer € 28.000 in 2027.
| Nr | Omschrijving | Max. risico | S/I | Effect | Kans | Bedrag |
| 1 | Grondexploitatie | 3.245.035 | I | 3.245.035 | 3.245.035 | |
| 2 | Sociaal Domein Jeugd | 3.245.000 | I | 3.245.000 | 62,5% | 2.028.125 |
| 3 | WarmteCompagnie B.V. | 8.670.000 | I | 10.410.000 | 1.635.000 | |
| 4 | Algemene uitkering | 1.000.000 | S | 2.000.000 | 50% | 1.000.000 |
| 5 | Gevolgen gaswinning | 1.000.000 | S | 2.000.000 | 25% | 500.000 |
| 6 | Cyberrisico's | 4.400.000 | S | 8.800.000 | 5% | 440.000 |
| 7 | Invoering omgevingswet | 500.000 | I | 500.000 | 75% | 375.000 |
| 8 | C02 heffing op restafval | 314.000 | S | 628.000 | 40% | 251.200 |
| 9 | Beroepzaak Onderwijs | 200.000 | I | 200.000 | 75% | 150.000 |
| 10 | Fiscale risico's | 675.000 | S | 1.350.000 | 5% | 67.500 |
| 11 | Stichting Kwartier Zorg en Welzijn | pm | I | pm | pm | |
| 12 | Kunstwerken en wegen | - | I | - | pm | |
| 13 | Risico BUIG | pm | S | pm | pm | |
| 14 | Effecten gasbesluit | pm | I | pm | pm | |
| 15 | Vluchtelingenopvang | pm | pm | pm | ||
| 16 | Realisatiestimulans | pm | I | pm | pm | |
| 16 | Risico's < € 100.000 | 103.000 | ||||
| Totaal | 9.794.860 | |||||
| Bedragen in € | ||||||
Financiële kengetallen
Terug naar navigatie - 3.3 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing - Financiële kengetallenIn de paragraaf weerstandsvermogen nemen we de zes verplichte kengetallen op. In onderstaande tabel zijn deze kengetallen opgenomen. Het doel van het opnemen van kengetallen is om uw raad beter inzicht te geven in het oordeel over het structureel en reëel sluitend zijn van de begroting. De kengetallen worden hierna kort toegelicht.
- De netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. In de VNG-handreiking “Houdbare gemeentefinanciën” is aangegeven dat wanneer de schuld lager is dan het begrotingstotaal (< 100%) dit als voldoende kan worden bestempeld. Onze netto schuldquote valt in de categorie voldoende.
- De gecorrigeerde netto schuldquote laat zien wat het aandeel is van de verstrekte leningen en wat dit betekent voor de schuldenlast;
- De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. In de VNG-handreiking “Houdbare gemeentefinanciën” is aangegeven dat wanneer een solvabiliteitsratio hoger is dan 30% dit als voldoende kan worden bestempeld. De ratio voor Midden-Groningen is laag en betekent dat wij als gemeente een relatief groot deel hebben gefinancierd met vreemd vermogen. De oorsprong hiervoor is al te vinden voor de herindeling. In meerjarenperspectief is de verwachting dat de solvabiliteit afneemt door de begrote exploitatietekorten vanwege de nadelige effecten van de nieuwe verdeling van het gemeentefonds.
- De structurele exploitatieruimte is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeente of provincie heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Een positief getal geeft aan dat er meer structurele baten dan lasten zijn (houdbare financiën). De ratio is nu positief. Vanaf begrotingsjaar 2027 is de verwachting dat deze negatief wordt doordat er negatieve exploitatieresultaten zijn begroot voor de jaren 2027 en verder.
- De grondexploitatie geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten en in hoeverre de begroting beïnvloed kan worden door waardeontwikkelingen van de grondexploitatie. Hoe lager de ratio, hoe minder sprake er is van afhankelijkheid van de waardeontwikkeling. De ratio van Midden-Groningen is laag te noemen.
- De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de gemeenten zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde.
| Financiële kengetallen | Jaarverslag 2024 | Begroot 2025 | Jaarverslag 2025 |
| Netto schuldquote | 43,5% | 67,0% | 41,0% |
| Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen | 39,4% | 62,2% | 35,8% |
| Solvabiliteitsratio | 15,6% | 13,6% | 18,3% |
| Structurele exploitatieruimte | 1,5% | 0,6% | 2,7% |
| Grondexploitatie | 0,6% | 0,0% | 0,9% |
| Belastingcapaciteit | 102,2% | 102,2% | 102,8% |