2.2 Programma Sociaal

2.2.0 Inleiding

Terug naar navigatie - Visie, doelstelling en opbouw programma

Visie Sociale veerkracht

Ieder mens telt en iedereen mag er zijn. Iedereen heeft betekenis voor zichzelf en zijn omgeving. Hier staan wij voor. We hebben in 2019 de strategische visie Sociale veerkracht in de praktijk vastgesteld. We noemen dit stuk vanaf nu Sociale veerkracht. Deze visie gaat uit van eigenaarschap en zeggenschap van mensen over hun eigen leven en het groter maken van de kring rondom mensen. We besteden aandacht aan de veerkracht en levenslust van mensen: we richten ons op wat wél goed gaat, wat mensen zelf kunnen en wat zij samen met de mensen om hen heen kunnen doen om problemen en moeilijkheden aan te pakken. Zo ontstaan betere oplossingen. En voelen mensen zich beter en gezonder. Het samenleven met anderen in dorp of wijk lukt daardoor ook beter. 

Doelstelling Sociale veerkracht
Inwoners staan centraal. Het is belangrijk dat alle inwoners kunnen meedoen. Meedoen door betaald werk, vrijwilligerswerk of zinvolle dagbesteding.

In dit programma beschrijven we hoe we in de komende jaren werken aan de opgaven voor de gezondheid, het welzijn, het opgroeien, onderwijs en meedoen van alle inwoners. Samen met inwoners en onze maatschappelijke partners. Daarvoor brengen we de verschillende beleidstaken in samenhang en verbinding. We geven in Sociale veerkracht voorrang aan een aantal doelen. Als eerste willen we het eigenaarschap van inwoners stimuleren. Onze inwoners krijgen meer zeggenschap, ook in situaties waar deze onder druk staat. Denk bijvoorbeeld aan jeugdbescherming en uithuiszetting. We willen de brede kring om mensen heen aanspreken. Ook willen we toewerken naar minder zorg en ondersteuning. En uitdragen dat sommige dingen bij het gewone leven horen. Dat deze normaal zijn. We blijven daarbij wel steeds kijken naar de situatie van de inwoners. Wanneer we juist wel professionele hulp en ondersteuning moeten bieden. We houden ons aan de wetten die daarvoor zijn gemaakt: de Jeugdwet, Wmo en Participatiewet. We brengen sociale veerkracht in de praktijk met de projecten van ons lokaal programma NPG. Met deze projecten investeren we in de grote verandering die we willen maken. Zo zetten we in op gelijke kansen en talentontwikkeling van alle kinderen met Tijd voor Toekomst en Jongerenwerk plus). We zetten met de projecten Ervaringsdeskundigen in armoede en uitsluiting, De IJsberg en Jongeren met Toekomst in op de aanpak van armoede en schulden. Met volle aandacht voor eigenaarschap en zeggenschap. Hulpteam Overschild en het Ontwikkelbedrijf geven inwoners met afstand tot de arbeidsmarkt weer perspectief op werk en hun talentontwikkeling. 

 

Ontwikkelingen in 2025-2028

Inwoners in beeld
Onze inwoners staan centraal. We hebben gemerkt dat sommige doelgroepen nog onvoldoende in beeld zijn bij de gemeente, dat willen we veranderen. We zijn actief bezig met het bereiken van onder meer eenzame ouderen, nieuwkomers en mensen die hulp kunnen gebruiken op de arbeidsmarkt. 

Hervormingsagenda Jeugd 
Financieel heeft het sociaal domein de afgelopen jaren flink onder druk gestaan. De uitvoering van de jeugdhulp gaf de grootste druk. Deze financiële uitdagingen hadden hun weerslag op de gehele gemeentelijke begroting. Het rijk, gemeenten en zorgaanbieders hebben in de afgelopen twee jaar ingezet op de hervorming van de jeugdhulp. De afspraken hierover zijn in juni 2023 definitief vastgelegd in de Hervormingsagenda. Met deze Hervormingsagenda committeren het rijk, gemeenten en zorgaanbieders zich aan het verbeteren van de kwaliteit van de jeugdzorg en de begrenzing van de kosten. Voor de komende jaren blijft dit een belangrijke en tegelijkertijd moeilijke opgave. Een deel van de maatregelen in de Hervormingsagenda is inhoudelijk en financieel onderbouwd. Deze hebben we in onze gemeente al doorgevoerd en financieel verwerkt in de begroting. Een groot deel van de maatregelen in de Hervormingsagenda moet echter nog verder inhoudelijk uitgewerkt worden. Ze zijn al wel financieel verwerkt in de meerjarenbegroting. Aanvullend heeft het Coalitieakkoord vanaf 2025 een extra taakstelling van totaal € 500 miljoen opgelegd (€ 2,2 miljoen voor onze gemeente). Het rijk is aan zet om deze in te vullen.

Ontwikkeling Lokale toegang jeugd
We zien we in onze gemeente nog steeds een groei in het gebruik van de jeugdzorg. Hier ligt een forse opgave voor onze gemeente de komende jaren. Hoe houden we de balans tussen wat kinderen en gezinnen nodig hebben en het beschikbare budget daarvoor?  Met onze eigen beheersmaatregelen zetten we in op het beter en goedkoper maken van de jeugdzorg. Deze beheersmaatregelen gaan uit van de principes van onze visie Sociale veerkracht. We hebben geconcludeerd dat het strategisch partnerschap vanuit Kwartier ontbreekt om de transformatie rond toegang tot jeugdzorg en sociale teams vorm te kunnen geven. In het 3e kwartaal 2025 legt het college de raad een voorgenomen besluit voor hoe het college deze uitvoering van de sociale teams uiterlijk januari 2028 vorm wil gaan geven.  Gemeente en Kwartier trekken samen op in deze transitiefase.

Participatiewet in Balans
Met de komst van de Participatiewet in Balans, met een beoogde invoeringsdatum van 1 januari 2025, zal de focus veel meer komen te liggen op (individuele) toepassing van de menselijke maat in plaats van werken vanuit regelgeving. Vanuit vertrouwen en de samenwerking met onze inwoners wordt de persoonlijke situatie centraal gesteld. Deze nieuwe werkwijze past goed past bij onze visie Sociale Veerkracht en het werken met de doorbraak methode. 

Nij begun
In 2023 kwam het kabinet Rutte IV met Nij begun, als reactie op het parlementaire onderzoek naar de aardbevingsproblematiek. Nij begun omvat 50 maatregelen die gericht zijn op de verbetering van schadeherstel en versterking en op een beter toekomstperspectief voor Groningen en Noord-Drenthe. Voor dit beter toekomstperspectief is in 2024 is gestart met de Sociale en Economische agenda. De Sociale agenda omvat 10 doelen die bijdragen aan het vergroten van kansengelijkheid voor kinderen en jongeren in de regio, het verbeteren van de gezondheid van alle inwoners in de regio, het versterken van de leefbaarheid en sociale samenhang, het verbeteren van het arbeidsperspectief van jongeren en inwoners met een achterstand op de arbeidsmarkt en het verminderen van armoede en schulden. In 2025 en verder wordt in de regio Groningen en Noord-Drenthe uitvoering gegeven aan deze doelen. 

 

Opbouw programma Sociaal

Het programma sociaal bestaat uit de volgende beleidsonderwerpen:
Gezondheid;
Welzijn;
Wmo;
Jeugd, jeugdgezondheidszorg en onderwijs;
Participatiewet;
Schuldhulpverlening;
Sociale teams.
Per beleidsonderwerp gaan we in op de ambities, trends en ontwikkelingen en doelstellingen met de acties in 2025. De bovengenoemde NPG-projecten zijn onderdeel van deze acties en worden verder beschreven in programma 2.5. Programma Gevolgen gas -en zoutwinning en lokaal programma NPG.

 

2.2.1 Gezondheid

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

De gemeente is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet Publieke gezondheid (WPG). Onze visie Sociale veerkracht vormt de basis voor ons lokale gezondheidsbeleid. Met ons lokale Gezondheidsbeleid werken we samen aan een gezonde basis voor alle inwoners. Gezondheid is meer dan de afwezigheid van ziekte. we geven dit vorm vanuit onze visie sociale veerkracht en het gedachtegoed van Positieve Gezondheid.  Ervaren gezondheid heeft veel raakvlakken met verschillende levensgebieden, zoals mentaal welbevinden, het ervaren van zingeving, sociale verbinding, mee kunnen doen in de samenleving, voldoende bewegen en een gezonde leefomgeving. We hebben aandacht voor het individu én de hele sociale en fysieke omgeving.

Ambities

Terug naar navigatie - Ambities

Wij streven naar veerkrachtige inwoners die oplossingsgericht kunnen kijken en handelen aangaande hun eigen gezondheid. Als gemeente willen wij samen met de inwoner inzetten op preventie, benutten van mogelijkheden en bieden waar nodig passende steun, zorg en voorzieningen. 

Terug naar navigatie - Trends en ontwikkelingen

Gezondheidsmonitor GGD
De GGD voert elke 4 jaar de Gezondheidsmonitor uit op verschillende momenten voor jeugd en volwassenen. Deze gegevens geven ons inzicht in de fysieke en mentale gezondheid die onze inwoners ervaren. We kunnen deze informatie vergelijken met voorgaande jaren en met andere gemeenten. Deze cijfers zijn waardevol bij het maken van beleidskeuzes.
Eind 2024 volgt er een gezondheidsmonitor volwassenen en ouderen.  De meest actuele gezondheidsmonitor voor jeugd is in 2023 gepubliceerd.

Individuele leefstijl

  • In 2022 had 60% van de volwassenen last van overgewicht, een daling met 1% ten opzichte van 2020. Voor volwassenen met een laag opleidingsniveau stijgt het percentage van 67% in 2020 naar 70% in 2022. Onze inwoners bewegen daarnaast fors minder dan het landelijk gemiddelde, slechts 35% van de volwassenen met een laag opleidingsniveau voldoet aan de beweegrichtlijn ten opzichte van 50% van de mensen met een hoog opleidingsniveau. Het percentage jongeren dat 5 of meer dagen minimaal 1 uur per dag beweegt is 12%. In Nederland is dit 18%. Het percentage jongeren dat wekelijks actief sport of beweegt in de vrije tijd is 85%. Dit is een stijging van 1% ten opzichte van 2021. Provinciaal is het percentage 89%. 
  • Voor roken ligt het percentage volwassenen dat rookt op 19,2 procent, hetgeen gelijk is aan de provinciale cijfers. Ten opzichte van 2020 is dit een stijging van 1,3%. 9% van de jongeren geeft aan wekelijks te roken. Dit is een stijging 5% ten opzichte van 2021. 
  • Overmatig alcoholgebruik voor volwassenen ligt op 13% en provinciaal op 18%. ten opzichte van 2020 is dit percentage gelijk gebleven. In 2023 was het percentage jongeren dat alcohol had gedronken in de afgelopen maand 30%. Dit is een  daling van 4% ten opzichte van 2021.
  • Van de volwassenen ervaart 18% (heel) veel stress. Het percentage jongeren dat zich (zeer) vaak gestrest voelt is 59,7%. Dit is een stijging 11,2% ten opzichte van 2021.

Van zorg naar preventie
Ongezond gedrag is verantwoordelijk voor bijna 20 procent van de ziektelast, door leefstijl gerelateerde ziekten. Het gaat dan om roken, alcoholgebruik, slechte voeding en te weinig bewegen. Als gemeente willen wij gezonde keuzes stimuleren om latere zorg te voorkomen. 

