2.3 Programma Economie

2.3.0 Inleiding

Visie
We willen een prettige omgeving om in te wonen, werken en leven.

Doelstelling
Dit programma geeft inzicht in de ruimtelijk-economische ontwikkelingen voor 2023 en verder. Bij beslissingen houden we rekening met de gevolgen op de omgeving, zodat het ook voor de toekomstige generaties fijn wonen en werken is in onze mooie gemeente.
Het programma Economie geeft invulling aan ruimtelijke ontwikkelingen in onze gemeente. Wij willen, met inwoners, de juiste keuzes maken voor de invulling van de beschikbare ruimte. We zijn bezig met het opstellen van een omgevingsvisie. De komende jaren zetten we ons in om de mogelijkheden voor wonen af te stemmen op behoeften van onze inwoners. We zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de woonomgeving. Een goede woonomgeving is goed bereikbaar en verkeersveilig. Wanneer het gaat om ontwikkelingen voor duurzaamheid, willen we dat inwoners daar trots op kunnen zijn. De duurzaamheidsvisie geeft daar invulling aan. Voor de economie is ook ruimte nodig. We gaan een visie maken voor onze bedrijventerreinen. Om winkelcentra aantrekkelijk te houden, willen we zo goed mogelijk voorkomen dat er panden in de winkelcentra leeg staan. De landbouw is een belangrijke sector, die voor een groot deel bepaalt hoe ons buitengebied eruitziet. We vinden dat er voor boeren duidelijkheid voor de langere termijn moet zijn, met een goede toekomst. We gaan ons de komende jaren inzetten voor een gezonde recreatiesector, waar veel toeristen en onze eigen inwoners willen doorbrengen.

Opbouw programma
Het programma economie bestaat uit de volgende onderdelen:
2.3.1 Omgevingswet
2.3.2 Ruimtelijke Ontwikkeling
2.3.3 Economie
2.3.4 Verkeer
2.3.5 Duurzaamheid

2.3.1 Omgevingswet

Inleiding

Wij verwachten dat de Omgevingswet op 1 januari 2023 inwerking treedt. De Omgevingswet voegt meerdere wetten voor de fysieke leefomgeving samen. Hierbij gaat het onder meer om wet- en regelgeving over bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur. Ook moet de wet zorgen voor een betere en snellere besluitvorming. Instrumenten van de Omgevingswet zijn bijvoorbeeld de omgevingsvisie en de omgevingsvergunning.

Ambities

De invoering van de Omgevingswet is uitgesteld naar 1 januari 2023. Bij de invoering voldoen wij aan de wettelijke minimum vereisten en zetten wij daar een kleine plus bovenop. De wettelijke vereisten per 1 januari 2023 zijn:

  • Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) is operationeel;
  • Procedure voor omgevingsvergunning is 8 weken (nu 26 weken);
  • Kunnen werken met het tijdelijke omgevingsplan.

Vanaf 1 januari 2023 gaan we werken met de nieuwe wet. Soms gaat het nog extra tijd kosten om de kinderziektes eruit te halen en de nieuwe werkwijzen en instrumenten goed onder de knie te krijgen.

Wat willen we bereiken?

a. Wij voldoen aan de wettelijke minimum vereisten en realiseren een kleine plus

We willen voldoen aan de wettelijke eisen. Daarmee werken we aan landelijke verbeterdoelen van de Omgevingswet.

Acties

b. Vaststellen omgevingsvisie

Wij zijn in 2022 gestart met de omgevingsvisie, terwijl die wettelijk pas verplicht is vanaf 2026. In deze visie zijn de grote strategische projecten verankerd. Daarmee kunnen keuzes gemaakt en onderbouwd worden en kan richting gegeven worden aan ontwikkelingen. 

2.3.2 Ruimtelijke Ontwikkeling

Inleiding

Wij vinden een goede kwaliteit van de omgeving belangrijk. Wij willen dat onze inwoners prettig kunnen wonen, leven en werken. Wij hebben de taak om voor alles de goede plek te vinden. Dit is niet altijd makkelijk. We moeten ruimte zoeken voor veel dingen. Er zijn plekken nodig voor woningbouw, bedrijventerreinen, vervoer, landbouw en natuur.

Ambities

Met ons programma Ruimtelijke ontwikkeling werken wij aan:

  • Een aantrekkelijke en leefbare gemeente. Iedereen kan hier goed wonen, leven, ondernemen en werken;
  • Goed wonen in Midden-Groningen. Dit gaat over nieuwbouw, huizen die er al zijn en de omgeving. Goed wonen gaat ook over sociale kwaliteit, zorg en over goed voor de natuur;
  • Een sterkere economie van onze gemeente. Dit betekent dat er voldoende plekken voor bedrijven moeten zijn. Ook moeten die plekken geschikt zijn voor de toekomst. Wij willen aantrekkelijk zijn voor bedrijven en ondernemers.

Er wordt veel gesproken over het gebruik van de ruimte. Er is in Nederland veel behoefte aan ruimte. Bijvoorbeeld voor wonen, voor werken, voor natuur en voor zonneparken. Maar onze ruimte is beperkt. Daarom moeten we kiezen voor een of het ander. 

Woningmarkt
Veel mensen zijn op zoek naar een huis of bouwgrond. Er is een grote vraag en er is minder aanbod dan vraag naar woningen en bouwgrond. Dit is een probleem in heel Nederland. Minister Hugo de Jonge maakt met alle provincies afspraken over het bouwen van woningen. Zo wil hij ervoor zorgen dat iedereen goed kan wonen. De gemeente Midden-Groningen ligt in de Regio Groningen-Assen. Er moeten in deze regio tot het jaar 2040 minstens 35.000 huizen bijkomen. Hierover maakt de regio afspraken met de landelijke overheid. De afspraken gaan over de bouw van huizen en alles om het wonen heen. Dit heet de verstedelijkingsstrategie. Een klein deel onze gemeente ligt in de regio Oost-Groningen. De gemeenten in deze regio werken aan de uitvoering van de RegioDeal Oost-Groningen. Er is geld voor het verbeteren van woonbuurten en het centrum van dorpen. Er is geld voor het verbeteren en energiezuinig maken van goedkope koopwoningen in Hoogezand. Wij hebben in 2021 € 11 miljoen van de landelijke overheid gekregen. Het geld is bedoeld voor woningen in Noorderpark, Spoorstraat-Kieldiep, Gorecht-Noord en Gorecht-West. We moeten zelf ook geld steken in de verbetering van de woningen.

NPG 
Wij krijgen geld uit het Nationaal Programma Groningen (NPG). Dit geld gebruiken wij bijvoorbeeld voor verbetering van Noorderpark en het gebied langs het Winschoterdiep. Ook laten wij er niet onderhouden panden mee opknappen. Wij verwachten dat er geld beschikbaar komt voor het uitvoeren van projecten uit het programma Bedrijvig en Leefbaar. Op veel plekken in onze gemeente wonen mensen dichtbij industrie. Dit levert problemen op. Het programma Bedrijvig en Leefbaar helpt ons die problemen op te lossen. De NPG-projecten zijn verder uitgewerkt in 2.5.2. 

Bedrijventerreinen
In Midden-Groningen zijn veel bedrijven. Het is belangrijk dat bedrijven een plek kunnen vinden in onze gemeente. Dat gebeurt in de dorpen en op bedrijventerreinen in Hoogezand, Sappemeer, Muntendam en Zuidbroek. Een deel van die terreinen is verouderd. Die moeten daarom worden vernieuwd en energiezuiniger worden gemaakt. Dat kost tijd en daarom is het ook nodig dat