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - Wat willen we bereiken?

a. Alle betrokkenen werken intensief samen

Terug naar navigatie - a. Alle betrokkenen werken intensief samen

Gezond en Actief Leven akkoord (GALA) en Integraal Zorgakkoord (IZA)
In het GALA en IZA wordt vanuit het rijk integraal werken en de beweging van zorg naar het voorliggend veld gestimuleerd. Gemeente en zorgpartijen maken afspraken over de doelen voor de komende jaren. Deze landelijke akkoorden werken door in de regio en lokaal, maar de bijbehorende middelen zijn van tijdelijke aard(tot en met 2026). In het GALA zijn de doelen en afspraken gericht op preventie ten behoeve van gezondheid en welbevinden. De gemeente heeft hiervoor een integraal plan van aanpak opgesteld.
Gezondheid is van veel factoren afhankelijk. Daarom is integrale samenwerking belangrijk voor een succesvol, efficiënt gezondheidsbeleid. We hebben te maken met landelijk beleid via de Landelijke Nota Gezondheidsbeleid, de Omgevingswet en het GALA, waarvan het Sportakkoord integraal onderdeel is. We voeren regionale en lokale programma's uit die hieraan bijdragen: de Rookvrije Generatie, Kansrijke Start, Gezonde School, Hartveilig, JOGG, het Lokale plan GALA en het Lokaal Sportakkoord. Deze zijn verbonden aan meerdere beleidsterreinen. 

Acties

b. Stimuleren van gezonde leefstijl

Terug naar navigatie - b. Stimuleren van gezonde leefstijl

Het stimuleren van een gezonde leefstijl is integraal verweven in de beleidsterreinen binnen het sociaal domein. We richten ons daarbij op alle inwoners en kwetsbare inwoners in het bijzonder.  Door middel van activiteiten willen wij het bewustwording vergroten, kennis overdragen en inwoners handvatten geven omtrent gezonde leefstijl. Daarbij richten wij ons niet alleen op roken, drinken en middelen gebruik maar ook op gezonde voeding, voldoende beweging en ontspanning. 

Acties

Indicatoren

Terug naar navigatie - Indicatoren
Percentage volwassenen dat rookt 2020 2022
Midden-Groningen 18% 19%
Provinciaal 20% 19%
Percentage volwassenen met overgewicht 2020 2022
Midden-Groningen 61% 60%
Provinciaal 50% 51%
Percentage volwassenen dat overmatig drinkt 2020 2022
Midden-Groningen 13% 13%
Provinciaal 16% 18%
Percentage jongeren met overgewicht in groep 7 2020 2022
Midden-Groningen 4% 9%
Provinciaal 6% 9%
Percentage jongeren dat in de afgelopen maand had gedronken 2020 2022
Midden-Groningen 22% 19%
Provinciaal 19% 19%
Percentage inwoners dat meedoet aan de beweegrichtlijn 2020 2022
Midden-Groningen 34% 30%
Provinciaal 33% 30%

2.2.2 Welzijn

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

Welzijn gaat over hoe inwoners hun leven ervaren. Hoe kunnen ze volop meedoen, bijvoorbeeld door werk, vrijwilligerswerk of zinvolle dagbesteding? Hoe leven ze samen in dorp en wijk? Hoe voelen ze zich van betekenis? 

Terug naar navigatie - Trends en ontwikkelingen

De komende jaren zal het aantal ouderen (60+) in onze gemeente groeien. Het aantal kinderen zal verder dalen. Dit betekent vergrijzing van onze gemeente. Aanvullend wordt de groep oude ouderen (75+) groter. Dit noemen we dubbele vergrijzing. De landelijke overheid vindt het belangrijk dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig (thuis) wonen. 

Met de doorontwikkeling van Sociale Veerkracht willen we betere oplossingen voor en met onze inwoners realiseren, zoals algemene voorzieningen. Hierin wordt het informele veld belangrijker en wordt minder beroep gedaan op de (steeds schaarser wordende) professionele (en duurdere zorg). Het versterken van het informele veld is een randvoorwaarde voor de doorontwikkeling van sociale veerkracht en ook om deze verandering en omslag te kunnen maken. Met het informele veld bedoelen we: maatschappelijke organisaties zoals Kwartier Zorg en Welzijn, vrijwilligersorganisaties zoals Humanitas, de Kleding -en Voedselbank en (groepen) inwoners.

Samenwerken welzijn en sociale teams
Ondersteuningsvragen van inwoners pakken we zo laagdrempelig mogelijk op. Door aansluiting van het welzijnswerk binnen de teams maken we meer voorliggende ondersteuning mogelijk, liefst in groepsverband. Dit zorgt ervoor dat er minder vaak een beroep hoeft te worden gedaan op professionele zorg en ondersteuning.

Niet alle inwoners zijn bij de gemeente goed in beeld. We zijn bezig om inwoners te bereiken die nog niet (voldoende) in beeld zijn, zoals nieuwkomers (inzet van Humanitas), inwoners die eenzaam zijn (aanbod Kwartier Zorg en Welzijn).

Gezond en Actief Leven akkoord (GALA) en Integraal Zorgakkoord (IZA)
In het GALA en IZA maken gemeenten en verschillende (zorg)partijen afspraken over de doelen voor de komende jaren. Deze landelijke akkoorden werken door in de regio en lokaal. In het GALA zijn de doelen en afspraken gericht op preventie ten behoeve van gezondheid en welbevinden. De gemeente heeft hiervoor in 2023 een integraal plan van aanpak Preventie opgesteld. We sluiten vooral aan op wat we in onze gemeente al doen op het gebied van preventie. 

Wonen en zorg
De regering vindt huisvesting erg belangrijk en heeft daarom een Nationale Woon -en Bouwagenda met zes programma’s opgezet. De minister praat met provincies, gemeenten (VNG) en woningcorporaties (Aedes) over passende huisvesting en de bouwopgaven. De regering stelt ook eisen aan gemeenten om een integrale visie op huisvesting en zorg voor ouderen en andere aandachtsgroepen op te stellen. Hier hebben wij al voorwerk voor gedaan. Er is een 10 punten plan opgesteld; een praktische uitwerking gericht op een beperkt aantal kwetsbare groepen. De vergrijzing en het langer zelfstandig thuis wonen brengen dus een aantal uitdagingen met zich mee op het gebied van wonen, (zorg)voorzieningen en vervoer. Daar liggen ook kansen. Met nieuwe ideeën over woonvormen, bijvoorbeeld.  Hoe is een wijk of dorp daarvoor ingericht. En met nieuwe technologie, zoals digitale middelen voor communicatie en zorg. Het goed kunnen gebruiken van digitale middelen is daarbij belangrijk. Tegelijkertijd blijft echt menselijk contact voorop staan.

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - Wat willen we bereiken?

a. Het verbeteren van de weerbaarheid van inwoners met psychosociale klachten

Terug naar navigatie - a. Het verbeteren van de weerbaarheid van inwoners met psychosociale klachten

Gezondheid en welbevinden gaat niet alleen over hoe iemand zich lichamelijk voelt. Een groot aantal inwoners komt regelmatig bij de huisarts met psychosociale problemen. Zeker in het aardbevingsgebied komen psychosociale problemen veel voor. Deze problemen gaan vaak samen met lichamelijke klachten, somberheid, angst, stress en een ongezonde leefstijl. Artsen verwijzen patiënten nog vaak door naar medische of psychologische zorg. Een medische of psychologische behandeling is echter niet altijd nodig. Mensen kunnen in die situaties beter geholpen zijn bij mogelijkheden om zich weer lekkerder in hun vel te voelen en om sociaal actiever te zijn. Wij willen deze inwoners helpen om weer perspectief te krijgen en een betekenisvol leven te kunnen leiden. 

Acties

b. Het bevorderen van het welbevinden van ouderen (60+) waarbij eigen regie en zelfredzaamheid het uitgangspunt is

Terug naar navigatie - b. Het bevorderen van het welbevinden van ouderen (60+) waarbij eigen regie en zelfredzaamheid het uitgangspunt is

Vooral de groep 70/80-jarigen zal de komende jaren toenemen, de zogenaamde dubbele vergrijzing. Doordat de groep ouderen steeds groter wordt en de gemiddelde leeftijd hoger, willen we inzetten op deze doelgroep. We willen dat ouderen zo lang mogelijk mee kunnen blijven doen in de samenleving en zelf, of met ondersteuning, de regie over hun leven kunnen blijven voeren. In 2021 is het Beleidsplan Ouderen Midden-Groningen 2021-2024 vastgesteld. Op basis van de uitkomsten van het Rekenkameronderzoek (mei 2023) is in 2024 met de doelgroep een uitvoeringsagenda op voor de periode tot en met 2024 opgesteld. Voor 2025 wordt op soortgelijke wijze met de doelgroep een uitvoeringsagenda voor 2025 opgesteld.

Acties

c. Versterken van de informele ondersteuning

Terug naar navigatie - c. Versterken van de informele ondersteuning

Inwoners in onze gemeente zetten zich graag in voor anderen. Deze samenredzaamheid vinden wij belangrijk.

Vrijwilligerswerk en mantelzorg zijn vormen van informele ondersteuning. Deze ondersteuning willen we versterken. Hiervoor ondersteunen we mantelzorgers, vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties. Dit doen we door kennis en ervaring te vergroten en door goede informatie en advies te geven over wat allemaal mogelijk is. Daarnaast doen we dit door het waarderen van mantelzorgers en vrijwilligers met het mantelzorgcompliment en organiseren van 'Vrijwilligers Bedankt!'. De steunpunten Mantelzorg en de vrijwilligerscentrale van Kwartier Zorg en Welzijn zetten hierop in. 

Indicatoren

Terug naar navigatie - Indicatoren
Indicatoren 2022 2023
Welzijn op recept
- Aantal toeverwijzingen 328 335
- Toename gevoel van welzijn - 63%
Grip en Glans 2022 2023
- Aantal deelnemers - 37
- Aantal cursussen - 5
Vrijwilligers 2022 2023
- Aantal inschrijvingen vacaturebank 71 127
- Aantal geslaagde bemiddelingen 98 137
- Aantal hulpvragen Vrijwillige Hulpdienst 198
Mantelzorgers 2022 2023
- Aantal geregistreerde mantelzorgers 1.021 858*
- Aantal vrijwilligers Luisterend Oor 13 14
- Aantal Respijtvrijwilligers 8 6
*het vrijwilligersbestand is geactualiseerd, dit verklaart de afname van het aantal
 geregistreerde mantelzorgers

2.2.3 Wmo

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

We voeren de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) uit. Met de Wmo ondersteunen we inwoners met een beperking en/of met chronische, psychische of psychosociale problemen. De problemen kunnen gaan over zelfredzaamheid en meedoen. We helpen zoveel mogelijk in de eigen thuissituatie en leefomgeving. Als dit niet kan, bieden we tijdelijk opvang. 

Onze Wmo-medewerkers beoordelen aanvragen voor ondersteuning. Ze voeren gesprekken met inwoners om hun behoeften en situatie te begrijpen. Ze stellen daarna passende ondersteuning vast. We regelen dat de ondersteuning wordt gestart. We houden de kwaliteit van de geleverde diensten goed in de gaten.

We maken gebruik van algemene voorzieningen en bieden ook maatwerkvoorzieningen aan. Bij de uitvoering toetsen we altijd aan de Wet. We houden toezicht op de uitvoerende organisaties. 

Terug naar navigatie - Trends en ontwikkelingen

De komende jaren zullen onze inwoners vaker een beroep doen op ondersteuning via de WMO. Dit komt doordat er meer ouderen zijn en omdat het belangrijk is dat mensen zelfstandig wonen, ook als ze ouder worden. De hulp die nodig is, wordt ook zwaarder en ingewikkelder.

Wonen en zorg

Als gevolg van de Wet versterking regie volkshuisvesting (Wvrv) gaat er veel veranderen. Dit heeft ook gevolgen voor het thema wonen en zorg. Zo wordt het schrijven van een woonzorgvisie verplicht. In de woonzorgvisie schrijven we op hoe we aan kijken tegen wonen en zorg voor de langere termijn. Dit is onder andere belangrijk omdat er te weinig woningen zijn voor verschillende doelgroepen. We maken afspraken over het aantal sociale huurwoningen en wie daarvoor in aanmerking komt. Verder maken we afspraken met zorgpartijen over de zorg van de toekomst. Ook omdat er in de toekomst meer ouderen zijn die zorg nodig hebben. 

Gezond en Actief Leven akkoord (GALA) en Integraal Zorgakkoord (IZA)

In het GALA en het IZA maken we afspraken over de zorg van de toekomst. We vinden het belangrijk dat mensen gezond leven. Op die manier voorkomen we dat mensen zorg nodig hebben. Dat is belangrijk omdat er in de toekomst meer mensen zijn die zorg nodig hebben. Dat komt omdat mensen steeds ouder worden en de groep mensen van 65 jaar en ouder groter wordt. We maken afspraken met huisartsen en zorgpartijen over wie wat doet in de zorg en op welke manier. Op die manier wordt de zorg niet veel duurder en zijn er ook in de toekomst genoeg mensen die de zorg kunnen geven die nodig is. 

Afschaffing abonnementstarief

Het is de verwachting dat per 1 januari 2026 het abonnementstarief afgeschaft wordt en er weer een inkomensafhankelijke eigen bijdrage van de inwoner gevraagd wordt. Dit moet nog beslist worden door de Tweede Kamer.

Beschermd Wonen en opvang

Het geld dat van het Rijk komt wordt vanaf 2025 op een andere manier verdeeld over de regio's en gemeenten. Hierdoor ontvangen we in 2025 minder geld voor beschermd wonen. Vanuit onze visie ontwikkelen we alternatieve oplossingen waarbij inwoners eerder perspectief hebben op zelfstandige wonen, met begeleiding waar en zolang dat nodig is. Hierdoor zal de behoefte aan Beschermd Wonen afnemen. We  hebben in de regio als doel gesteld dat er in 2030 geen dakloze mensen meer zijn.

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - Wat willen we bereiken?

a. Inwoners zijn betrokken bij beleid en uitvoering

Terug naar navigatie - a. Inwoners zijn betrokken bij beleid en uitvoering

We willen aan inwoners vragen wat ze van ons beleid en de uitvoering vinden. We spelen in op vragen en ontwikkelingen in de samenleving. We betrekken bij voorkeur de inwoners vooraf, zoals bij de uitvoeringsagenda ouderenbeleid of bij de regenboogagenda.

Acties

b. Inwoners zijn zelfredzaam binnen hun eigen mogelijkheden

Terug naar navigatie - b. Inwoners zijn zelfredzaam binnen hun eigen mogelijkheden

We willen met ondersteuning inwoners helpen. Zodat zij zo lang mogelijk mee kunnen doen en zelfstandig thuis kunnen blijven wonen. We werken aan een betere samenwerking tussen Wmo, Jeugd en Participatiewet.  We onderzoeken of de ondersteuning goed genoeg is. En of het geld op de goede plek terecht komt.

Acties

Indicatoren

Terug naar navigatie - Indicatoren

Wmo:

PGB:
Aantal cliënten, aantal uren, dagdelen per week
Deze aantallen voor BG, Dagbesteding, HH1, HH2

 

Zorg in Natura:
Aantal cliënten, aantal uren, dagdelen per week
Deze aantallen voor BG basis en plus, Dagbesteding, Dagbesteding plus,  HH1, HH2

Aantallen behandelde casuïstiek in omgekeerde toets

 

 

Zorg in Natura 2020 2021 2022 2023
Aantal cliënten Per week Aantal cliënten Per week Aantal cliënten Per week Aantal cliënten Per week
BG Basis 549 1.637 uren 537 1.492 uren 524 1.291 uren 517 1.195 uren
BG Plus 73 261 uren 58 212 uren 32 128 uren 21 83 uren
Dagbesteding Basis 249 1.211 dagdelen 249 1.213 dagdelen 232 1.095 dagdelen 215 990 dagdelen
Dagbesteding Plus 20 104 dagdelen 16 74 dagdelen 12 52 dagdelen 11 45 dagdelen
HH1 1.657 3.918 uren 1.751 4.062 uren 1.816 4.137 uren 1.931 4.311 uren
HH2 150 401 uren 132 341 uren 119 299 uren 102 262 uren
PGB 2020 2021 2022 2023
Aantal cliënten Per week Aantal cliënten Per week Aantal cliënten Per week Aantal cliënten Per week
BG 142 875 uren 109 529 uren 73 383 uren 53 254 uren
Dagbesteding 28 137 dagdelen 25 120 dagdelen 18 66 dagdelen 18 65 dagdelen
HH1 43 143 uren 35 110 uren 29 95 uren 26 80 uren
HH2 2 7 uren 2 7 uren 0 0 uren 0 0 uren

2.2.4 Jeugd, jeugdgezondheidszorg en onderwijs

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

De jeugd is de toekomst. In onze gemeente wonen ongeveer 12.000 kinderen onder de 18 jaar, voor het merendeel in een gezin . We willen graag dat deze kinderen kansrijk en veerkrachtig opgroeien.  Als gemeente dragen we bij aan een omgeving waarin dat mogelijk is.  Dat doen we op verschillende manieren. We verrijken het onderwijs,  stimuleren een gezonde leefstijl en een veilig en stabiel thuis, organiseren ondersteuning van de omgeving of van professionals en leren vaardigheden aan  om stress en tegenslag het hoofd te bieden.  Daarmee realiseren we een stevige pedagogische basis, die de ontwikkeling van kinderen stimuleert en ouders ondersteunt bij het opvoeden. Een stevige basis draagt bij aan het gezond, veilig en kansrijk opgroeien en helpt bij het omgaan met alledaagse problemen.

De basis  voor het versterken van de sociale veerkracht zijn wettelijke taken voor jeugd, volksgezondheid, kinderopvang en onderwijs:  de Jeugdwet, Wet publieke gezondheid, Wet primair onderwijs, en Wet Kinderopvang.  Daarnaast hebben we keuzes gemaakt binnen de beleidsruimte die de wettelijke kaders bieden. Die zijn uitgewerkt in de visie Sociale Veerkracht, de Regiovisie Jeugd, het Onderwijskansenakkoord, de Gemeenschappelijke regeling Publieke gezondheid en zorg en in verordeningen en nadere regels. 

De ondersteuning op basis van de Jeugdwet beslaat ongeveer € 36,5 miljoen van het totaal van ongeveer € 41 miljoen. We investeren in preventie met voorliggende en algemene voorzieningen (ongeveer € 1 miljoen) en bieden hulp waar dat nodig is. Die hulp, 'zorg in natura' en PGB, kopen we regionaal in (via de RIGG) en wordt toegekend door wettelijke verwijzers, waarvan de gemeentelijke sociale teams er één zijn. De omvang van deze hulp is ruim € 33 miljoen. 

Jeugdgezondheidszorg is onderdeel van de wet Publieke Gezondheid, die we uitvoeren in de Gemeenschappelijke regeling GGD. Met dit onderdeel is voor onze gemeente jaarlijks ongeveer € 2,7 miljoen gemoeid. Het gaat om reguliere wettelijke taken. Uw raad kan jaarlijks een zienswijze indienen op het jaarplan en de begroting van de GGD. 

In dit hoofdstuk beschrijven we de gemeentelijke ambitie op het gebied van jeugd, jeugdgezondheidszorg en onderwijs. Deze ambitie wordt vertaald naar doelstellingen en acties.

Terug naar navigatie - Trends en ontwikkelingen

Hervormingsagenda Jeugd
Doel van de in 2023 vastgestelde Hervormingsagenda is het verbeteren van de kwaliteit en financiële houdbaarheid van het jeugdhulpstelsel. De financiële opgave betreft een oplopende besparing van landelijk € 1 miljard en voor Midden-Groningen € 400.000 in 2025, oplopend naar € 3,8 miljoen in 2026 en € 4 miljoen vanaf 2027.  Door onder meer de inzet van Ondersteuners Jeugd en Gezin bij de huisarts heeft Midden-Groningen al € 800.000 structureel bespaard. Uitwerking van de Hervormingsagenda moet voor Midden-Groningen in de komende jaren nog eens een besparing van € 800.000 opleveren. De thema’s waarin dat gerealiseerd moet worden zijn stevige lokale toegang, reikwijdte jeugdhulp, voorkomen van residentiële jeugdhulp, standaardisatie en verbinding met aanpalende domeinen (onderwijs, jeugdgezondheid, welzijn, participatie). Voor de toegang en de lokale teams is er een richtinggevend kader met basiskenmerken waaraan voldoen moet worden. Intussen stijgen de kosten van de jeugdzorg nog steeds, waar het beroep op hulp zich stabiliseert. Alle gemeenten hebben met deze kostenstijging te maken. Een onafhankelijke deskundigencommissie zal beoordelen of gemeenten zich voldoende inspannen om de afgesproken doelen te realiseren. De deskundigencommissie neemt daar ook autonome ontwikkelingen in mee. Gemeenten moeten jaarlijks een monitor invullen over de vorderingen met de Hervormingsagenda. 

Transformatie Lokale toegang
We zien in onze gemeente nog steeds een groei in het gebruik van de jeugdzorg. Hier ligt dus een forse opgave voor onze gemeente de komende jaren. Hoe houden we de balans tussen wat kinderen en gezinnen nodig hebben en het beschikbare budget daarvoor?  Met onze eigen beheersmaatregelen zetten we in op het beter en goedkoper maken van de jeugdzorg. Deze beheersmaatregelen gaan uit van de principes van onze visie Sociale veerkracht. We hebben in 2024 geconcludeerd dat het strategisch partnerschap vanuit  Kwartier ontbreekt om de afgesproken doelen te realiseren rond een stevige lokale toegang en sociale teams neer te kunnen zetten.  In het 3e kwartaal 2025 legt het college de raad een voorgenomen besluit voor hoe het college deze uitvoering van de sociale teams uiterlijk januari 2028 vorm wil gaan geven.  

Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming 
De ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en Justitie en Veiligheid werken aan het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming. Gezinnen worden nu te weinig gezien en gehoord als het gaat om ingrijpende maatregelen zoals een Onder Toezicht Stelling (OTS) of een uithuisplaatsing. De ministeries willen dat de jeugdbescherming effectiever en slimmer wordt georganiseerd. Het toekomstscenario gaat uit van vier basisprincipes: gezinsgericht, rechtsbeschermend en transparant, eenvoudig en lerend. De verandering van jeugd en gezinsbescherming zal 5 tot 10 jaar duren. Er zijn proeftuinen gestart om ervaring op te doen met de nieuwe manier van werken. Het Rijk onderzoekt wat wel en niet werkt. Binnen de provincie Groningen zijn in juni 2024 pilots gestart in drie gemeenten: Westerwolde, Westerkwartier en Groningen. Zowel landelijk als regionaal wordt onderzocht wat goed werkt. Dit levert informatie in 2025 over hoe we lokale teams moeten inrichten.  

Nationaal Programma Groningen 
Vanuit het NPG wordt er gewerkt aan een goede toekomst voor iedereen. De projecten  Tijd voor Toekomst en Moeders van Midden-Groningen zijn er voor onze kinderen en jongeren. Daarnaast dragen ze bij aan sociale veerkracht en is er verbinding met andere projecten zoals NPG Ervaringsdeskundigen in armoede en sociale uitsluiting. De NPG-projecten zijn verder uitgewerkt in hoofdstuk 2.5.4.

Onderwijs
In Nederland bepaalt het opleidingsniveau en inkomen van ouders in grote mate de kansen op school. Zo lopen kinderen die opgroeien in een arm gezin een grotere kans om niet terecht te komen op het niveau dat bij hun talenten past. We zetten daarom extra in op het versterken van onderwijskansen. Dit doen we door het onderwijskansenakkoord uit te voeren en  het onderwijs te verrijken met een aanvullend aanbod.  We zetten in op uitbreiding  van dit aanbod vanuit de kansen die Nij Begun biedt.  We experimenteren vanuit Tijd voor Toekomst op het Aletta Jacobscollege met verrijkt aanbod om zoveel mogelijk jongeren mee te laten doen in het onderwijs. 

 

 

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - Wat willen we bereiken?

a. Kwalitatief hoogwaardige en efficiënte jeugdhulp

Terug naar navigatie - a. Kwalitatief hoogwaardige en efficiënte jeugdhulp

We willen het sociaal domein transformeren. Dat doen we door jeugdhulp waar mogelijk goedkoper en beter te maken. We gaan aan de slag met de gemeentelijke toegang, lokale inkoop en hebben  aandacht voor kostenbesparingsmogelijkheden. Een belangrijke verandering is de regievoering op de toegang tot jeugdhulp. De gemeente gaat meer regievoeren en sturen op de toegang tot jeugdhulp.

 

 

Acties

b. Kinderen krijgen gelijke kansen in het onderwijs

Terug naar navigatie - b. Kinderen krijgen gelijke kansen in het onderwijs

We willen dat alle kinderen kansrijk opgroeien. Achterstanden en uitval willen we voorkomen. 

Alle peuters moeten een goede start kunnen maken in het basisonderwijs. Peuters die een duwtje in de rug nodig hebben, kunnen extra uren naar de peuterspeelzaal. Daar krijgen ze een ondersteunend taal- en rekenaanbod (voorschoolse educatie, VE).  Risico's worden zo snel mogelijk herkend en van de doelgroepkinderen neemt meer dan 75% deel aan voorschoolse educatie.  Dit aanbod is van goede kwaliteit en er is veel aandacht voor samenwerking met ouders en een goede overdracht naar het basisonderwijs. 

We dagen kinderen en jongeren uit om hun talenten te ontwikkelen. Hiervoor verbinden we het onderwijs met welzijn, sport en cultuur. Kansrijk opgroeien stimuleren we ook door te werken aan samenhangende ondersteuning met het kind/gezin als uitgangspunt. Dit vraagt om een goede samenwerking kind-gezin-onderwijs-omgeving-ondersteuning. Ondersteuning is gericht op normaliseren en het vergroten van veerkracht. 

Wij helpen jongeren daarom om zo lang mogelijk op school te blijven. We controleren op naleving van de leerplicht en werken we aan het voorkomen van voortijdig schoolverlaten. Steeds meer jongeren stoppen met school voordat zij een diploma hebben. Jongeren zonder diploma zijn vaker werkloos en afhankelijk van een uitkering.  Onze leerplichtambtenaren doen dit door ervoor te zorgen dat kinderen die verzuimen weer snel naar school gaan. Hiervoor werken zij samen met ouders, scholen en soms ook de jeugdhulp. Voor de oudere leeftijdsgroep van 16 tot 23 jaar hebben we een regionale aanpak. Die bestaat uit een pakket aan maatregelen met als doel jongeren die dat kunnen een diploma te laten behalen op minimaal HAVO-, VWO- of MBO 2-niveau.  Dit is regulier beleid dat jaarlijks wordt uitgevoerd. De belangrijkste indicatoren zijn:
- Deelnamepercentage voorschoolse educatie
- Aantal voortijdig schoolverlaters
- Aantal deelnemers leerlingenvervoer

Acties

c. Kinderen krijgen onderwijs in een stimulerend, veilig en toekomstbestendig schoolgebouw

Terug naar navigatie - c. Kinderen krijgen onderwijs in een stimulerend, veilig en toekomstbestendig schoolgebouw

We hebben een wettelijke zorgplicht voor huisvesting van het primair en voortgezet onderwijs. Dit gaat over nieuwbouw, uitbreiding en renovatie van een school, herstel van constructiefouten en herstel en vervanging in verband met schade. 

Acties

d. Volwassenen kunnen meedoen in onze samenleving doordat ze voldoende geletterd zijn

Terug naar navigatie - d. Volwassenen kunnen meedoen in onze samenleving doordat ze voldoende geletterd zijn

Iedereen moet kunnen meedoen in de samenleving. Echter, te veel inwoners hebben nog moeite met lezen, rekenen en het gebruiken van een computer of smartphone. Om mee te kunnen doen heb je deze vaardigheden wél nodig. Vanuit WEB-middelen en extra gelden via centrumgemeente Groningen zetten we in op de aanpak laaggeletterdheid voor volwassenen. In de paragrafen over VVE en onderwijs wordt omschreven op welke manier we investeren in leesbevordering bij kinderen.

 

 

 

Acties

Indicatoren

Terug naar navigatie - Indicatoren
Aantal voortijdige schoolverlaters 2019/2020 2020/2021 2021/2022 2022/2023
Aantal voortijdige schoolverlaters 123 109 121 108
Percentage voortijdige schoolverlaters landelijk 1,7 1,9 2,3 2,4
Percentage voortijdige schoolverlaters Midden-Groningen 2,05 2,31 2,63 2,44
Veiligheid 2020 2021 2022 2023
Aantal medewerkers sociaal team die getraind zijn in traumasensitief werken x x x 8
Aviesvragen Veilig Thuis 263 290 257 *
Meldingen Veilig Thuis 422 392 385 352
Aantal kinderen betrokken bij huiselijk geweld/kindermishandeling 560 506 267 244
Overdracht van Veilig Thuis naar sociaal team 295 251 280 253
x niet bekend
* cijfers regionaal worden niet meer per gemeente uitgesplitst
Preventie 2020 2021 2022 2023
Aantal deelnemers GGD
Stevig ouderschap 12 gezinnen 8 gezinnen prenataal 10 gezinnen prenataal 7 gezinnen prenataal
12 gezinnen regulier 10 gezinnen regulier 11 gezinnen regulier
2 grote gezinnen 2 grote gezinnen
Nu niet zwanger (opgeschaalde casus) 11 9, waarvan 11 anticonceptie 25, waarvan
7 anticonceptie 20 anticonceptie
Voorzorg gestart N.v.t. 2 3 gestart, 4 lopend 3 gestart
Monitoring buurtgezinnen N.v.t.
Vraaggezinnen 4 18 31
Steungezinnen 16 26 37
Koppelingen 0 7 12
Aantal bereikte jongeren via jongerenwerk 45 170 53 125
individuele coaching
Verbeteren Jeugdhulp 2020 2021 2022 2023
Aantal unieke cliënten met minimaal 1 jeugdhulp 1891 1988 1991 1993
met minimaal 1 jeugdhulpindicatie (bron Power BI)
Saldo in- en uitstroom jeugdhulp -140 -111 -91 19
ten opzichte van vorig jaar
Gemiddeld rapportcijfer jeugdhulp 7.8 7.3 7.5 7
Aantal uithuisplaatsingen (cijfers JB Noord) 18 8 11 4
en 4 verlengingen en 10 verlengingen en 8 verlengingen en 20 verlengingen

2.2.5 Participatiewet

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

BWRI (Bedrijf voor Werk, Re-integratie en Inkomen) voert de Participatiewet uit.  Hierbij is het doel dat we inwoners daar waar nodig helpen om (weer) volwaardig mee te kunnen doen aan de samenleving. Dit doen we bij voorkeur richting betaald werk. Daarnaast zetten we ook in op persoonlijke ontwikkeling, vrijwilligerswerk en op maatschappelijke en sociale activering.  Inwoners die de stap naar werk (nog) niet kunnen maken en kinderen ondersteunen we vanuit de bijzondere bijstand.  Vanuit het Doorstroompunt hebben we een verbindende rol in onze arbeidsmarktregio, waarbij wordt samengewerkt om jongeren op de goede weg te helpen. Het gaat hierbij om hulp aan jongeren van 18 tot 23 jaar die zonder startkwalificatie uitvallen van school.  We werken aan een ontwikkelbedrijf waar niet alleen alle inwoners met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt zich kunnen ontwikkelen, maar ook onze inwoners uit een bredere doelgroep terecht kunnen.

Inwoners met een inkomen op het sociaal minimum krijgen daar waar nodig financiële hulp, zodat ze alle noodzakelijke kosten kunnen betalen. 

Vanuit het Rijk ontvangen we financiële middelen voor: 

  • het ontwikkelen van talenten van inwoners
  • het organiseren van beschermde werkplekken 
  • het verstrekken van uitkeringen als betaald werk (nog) niet lukt
  • extra  ondersteuning voor inwoners met een laag inkomen

Ambities

Terug naar navigatie - Ambities

Iedere inwoner kan op een volwaardige manier meedoen aan de samenleving. 

We stellen onze inwoners in staat om hun talenten (verder) te ontwikkelen en deze in te zetten, bij voorkeur richting betaald werk. 

Iedere inwoner kan in zijn levensonderhoud voorzien en heeft daarnaast genoeg geld om mee te kunnen doen aan sociale activiteiten, zodat niemand onbedoeld aan de zijlijn komt te staan. 

Terug naar navigatie - Trends en ontwikkelingen

Ondanks het economische klimaat waarin veel vraag is naar personeel zien we, dat inwoners met een bijstandsuitkering met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt en/of gestapelde problematiek, hier maar moeilijk van kunnen profiteren. Dit vraagt vaak om specifieke begeleiding, inzet van voorzieningen en om aangepast werk.

Onze gemeente heeft met het sociaal ontwikkelbedrijf BWRI een eigen plek waar alle inwoners die een zetje in de rug nodig hebben zich kunnen ontwikkelen. Ze kunnen hier scholing volgen of werkervaring opdoen. Het sociaal ontwikkelbedrijf biedt ook betaalde banen voor inwoners die (nog) niet bij een reguliere werkgever aan de slag kunnen. Nieuw onderdeel van het sociaal ontwikkelbedrijf is dat we niet alleen hulp bieden aan inwoners met een bijstandsuitkering, maar dat alle inwoners met een ontwikkelvraag bij ons terecht kunnen. Samen met de inwoner kijken we wat ervoor nodig is om stappen op de arbeidsmarkt mogelijk te maken. Hierbij is het doel dat inwoners actief worden en blijven richting duurzame inzetbaarheid.  Bij voorkeur wordt hiervoor ons eigen sociaal ontwikkelbedrijf ingezet, maar soms past een ander aanbod beter. In dat geval zorgen we ervoor dat de inwoner daar wordt geplaatst en blijven we betrokken door het bieden van begeleiding en ondersteuning gedurende het traject.

Met de komst van de Participatiewet in balans zal de focus veel meer komen te liggen op (individuele) toepassing van de menselijke maat in plaats van werken vanuit regelgeving. Vanuit vertrouwen en de samenwerking met onze inwoners wordt de persoonlijke situatie centraal gesteld. Vooruitlopend hierop ligt de focus al meer op maatwerk en zetten we de omgekeerde toets in. Het is op dit moment nog onzeker wanneer deze wet daadwerkelijk in werking zal treden, maar heeft vooralsnog een beoogde ingangsdatum van 1 januari 2025. 

Vanuit de recent uitgevoerde evaluatie minimabeleid zijn een aantal aanbevelingen naar voren gekomen die nader worden uitgewerkt. Doel: beter bereik van voorzieningen voor alle inwoners met een inkomen op of onder het sociaal minimum. 

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - Wat willen we bereiken?

a. De financiële hulp past goed bij wat onze inwoners met een laag inkomen nodig hebben.

Terug naar navigatie - a. De financiële hulp past goed bij wat onze inwoners met een laag inkomen nodig hebben.

We vinden het belangrijk dat alle inwoners mee kunnen doen aan sportieve, culturele of andere sociale activiteiten. Het mag niet zo zijn dat inwoners door te weinig geld moeten afhaken. Hierbij hebben we extra aandacht voor kinderen, waarbij we intergenerationele armoede willen tegengaan en/of doorbreken door kinderen een kans te geven zich volop te ontwikkelen. Dit doen we bijvoorbeeld door de inzet van het Meedoenfonds, Jeugdfonds Sport- en Cultuur en Stichting leergeld. 

We verstrekken subsidies aan maatschappelijke organisaties die binnen onze gemeente een belangrijke rol spelen om armoede tegen te gaan. Hiermee kunnen inwoners met een laag inkomen worden geholpen. Het gaat onder andere om: Kledingbank Maxima, Voedselbank, Stichting Urgente Noden, Jeugdfonds Sport en Cultuur, Stichting leergeld en Vereniging Humanitas. 

Financieel ondersteunen we inwoners door de inzet van bijvoorbeeld bijzondere bijstand, inkomenstoeslag en de aanvullende ziektekostenverzekering. 

Vanuit het Rijk hadden we de mogelijkheid om in 2023 -2024 een energietoeslag uit te keren aan inwoners met een laag inkomen. Mede als gevolg hiervan hebben we een toename gezien in het bereik van het Meedoenfonds. Dit heeft over 2023 geresulteerd in een extra realisatie, welke is meegenomen in zowel de Voorjaarsnota 2024 als de Programmabegroting 2025.

Het minimabeleid is in 2023-2024 geëvalueerd. De aanbevelingen hieruit worden in kaart gebracht om ervoor te zorgen dat de minimaregelingen voor zoveel mogelijk inwoners toegankelijk worden. Eén van de aanbevelingen is het verbeteren van de communicatie en de dienstverlenging rondom de regelingen. Hier gaan we het komende jaar mee aan de slag, waarin ook onze afdeling communicatie een belangrijke rol zal spelen. Niet alleen krijgt de website een noodzakelijke update ook wordt er nagedacht hoe we onze minder digitaal vaardige inwoner zo goed mogelijk kunnen bereiken.  Hierin betrekken en informeren we de eigen uitvoering en de ketenpartners beter. Naar verwachting zal dit zorgen voor een toename in het bereik van onze minimaregelingen. Om deze verwachte toename op te kunnen vangen is in zowel de Voorjaarsnota 2024 als de Programmabegroting 2025 hiervoor een bedrag opgenomen. 

Acties

b. Inwoners hebben een betaalde baan. Als dat (nog) niet lukt, dan blijven inwoners hun talenten en mogelijkheden gebruiken

Terug naar navigatie - b. Inwoners hebben een betaalde baan. Als dat (nog) niet lukt, dan blijven inwoners hun talenten en mogelijkheden gebruiken

Wij maken meedoen mogelijk met als doel om inwoners te helpen aan een betaalde baan. Betaald werk zorgt voor een eigen inkomen en geeft de beste kans om armoede te voorkomen of om weer financieel zelfredzaam te worden. Als betaald werk (nog) niet lukt, dan ondersteunen en moedigen we inwoners aan om hun talenten (verder) te ontwikkelen en deze in te zetten, bij voorkeur richting betaald werk. Voor het vergroten van de kansen op de arbeidsmarkt voor inwoners met een bijstandsuitkering bieden we bijvoorbeeld praktijkgerichte opleidingen en werkfittrajecten aan.

Daarnaast willen we inwoners met een grote afstand tot de arbeidsmarkt blijven activeren om deel te nemen aan sociale activiteiten. Hiermee willen we bereiken, dat deze inwoners uit een eventueel sociaal isolement worden gehaald en daarmee het zelfvertrouwen wordt vergroot. 

We verwachten dat het aantal inwoners, die vanuit een uitkering naar een betaalde baan kunnen worden doorgeleid, het komende jaar niet hoger zal zijn dan in voorgaande jaren. Inwoners met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt kunnen maar moeilijk profiteren van het huidige economische klimaat. Veelal is er veel hulp, ondersteuning en begeleiding nodig bij het oplossen van verschillende problematiek voordat daadwerkelijk een stap richting werk kan worden gezet.  Hierin trekken we als arbeidsmarktregio Groningen & Noord-Drenthe gezamenlijk op. 

Werk in Zicht is het samenwerkingsverband van gemeenten, UWV, sociaal ontwikkelbedrijven en partners voor de arbeidsmarktregio Groningen en Noord-Drenthe. Vanaf 2009 werken we hierbinnen samen aan vraagstukken op de arbeidsmarkt. Deze samenwerking heeft zich steeds verder ontwikkeld, waarbij er mooie resultaten zijn behaald. Daar gaan we mee door. Hiervoor heeft Werk in Zicht het Programmaplan 2023-2027 opgesteld. De activiteiten hierin zijn gericht op drie sporen, te weten; bereiken, ontwikkelen en duurzame inzetbaarheid. Naast de inzet op re-integratie en bemiddeling van inwoners met een uitkering wordt ook ingezet op onbenut arbeids- en ontwikkelpotentieel. Hiermee willen 20.000 inwoners een stap vooruithelpen.  

Acties

c. Inwoners met een arbeidsbeperking kunnen een eigen inkomen verdienen

Terug naar navigatie - c. Inwoners met een arbeidsbeperking kunnen een eigen inkomen verdienen

Inwoners met een arbeidsbeperking ervaren vaak een drempel om de stap te maken naar een betaalde baan. Deze arbeidsbeperking zorgt er bijvoorbeeld voor dat de inwoner langzamer werkt, meer uitleg nodig heeft of alleen in een beschermde omgeving kan werken. Wij helpen deze inwoners bij het vinden en behouden van een betaalde baan o.a. door plaatsing op een afspraakbaan of een beschutte werkplek. Ook kan er sprake zijn van een vergoeding voor een werkplekaanpassing. De meerwaarde vanuit het sociaal ontwikkelbedrijf is gericht op de inzet van bijvoorbeeld jobcoaching, nazorg en werkgeversdienstverlening.

Inwoners die door een arbeidsbeperking minder productief zijn begeleiden we naar een reguliere werkgever door ze te plaatsen op een afspraakbaan. Het gaat hier om inwoners die niet zonder ondersteuning of begeleiding kunnen werken, maar geen beschutte werkplek nodig zijn. Voor het in dienst nemen van deze inwoner ontvangt de werkgever een subsidie.

Binnen ons eigen sociaal ontwikkelbedrijf kunnen inwoners met een arbeidsbeperking met loonkostensubsidie worden geplaatst op een beschutte werkplek, afspraakbaan of een ontwikkelbaan. Op 1 mei 2023 is voorgesteld om het verstrekkingenbeleid van de loonkostensubsidie te wijzigen. Hiermee wordt de loonkostensubsidie van deze groep werknemers binnen het sociaal ontwikkelbedrijf verhoogd van gemiddeld 50% naar 70%. Op 1 juli 2024 is dit vastgesteld in het Beleidsplan Re-integratiebeleid Midden-Groningen 2024 - 2027.

Daarnaast kan een werkgever iemand in dienst nemen uit het doelgroepenregister, waarbij deze bij ons loonkostensubsidie kan aanvragen. Ook hierin nemen we zelf initiatief bij het matchen van een inwoner met een werkgever. Met de inzet van de loonkostensubsidie wordt de werkgever gecompenseerd in de loonkosten voor een werknemer met een arbeidsbeperking die hierdoor een verminderde arbeidsproductiviteit heeft. 

 

Acties

d. Ondernemers met financiële problemen worden snel geholpen.

Terug naar navigatie - d. Ondernemers met financiële problemen worden snel geholpen.

Het Loket Zelfstandigen van de gemeente Midden-Groningen biedt kosteloos advies en begeleiding aan, gericht op zowel startende als gevestigde ondernemers. Er wordt gekeken of de startende ondernemer mogelijk in aanmerking komt voor de Bbz-regelingen of een renteloze lening en er wordt hulp geboden bij het opstellen van een ondernemers- en financieel plan. Daarnaast wordt via het loket zelfstandigen, via één of meerdere gesprekken, hulp geboden aan ondernemers op het gebied van schuldenproblematiek en wordt daar waar nodig hiervoor doorverwezen naar de Kredietbank Midden-Groningen. Ook kan de hulp betrekking hebben op het verkennen van de mogelijkheden om naast het voeren van een onderneming te werken in loondienst, het eventueel beëindigen van de onderneming en daarmee samenhangende hulp bij het vinden van een betaalde baan.  Sinds 1 mei 2021 zien we hierdoor een afname van de BBZ, omdat ondernemers eerder worden geholpen door het loket zelfstandigen.  Vanaf begin 2024 is het loket zelfstandigen geformaliseerd en heeft deze een structureel karakter gekregen binnen BWRI.

Acties

e. Inwoners die nieuw zijn in Nederland voelen zich hier thuis en kunnen snel meedoen, het liefst via betaald werk

Terug naar navigatie - e. Inwoners die nieuw zijn in Nederland voelen zich hier thuis en kunnen snel meedoen, het liefst via betaald werk

Veel nieuwkomers zijn verplicht om in te burgeren. Het gaat vooral om nieuwkomers die van buiten de Europese Unie,  IJsland, Liechtenstein, Noorwegen en Zwitserland, in onze gemeente zijn komen wonen. Inburgeren betekent dat nieuwkomers de Nederlandse taal moeten leren, weten hoe alles geregeld is in Nederland en wat onze cultuur is. Vanaf 1 januari 2022 zijn wij gedurende de inburgering, over een periode van 3 jaar, verantwoordelijk voor de begeleiding en ondersteuning van inburgeringsplichtigen. 

We zorgen dat nieuwkomers zich snel thuis voelen in onze gemeente en willen de kansen op een goed toekomstperspectief zo groot mogelijk maken. Voor een goede start willen we voorkomen dat inburgeringsplichtigen zorgen hebben over de financiële positie. Daarin werken we samen met de Kredietbank Midden-Groningen, waar ondersteuning wordt geboden in de betalingen van rekeningen gedurende de eerste 6 maanden. Voor de meer praktische zaken en de inzet op maatschappelijke begeleiding tijdens het inburgeringstraject wordt samengewerkt met Vereniging Humanitas. Het inburgeringstraject is voor elke inwoner anders en door middel van maatwerk wordt gekeken wat het best passend is bij de talenten van de inwoner.

Acties

f. Vluchtelingen uit Oekraïne worden goed opgevangen.

Terug naar navigatie - f. Vluchtelingen uit Oekraïne worden goed opgevangen.

Vanaf maart 2022 wonen er veel vluchtelingen uit Oekraïne in Nederland. Wij bieden opvang in een drietal locaties. Een aantal vluchtelingen heeft een plek gevonden bij een gastgezin. We helpen deze vluchtelingen en de gastgezinnen. We willen dat de vluchtelingen hun leven zo goed mogelijk weer oppakken. Was er in aanvang nog sprake van een individuele vergoeding van leefgeld per gezinslid, vanaf 1 februari 2023 wordt er gekeken naar de gezinssituatie en de grote van het gezin.  Hierdoor is er nu een betere aansluiting op regelingen die ook voor andere groepen gelden zoals de bijstandsuitkering. Daar waar nodig worden vluchtelingen uit Oekraïne binnen het sociaal ontwikkelbedrijf doorgeleid naar werk. De meesten vinden zelf betaald werk.  

Acties

Indicatoren

Terug naar navigatie - Indicatoren

 

   

Aantal huishoudens met een bijstandsuitkering 2021 2022 2023 2024 (Prognose) 2025 (Prognose)
Algemene bijstand 1.697 1.593 1.614 1.616 1.580
Bereik minimavoorziening 2021 2022 2023
Bijzondere bijstand (aantal huishoudens) 1.865 1.644 1.457
Individuele Inkomenstoeslag (aantal huishoudens) 1.229 1.250 1.199
Webwinkel Meedoenfonds (aantal personen) 3.604 3.891 3.875
Kledingbank Maxima (aantal personen) 1.316 2.392 ca. 2.400*
Jeugdfonds Sport en Cultuur (aantal kinderen) 223 173 288
Voorzieningenwijzer (aantal huishoudens) 220 83
Aantal inwoners die vanuit de uitkering een betaalde baan hebben gevonden 2021 2022 2023
Aantal 174 132 111
Aantal inwoners die zijn ondersteund 2021 2022 2023
Begeleid naar betaald werk 174 132 111
Ondernemers die zijn geholpen door het Zelfstandigenloket 2022 2023
Aantal ondernemers gesproken 189 110
Hulp bij problematische schulden 49 16
Begeleid naar baan of bijbaan 48 9
Begeleiding startende ondernemers 29 18
Hulp bij beëindiging onderneming 13 4
Uitstroom uit de bijstand (geheel of gedeeltelijk) 11 4
Aantal inwoners met een arbeidsbeperking die een betaalde baan heeft bij een normale werkgever 2021 2022 2023
Aantal (peildatum 31 december) 108 119 127
Aantal inwoners met een baan in de beschermde omgeving van het ontwikkelbedrijf BWRI 2021 2022 2023
Opdracht van het Rijk 37 41 44
Aantal ingevulde plekken (peildatum 31 december) 64 79 89
Aantal inburgeringstrajecten WI2021 2022 2023
Aantal gestart 82 123
Aantal lopend (peildatum 31 december) 0 147
Aantal afgerond (peildatum 31 december) 0 71
Vluchtelingen uit Oekraïne worden goed opgevangen 2021 2022 2023
Aantal vluchtelingen geholpen met leefgeld 347 255
Opmerking:
Gezien de ontwikkelingen is er gekozen voor een andere opmaak indicatoren.
* Daarnaast wordt vanuit de evaluatie minimabeleid gekeken hoe we het bereik van de
minimavoorzieningen naar de toekomst anders/beter kunnen monitoren en hoe dit op een juiste wijze
vorm te geven in de opmaak van de indicatoren.

2.2.6 Schuldhulpverlening

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

De Kredietbank Midden-Groningen voert de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) uit. Ons beleidsplan 2022-2026 met de titel: ‘samen zorgen voor rust in je geldzaken’ helpt ons hierbij. Belangrijke onderwerpen voor 2025 zijn: 

-    Het aantal inwoners met geregistreerde problematische schulden; 
-    Inwoners blijven zoveel mogelijk zelf de baas over hun eigen financiën.

Ambities

Terug naar navigatie - Ambities

Samen met onze klanten zorgen wij voor rust in geldzaken. Wij willen makkelijk bereikbaar zijn voor onze inwoners en werken op basis van vertrouwen. Wij hebben een persoonlijke aanpak en stellen onze klant centraal. Dat doen wij vanuit de overtuiging dat iedereen in Midden-Groningen recht heeft op een toekomst zonder geldzorgen.

Terug naar navigatie - Trends en ontwikkelingen

De schuldenproblemen in Midden-Groningen zijn groot. Gemiddeld heeft 8,8% van de Nederlanders geregistreerde problematische schulden. In Midden-Groningen is dit 10,4 %. (Bron: CBS, schuldenproblematiek in beeld, januari 2023) Het is daarom belangrijk dat wij zoveel mogelijk inwoners bereiken. Om hulp te bieden bij schulden, maar ook om schulden te voorkomen. Per 1 januari 2025 wordt het werk van Team Eropaf blijvend ondergebracht bij de Kredietbank Midden-Groningen. Zo kunnen wij doorgaan met het actief contact zoeken met inwoners met financiële problemen. 

Landelijke ontwikkelingen 
In 2023 heeft de overheid besloten om de periode van de schuldsanering te verkorten. Vanaf 1 juli 2023 is deze periode verkort van 36 naar 18 maanden. Hierdoor zijn inwoners sneller schuldenvrij. Vanaf 1 juli 2024 stelt de vereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren (branchevereniging NVVK) een nieuwe vorm van schuldregelen voor: het 0-aanbod tegen finale kwijting met financiële begeleiding. Wanneer een inwoner (na berekening) geen ruimte heeft om af te lossen aan schulden, wordt de schuldeisers voorgesteld om de hele schuld kwijt te schelden. De schuldeiser ontvangt geen aflossing van de openstaande schuld, maar wel de belofte dat de inwoner financiële begeleiding aangeboden krijgt om herhaling van financiële problemen te voorkomen. Op deze manier respecteren wij het vrij te laten bedrag van onze inwoners. Het vrij te laten bedrag is het minimale bedrag wat een inwoner maandelijks moet overhouden van zijn inkomen in het geval van schulden. In maart 2024 hebben het kabinet, de Vereniging Nederlandse Gemeenten, NVVK en Divosa (vereniging van leidinggevenden in het sociaal domein) afspraken gemaakt rondom de ‘basisdienstverlening schuldhulpverlening’. Het doel van deze afspraken is om ervoor te zorgen dat de hulp aan inwoners met schulden in iedere gemeente makkelijk bereikbaar is en uit dezelfde onderdelen bestaat. In deze ‘basisdienstverlening’ spelen financiële begeleiding en nazorg een grote rol. 

Regionale ontwikkelingen 
Financiële educatie (het leren over geldzaken) wordt ook binnen de regio belangrijk gevonden. Zo zijn wij actief betrokken bij de Alliantie van Kracht. Dit netwerk werkt samen met inwoners uit de veenkoloniën om armoede te doorbreken. Samen maken we plannen om in de regio financiële educatie op scholen aan te bieden. Ook binnen de sociale agenda van Nij Begun wordt er ingezet op preventie en financiële educatie. Wij sluiten aan bij deze ontwikkelingen om op deze manier financiële educatie een plek te geven in Midden-Groningen. 

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - Wat willen we bereiken?

Het percentage inwoners met geregistreerde problematische schulden is gelijk aan of lager dan het landelijk gemiddelde.

Terug naar navigatie - Het percentage inwoners met geregistreerde problematische schulden is gelijk aan of lager dan het landelijk gemiddelde.

In Midden-Groningen heeft 10,4% van de inwoners geregistreerde problematische schulden. Gemiddeld hebben 8,8% van de Nederlanders geregistreerde problematische schulden. Het verschil met het landelijk gemiddelde is 1,6%.  Wij streven er naar dat het aantal inwoners in Midden-Groningen met geregistreerde problematische schulden gelijk aan of lager dan het landelijk gemiddelde is. Team Eropaf wil inwoners met schulden zo snel mogelijk bereiken en een oplossing bieden. Bijvoorbeeld door hulp bij een betalingsregeling of een adviesgesprek bij de Kredietbank. Op deze manier willen wij schulden zo klein mogelijk te houden. Om schulden te voorkomen en onze inwoners voor te lichten over geldzaken bieden wij verschillende producten en diensten aan. Dit noemen wij preventie. Wij werken hieraan samen met onze samenwerkingspartners in het sociaal domein. 

Acties

Onze inwoners blijven zoveel mogelijk zelf de baas over hun eigen financiële situatie

Terug naar navigatie - Onze inwoners blijven zoveel mogelijk zelf de baas over hun eigen financiële situatie

Inwoners uit Midden-Groningen en klanten van de Kredietbank Midden-Groningen maken gebruik van financiële hulp die het beste past bij hun persoonlijke situatie. Hierbij kiezen we voor de vorm van hulp die het minst ingrijpend is en waarbij de inwoner zo onafhankelijk mogelijk blijft. Zo werken wij aan de veerkracht van onze inwoners.

Acties

2.2.7 Sociale teams

Inleiding

Terug naar navigatie - Inleiding

De sociale teams hebben een centrale rol in het sociaal domein. Zij zijn vaak het eerste aanspreekpunt voor inwoners die een vraag tot ondersteuning hebben. De sociale teams bieden de toegang tot zorg en ondersteuning. Ook geven ze zelf lichte ondersteuning aan inwoners op alle levensdomeinen. Dit werk van de sociale teams gebeurt vanuit de drie sociale wetten die we moeten uitvoeren: de Jeugdwet, de Wmo en de Participatiewet.
De sociale teams zijn ondergebracht bij Kwartier Zorg en Welzijn. Het welzijnswerk wordt steeds meer geïntegreerd binnen de teams.
De sociale teams zijn belangrijk voor Sociale veerkracht. Zij helpen mee aan de verandering die we willen maken. Samen met inwoners kijken ze naar wat wél goed gaat, wat mensen zelf kunnen en wat zij samen met de mensen om hen heen kunnen doen om problemen en moeilijkheden aan te pakken. Zodat er met de inwoners betere oplossingen worden gevonden.

In 2024 is geconstateerd dat het strategisch partnerschap ontbreekt, waardoor de verandering die wij met Sociale Veerkracht willen bereiken stagneert. In 2025 pakken we als gemeente deze strategische rol meer zelf op in de verwachting dat we sneller de juiste stappen kunnen gaan zetten ook in het licht van de Hervormingsagenda Jeugd en de Het Toekomstscenario Jeugdbescherming. Voor beiden zijn sterke Lokale Teams een belangrijke voorwaarde. Uiterlijk per 1 januari 2028 wil de gemeente de uitvoering van de Sociale Teams op een nieuwe manier hebben ingericht.  

Ambities

Terug naar navigatie - Ambities

De sociale teams bevorderen de veerkracht, zeggenschap en het eigenaarschap van onze inwoners, juist in die situaties waarin deze kleiner dreigen te worden. De sociale teams helpen inwoners bovendien om de kring van mensen om hen heen breder en sterker te maken.

Terug naar navigatie - Trends en ontwikkelingen

De sociale teams blijven zich ontwikkelen
De sociale teams werken sinds 2021 met vier ontwikkelvelden. Deze ontwikkelvelden zijn bedoeld om werkwijzen in de teams te verbeteren. De ontwikkelvelden hebben betrekking op de samenwerking met het onderwijs, de Openbare Geestelijke Gezondheidszorg, complexe problematiek in gezinnen en het organiseren van een integrale toegang voor de inwoner tot het gehele sociaal domein. Alle medewerkers van de teams dragen actief bij aan de ontwikkelvelden. Eind 2021 zijn de plannen van aanpak vastgesteld. De teams werken verder aan het uitvoeren van deze plannen.

Werken aan verandering met NPG-projecten
Vanuit het NPG wordt er gewerkt aan een goede toekomst voor iedereen. Verschillende projecten worden vanuit de visie Sociale veerkracht uitgevoerd. In een aantal van deze projecten hebben de sociale teams een centrale rol: bevordering sociale veerkracht , inzet van ervaringsdeskundigen in armoede en sociale uitsluiting. Met deze projecten worden nieuwe werkwijzen uitgeprobeerd om inwoners meer eigenaarschap en zeggenschap te geven en de kring rondom hen groter te maken. De NPG-projecten zijn verder uitgewerkt in programma 2.5 Gevolgen gas -en zoutwinning en lokaal programma NPG.

Beheersing kosten sociaal domein
De sociale teams bieden de toegang tot zorg en ondersteuning. Daarmee spelen ze een belangrijk rol in het beheersen van de kosten van jeugdhulp en Wmo. De sociale teams geven uitvoering aan de beheersmaatregelen en eventuele opvolging daarvan.  Voor de beheersing van de kosten jeugdhulp nemen vanaf 2025 meer regie, een uitwerking van deze regie wordt in het najaar van 2024 vorm gegeven. Zie 2.2.3 Wmo en 2.2.4 Jeugd voor meer informatie over de beheersmaatregelen.

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - Wat willen we bereiken?

a. De sociale teams begeleiden inwoners naar de juiste zorg en ondersteuning

Terug naar navigatie - a. De sociale teams begeleiden inwoners naar de juiste zorg en ondersteuning

De sociale teams hebben een belangrijke rol in het uitdragen van de visie Sociale veerkracht. We willen de werkwijzen en inrichting van de sociale teams verder ontwikkelen, zodat zij onze inwoners nog beter naar de juiste zorg en ondersteuning kunnen begeleiden. Ingezette zorg en ondersteuning heeft alleen zin als deze leidt tot een verhoging van het welbevinden van de inwoner en zijn of haar omgeving. We willen meer sturen op het resultaat van de geboden ondersteuning. Onderdeel van het sturen op resultaat is het monitoren en verbeteren van de kwaliteit van zorg en ondersteuning van jeugdhulp. Dit gebeurt middels een periodieke controle op de aanwezigheid en kwaliteit van  een plan.

Acties

b. De sociale teams werken meer samen met de welzijnsdiensten

Terug naar navigatie - b. De sociale teams werken meer samen met de welzijnsdiensten

Ondersteuningsvragen van inwoners pakken we zo laagdrempelig mogelijk op. Door aansluiting van het welzijnswerk binnen de teams maken we meer voorliggende ondersteuning mogelijk, liefst in groepsverband. Dit zorgt ervoor dat er minder vaak een beroep hoeft te worden gedaan op professionele zorg en ondersteuning.

Acties

c. Inwoners ontvangen de benodigde hulp en ondersteuning binnen de wettelijke termijnen

Terug naar navigatie - c. Inwoners ontvangen de benodigde hulp en ondersteuning binnen de wettelijke termijnen

We zetten in op het verkleinen van de wachtlijsten binnen de sociale teams en het beperken van de wachttijden tot de wettelijke termijnen.

Acties

d. De sociale teams hebben een goed beeld van de lokale ondersteuningsbehoefte en maatschappelijke uitdagingen

Terug naar navigatie - d. De sociale teams hebben een goed beeld van de lokale ondersteuningsbehoefte en maatschappelijke uitdagingen

Goed zicht op de lokale ondersteuningsbehoefte en maatschappelijk uitdagingen zorgt ervoor dat we beter kunnen inschatten of de sociale teams de goede dingen doen, en of ze de goede dingen goed doen. De sociale teams kunnen zich met de juiste informatie en gegevens ook beter en sneller aanpassen aan ontwikkelingen in de lokale samenleving.

Acties

2.2.8 Verplichte beleidsindicatoren (BBV)

indicatoren

Terug naar navigatie - indicatoren

De verplichte beleidsindicatoren zijn opgenomen in onderstaande tabel.

Verplichte beleidsindicatoren Sociaal
Naam Indicator Eenheid Peiljaar M-G Nederland
Absoluut verzuim Aantal per 1.000 leerlingen 2023 12,8 6,3
2022 10,5 4,2
2021 1,5 2,7
2020 2,3 2,7
Relatief verzuim Aantal per 1.000 leerlingen 2023 29 27
2022 24 24
2021 27 20
2020 20 20
Voortijdige schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers) % 2023 2,4% 2,4%
2022 2,7% 2,4%
2021 2,3% 1,9%
2020 2,1% 1,7%
Banen Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd 15 – 64 jaar 2023 608 836,6
2022 604,4 824,7
2021 591,5 805,1
2020 569,5 795,7
Jongeren met een delict voor de rechter % 12 t/m 21 jarigen 2022 1,0% 1,0%
2021 1,0% 1,0%
2020 1,0% 1,0%
2019 1,0% 1,0%
Kinderen in uitkeringsgezin % kinderen tot 18 jaar 2022 7,0% 6,0%
2021 8,0% 6,0%
2020 8,0% 6,0%
2019 8,0% 6,0%
Netto arbeidsparticipatie % van de werkzame beroepsbev. t.o.v. van de beroepsbev. 2023 70,1% 73,1%
2022 69,3% 72,2%
2021 67,2% 70,4%
2020 65,2% 69,6%
Werkloze jongeren % 16 t/m 22 jarigen 2022 3,0% 1,0%
2021 2,0% 2,0%
2020 3,0% 2,0%
2019 3,0% 2,0%
Personen met een bijstandsuitkering Aantal per 10.000 inwoners 2023 413,8 344,8
2022 432,1 366,7
2021 486,9 431,2
2020 547,1 459,7
Lopende re-integratievoorzieningen Aantal per 10.000 inwoners van 15 – 64 jaar 2023 542,3 191,5
2022 469,6 197,7
2021 495,7 197,7
2020 581,8 199,1
Jongeren met jeugdhulp % van alle jongeren tot 18 jaar 2023 17,2% 13,5%
2022 17,0% 13,4%
2021 16,3% 13,2%
Jongeren met jeugdbescherming % van alle jongeren tot 18 jaar 2023 1,4% 1,1%
2022 1,6% 1,2%
2021 1,6% 1,2%
Jongeren met jeugdreclassering % van alle jongeren van 12 tot 23 jaar 2023 0,5% 0,3%
2022 0,4% 0,3%
2021 0,4% 0,3%
Cliënten met een maatwerkarrangement WMO Aantal per 10.000 inwoners 2023 880 700
2022 860 710
2021 870
2020 850 700
Demografische druk % 2024 76,0% 70,4%
Toelichting: Het aantal personen van 0 tot 20 jaar én 65 jaar of ouder per honderd personen van 20 tot 65 jaar. 2023 75,4% 70,3%
2022 75,6% 70,3%
2021 75,6% 70,1%
De gegevens kunnen onderhevig zijn aan verandering en zijn overgenomen van waarstaatjegemeente.nl op peildatum 23-7-2024

2.2.9 Financieel overzicht Sociaal

Terug naar navigatie - Overzicht
Omschrijving Realisatie 2023 Begroting na wijziging 2024 Begroting 2025 Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028
Lasten
Inkomensregelingen 42.178 40.473 43.145 45.259 47.582 50.209
(Werk)Participatie 22.517 22.194 21.152 21.186 20.851 20.829
Burgerparticipatie 10.832 5.275 6.492 6.358 6.501 6.668
WMO (oude taken) 11.163 12.619 12.927 13.372 13.781 14.221
WMO Sociaal domein (nieuwe taken) 15.465 17.672 19.134 20.129 22.079 23.280
Accommodaties 1.248 1.506 1.453 1.601 1.622 1.656
Jeugd 37.460 39.116 43.561 41.009 41.554 42.905
Onderwijs 11.302 12.260 10.637 10.746 10.921 11.084
Totaal Lasten 152.165 151.115 158.501 159.660 164.891 170.851
Baten
Inkomensregelingen 32.376 32.411 34.076 36.174 37.713 39.298
(Werk)Participatie 3.649 3.932 2.631 2.605 2.591 2.641
Burgerparticipatie 10.679 1.338 2.055 2.113 2.135 2.177
WMO (oude taken) 715 690 765 1.647 1.647 1.696
WMO Sociaal domein (nieuwe taken) 6.966 6.658 6.408 6.408 6.408 6.600
Accommodaties 297 133 138 141 145 149
Jeugd 822 817 820 592 24 25
Onderwijs 5.072 4.351 3.583 3.611 3.640 3.672
Totaal Baten 60.576 50.328 50.474 53.291 54.301 56.258
Saldo voor bestemming -91.590 -100.787 -108.027 -106.369 -110.590 -114.593
Stortingen
Inkomensregelingen 4 4 1 0 0 0
(Werk)Participatie 1.557 1.079 121 0 0 0
Burgerparticipatie 663 0 0 0 0 0
Onderwijs 130 130 130 130 130 130
Totaal Stortingen 2.355 1.213 252 130 130 130
Onttrekkingen
Inkomensregelingen 2.644 0 0 119 118 117
(Werk)Participatie 1.485 639 594 554 193 192
Burgerparticipatie 26 0 0 0 0 0
Accommodaties 33 4 4 4 4 4
Jeugd 92 1.000 0 0 0 0
Onderwijs 666 571 120 120 120 120
Totaal Onttrekkingen 4.947 2.215 718 797 435 434
Totaal mutatie reserves 2.592 1.002 466 667 306 304
Saldo na bestemming -88.997 -99.784 -107.561 -105.701 -110.284 -114.290
Bedragen x €1.000

Toelichting

Terug naar navigatie - Toelichting

In de financiële toelichting wordt de afwijking verklaard tussen de begroting 2025 en de begroting 2024. Het nadelig saldo van de lasten en baten op het programma Sociaal 2025 is toegenomen met € 7,240 miljoen ten opzichte van begroting 2024. Het nadelig saldo na mutatie reserves is toegenomen met € 7,777 miljoen. We lichten per product de belangrijkste wijzigingen toe.

Inkomensregelingen
Het saldo bij het product Inkomensregelingen na reservemutaties is ten opzichte van 2024 met € 1.005.000 verslechterd. De lasten zijn met € 2.672.000 toegenomen, de baten met € 1.665.000 toegenomen en de onttrekking aan de reserve is met € 2.300 afgenomen. 

Lasten (€ 2.672.000 nadelig): De lasten BUIG periodieke bijstandsuitkeringen nemen toe met € 508.000 door loonindexatie. We verwachten een lichte daling van het aantal bijstandsuitkeringen. Het verstrekkingsbeleid van loonkostensubsidie is in juni vastgesteld door de Raad voor Nieuw Beschut medewerkers die in dienst zijn van het Werkbedrijf, afspraakbanen en ontwikkelbanen. De loonwaarde wordt nu standaard 30% waardoor de loonkostensubsidie stijgt naar 70%. Daarnaast verwachten we een toename van 20fte per jaar waardoor de lasten voor loonkostensubsidie ten opzichte van 2024 toenemen met € 1.658.000 hier tegenover staan ook extra baten. De Studietoeslag is een zelfstandige uitkering geworden waardoor de lasten toenemen met € 103.000. Doordat een grote groep het Meedoenfonds weet te bereiken en hiermee een hoger beroep op dit fonds gedaan wordt nemen de lasten toe met € 37.000 ten opzichte van 2024. Vanwege hogere lasten bewindvoering in de bijzondere bijstand nemen de lasten met € 50.000 toe. De salarislasten zijn gestegen door indexatie, toegerekende salarislasten en door het toevoegen van Team Erop af (naar aanleiding van het raadsbesluit Voortzetting Team Erop af) in de formatie. De toename is € 239.000.  Vanwege indexatie stijgen de lasten voor kwijtschelding belastingen/heffingen het nadeel is € 23.000. De diverse huisvestingslasten nemen toe met € 33.000 vanwege toevoegen van het pand Molenraai.  Overige plussen en minnen tellen op tot een nadeel van € 21.000.

Baten (€ 1.665.000 voordelig): Op basis van de Rijksbegroting en Voorjaarsnota van het Rijk is de verwachting dat de baten van de BUIG toenemen met € 1.870.000 ten opzichte van de begroting 2024. Dit is het gevolg van de systematiek van de BUIG, de bijdrage die we werkelijk ontvangen is afhankelijk van de realisatie van 2024. Belangrijkste oorzaak van de verhoging is de toename van de lasten voor loonkostensubsidie, zie toelichting bij lasten. Deze worden vergoed op basis van werkelijke kosten. Het aantal Bbz-uitkeringen is gedaald ten opzichte eerdere jaren waardoor het verhaal op deze uitkering naar beneden bijgesteld kan worden. Het nadeel in de baten is € 100.000. Daarnaast betaalt de gemeente aan het Rijk 75% van de vergoeding van de verstrekte bedrijfskredieten, hiervoor is een balanspost beschikbaar om deze lasten te betalen. We stellen de declaratie van het Rijk bij waardoor de baten afnemen met € 100.000. Overige plussen en minnen tellen op tot een nadeel van € 5.000.

Mutatie reserve (€ 2.300 voordelig):  Wegens geringe afwijkingen wordt dit niet toegelicht.

(Werk)Participatie
Het saldo bij het product (Werk)Participatie na reservemutaties is ten opzichte van 2024 met € 653.000 verbeterd. De lasten zijn met € 1.042.000 afgenomen, de baten met € 1.301.700 afgenomen en de onttrekking aan de reserve is met € 912.700 afgenomen.

Lasten (€ 1.042.000 voordelig): De salarislasten voor de WSW-medewerkers nemen af met € 327.000 ten opzichte van 2024. Het aantal WSW-medewerkers daalt jaarlijks met ongeveer 6%. De bijdrage aan Wedeka neemt toe met € 44.000, de salarislasten stijgen met € 107.000 door indexatie en de bijdrage exploitatie tekort naar aanleiding van de conceptbegroting neemt met  € 63.000 af. Vanwege gestegen energieprijzen nemen de huisvestingslasten toe met € 104.000, de uitbestede schoonmaak en beveiliging contracten waren met € 50.000 te laag begroot. De diverse huisvestinglasten nemen toe met € 131.000  vanwege de toevoeging van het pand Molenraai. De lasten voor de tijdelijke huisvesting nemen toe met € 291.000 door langer verblijf.  Deze lasten worden gedekt uit de onttrekking mutatie reserve BWRI. De salarislasten nemen toe met € 593.000 enerzijds door het Raadsbesluit Ontwikkelbedrijf waardoor er functies zijn toegevoegd voor de vorming naar een Sociaal Ontwikkelbedrijf. Anderzijds door toegerekende salarislasten. Het aantal fte Nieuw Beschut medewerkers stijgt jaarlijks met 20 fte waardoor de salarislasten stijgen met € 947.000. Deze lasten kunnen gedekt worden door de hogere loonkostensubsidie die het werkbedrijf ontvangt voor deze medewerkers, het voordeel is € 2.514.000. De bijdrage die het werkbedrijf ontvangt voor werkplekbegeleiding neemt toe met € 106.000 ten opzichte van 2024.  Er is voordeel van € 336.000 door wegvallen salarislasten van project 'weer in beeld'. Dit wordt in 2024 uitgevoerd vanuit ESF subsidie. De bij behorende onttrekking aan de reserve ESF is eveneens lager in 2024. Overige plussen en minnen tellen op tot een voordeel van € 81.000.

Baten (€ 1.301.700 nadelig): Door toename van het aantal medewerkers binnen het werkbedrijf verwachten we dat de omzet toe zal nemen met € 124.000 ten opzichte van 2024. De baten van de loonkostensubsidie worden in de lasten Werkparticipatie verantwoord in de salarislasten Nieuw Beschut waardoor een lagere opbrengst ten opzichte van 2024 van € 1.464.700. Overige plussen en minnen tellen op tot een voordeel van € 39.000.

Mutatie reserve (€ 912.700 voordelig): Het voordeel wordt veroorzaakt door een eenmalige storting in 2024 van € 800.000 en een lagere storting vrijval huisvestingslasten 2025 van € 158.000. Daartegenover wordt er  € 45.000 minder onttrokken door per saldo een eenmalige onttrekking van € 336.000 ESF subsidie in 2024 en hogere onttrekking van € 291.000 voor dekking van de tijdelijke huisvestingslasten BWRI 2025.

Burgerparticipatie
Het saldo bij het product Burgerparticipatie na reservemutatie is ten opzichte van 2024 met € 499.000 verslechterd. De lasten zijn met € 1.217.000 toegenomen en de baten zijn met € 718.000 toegenomen.

Lasten (€ 1.217.000 nadelig): De lasten voor de opvang van de vluchtelingen uit Oekraine zijn met € 611.000 toegenomen. Hier tegenover staan ook hogere baten, alle kosten worden gedekt door de Specifieke Uitkering van het Rijk. Voor het project sociaal programma Hoogezand-Noord is het budget in 2025 hoger dan in 2024. Dit leidt tot een toename van de lasten met € 220.000. De basissubsidie voor Kwartier is geïndexeerd, hierdoor stijgen de lasten met € 102.000. Voor het onderzoek naar Kwartier en implementatie regie en sturing zijn in de Voorjaarsnota 2024 middelen beschikbaar gesteld. Dit leidt tot hogere lasten van € 105.000. De salarislasten voor Inburgering nemen toe vanwege indexatie en toegerekende salarislasten. De toename is € 152.000 waarvan € 27.500 wordt gedekt uit de SPUK Inburgering.  Overige plussen en minnen tellen op tot een nadeel van € 27.000.

Baten (€ 718.000 voordelig): De baten voor de opvang van de vluchtelingen uit Oekraine zijn met € 701.000 toegenomen. Overige plussen en minnen tellen op tot een voordeel van € 17.000.

WMO
De producten WMO oude taken en WMO nieuwe taken zijn samengevoegd tot het product WMO. Vanaf 2015 hebben gemeenten een deel van de zorgtaken van de overheid overgenomen. Deze vielen onder het product WMO nieuwe taken. Het is niet meer relevant om deze taken apart inzichtelijk te hebben. Bovendien hebben we te maken met wijzigingen en invoeringen van nieuwe taakvelden. Het geeft meer inzicht als dit onderdeel is van hetzelfde product. Het saldo bij het product WMO na reservemutatie is ten opzichte van 2024 met € 1.945.000 verslechterd. De lasten zijn met € 1.770.000 toegenomen en de baten zijn met € 175.000 afgenomen.

Lasten (€ 1.770.000 nadelig): Voor het bepalen van de lasten voor huishoudelijke hulp, begeleiding en dagbesteding wordt er gebruik gemaakt van het Wmo-voorspelmodel van de VNG. Dit model voorspelt hoeveel mensen gebruik gaan maken van voorzieningen in de komende vijf jaren. Er wordt rekening gehouden met een volumegroei van 3,7% en een indexatie van 4,8%. De lasten voor huishoudelijke hulp stijgen met € 673.000 en de lasten voor begeleiding en dagbesteding stijgen met € 547.000. De lasten voor rolstoelen nemen toe met € 87.000 en van vervoersmiddelen met € 30.000 door een toename van het aantal aanvragen. De lasten voor woonvoorzieningen (aanpassen woningen) zijn met € 175.000 gedaald. Dit komt omdat er in de begroting 2024 met twee grote woningaanpassingen rekening is gehouden. Door een wijziging van taakvelden is er een deel van de salariskosten verschoven naar het product Wmo nieuwe taken. Dit leidt tot een voordeel van € 176.000. De lasten voor maatschappelijke opvang, vrouwenopvang en huiselijk geweld zijn opgenomen conform de begroting van de centrumgemeente. Dit leidt tot een nadeel van € 521.000, dit komt hoofdzakelijk door de verwachte naderende tekorten in de financiering van de opvang. Voor beschermd wonen zijn de lasten en baten ook opgenomen conform de begroting van de centrumgemeente. Ten opzichte van de begroting 2024 nemen de lasten toe met € 187.000. Per saldo zijn de baten ongeveer € 100.000 hoger dan de lasten. Toegerekende vastgoed lasten aan dit product leiden tot een toename van € 61.000. Dit komt hoofdzakelijk door de hogere huurlasten voor de huisvesting van sociaal team West aan de Erasmusweg. Overige plussen en minnen tellen op tot een nadeel van € 15.000.

Baten (€ 175.000 nadelig): De eigen bijdrage voor WMO is gestegen, dit leidt tot een voordeel van € 75.000. Voor beschermd wonen zijn de lasten en baten opgenomen conform de begroting van de centrumgemeente. De baten voor beschermd wonen zijn met € 250.000 gedaald. Per saldo zijn de baten ongeveer € 100.000 hoger dan de lasten.

Accommodaties
Het saldo bij het product Accommodaties na reservemutaties is ten opzichte van 2024 met € 58.000 verbeterd. De lasten zijn met € 53.000 afgenomen en de baten met € 5.000 toegenomen.

Lasten (€ 53.000 voordelig): Uw raad heeft door het vaststellen van de begroting 2024 incidenteel € 100.000 voor wijkcentrum Spokie beschikbaar gesteld. De lasten worden voor 2025 met € 100.000 terug geraamd. Dit leidt tot een lastendaling van € 100.000. Daarnaast leidt, zoals aangegeven bij de ontwikkelingen 2024-2028 in de Voorjaarsnota 2024, de bijdrage aan het Wijkcentrum Het Punt tot een lastentoename van € 24.000. Verder leiden hoger toegerekende personele lasten inclusief gestegen lonen tot een lastentoename van € 69.000. Tot slot verwachten we een afname in de toegerekende kosten vastgoed aan het product accommodaties. Dit leidt tot een lastendaling van € 44.000. Dit komt hoofdzakelijk door een lagere storting in de voorziening groot onderhoud gebouwen en lagere rentekosten. Laatstgenoemde heeft te maken met een herberekening van de toegerekende rente op investeringen. Overige afwijkingen in de lasten tellen op tot een voordeel van € 2.000.  

Baten (€ 5.000 voordelig): De baten zijn € 5.000 hoger. Dit wordt vooral verklaard door hogere huurinkomsten.

Jeugd
Het saldo bij het product Jeugd na reservemutatie is ten opzichte van 2024 met € 5.443.000 verslechterd. De lasten zijn met € 4.445.000 toegenomen, de baten zijn met € 2.000 toegenomen en de onttrekking reserve is met € 1.000.000 afgenomen.

Lasten (€ 4.445.000 nadelig): De begroting 2025 is gebaseerd op de prognose Q2 2024 plus de loon-prijsindexering 2025. Dit percentage is vastgesteld op 4,96%. De prognose Q2 2024 laat een stijgende lijn zien in de kosten voor jeugdhulp. In 2023 was de volumegroei in de jeugdzorg 8%. Deze trend zet zich ook door in 2024. Er zijn niet meer jeugdigen met zorg, maar de zorgvraag/zorgzwaarte is groter. Dit leidt tot hogere lasten van € 3.767.000.  Aandachtspunt hierin is de mate waarin we de bezuinigingen vanuit de hervormingsagenda Jeugd kunnen realiseren. In de cijfers is € 417.000 verwerkt ten aanzien van de hervormingsagenda. Aangezien we hier onzekerheden zien, hebben we de besparingsoptie die het Rijk ziet opgenomen in de risicoparagraaf.

De basissubsidie voor Kwartier is geïndexeerd, hierdoor stijgen de lasten met € 115.000. De kosten voor de Gemeenschappelijke Regeling Publieke Gezondheid & Zorg stijgen met € 171.000 door indexering en een CAO-stijging. Voor het onderzoek naar Kwartier en implementatie regie en sturing zijn er incidentele middelen beschikbaar gesteld. Dit leidt tot hogere lasten van € 118.000. Door een wijziging van taakvelden is er een deel van de salariskosten verschoven naar dit product. Dit leidt tot een nadeel van € 178.000. Toegerekende vastgoed lasten aan dit product leiden tot een toename van € 66.000. Dit komt hoofdzakelijk door de hogere huurlasten voor de huisvesting van sociaal team West aan de Erasmusweg. Overige plussen minnen tellen op tot een nadeel van € 30.000

Baten (€ 2.000 voordelig): Wegens geringe afwijkingen wordt dit niet toegelicht.

Mutatie reserves (€ 1.000.000 nadelig): Bij de Voorjaarsnota 2024 is besloten om incidenteel € 1.000.000 te onttrekken uit de reserve Jeugd ter dekking van de stijgende kosten. Deze reserve is ingesteld bij de resultaatbestemming van de Jaarrekening 2023. 

Onderwijs
Het saldo bij het product Onderwijs na reservemutatie is ten opzichte van 2024 met € 404.000 verbeterd. De lasten zijn met € 1.624.000 afgenomen, de baten zijn met € 768.000 afgenomen en de onttrekking reserve is met € 451.000 afgenomen.

Lasten (€ 1.624.000 voordelig): De lasten voor de projecten Regiodeal Tijd voor Toekomst en Nationaal Programma Onderwijs zijn in 2025 niet meer opgenomen omdat deze projecten in 2024 eindigen. Dit leidt tot een afname van de lasten met € 824.000. Dit geldt eveneens voor de baten, waardoor er per saldo geen financieel effect is. Door indexatie stijgen de lasten van leerlingenvervoer met € 37.000. De toegerekende salarislasten zijn gestegen vanwege indexatie, dit leidt tot een toename van € 188.000. De lasten van de schoolgebouwen die in beheer zijn bij de schoolbesturen nemen af met € 457.000. Dit komt door lagere kapitaallasten omdat investeringen lager uitvielen dan de aangevraagde kredieten. Ook zijn er een aantal gebouwen gesloopt waar met ingang van 2025 geen kapitaallasten meer voor nodig zijn. De lasten voor schoolgebouwen in eigen beheer nemen af met € 128.000, ook dit komt door lagere kapitaallasten.  De eenmalige lasten van het scholenprogramma voor het slopen en afboeken van oude schoolgebouwen zijn in 2025 niet meer opgenomen. De verwachting is dat de laatste onderdelen in 2024 worden afgerond. Dit leidt tot een afname van de lasten met € 451.000. Dit geldt eveneens voor de onttrekkingen bij de mutatie reserves waardoor dit per saldo geen effect heeft op het saldo. Overige plussen en minnen tellen op tot een nadeel van € 11.000.

Baten (€ 768.000 nadelig):  De baten voor de projecten Regiodeal Tijd voor Toekomst en Nationaal Programma Onderwijs zijn in 2025 niet meer opgenomen omdat deze projecten in 2024 eindigen. Dit leidt tot een afname van de baten met € 824.000. Dit geldt eveneens voor de lasten, waardoor er per saldo geen financieel effect is. De huuropbrengsten en vergoedingen van gebouwen die toegerekend worden aan dit product nemen toe met € 58.000. Overige plussen en minnen tellen op tot een nadeel van € 2.000.

Mutatie reserve (€ 451.500 voordelig): De onttrekking uit de reserve Scholenprogramma is in 2025 niet begroot omdat de eenmalige lasten in 2025 ook niet meer begroot zijn. De afname van de onttrekking met € 451.000 heeft daardoor per saldo geen effect op het saldo.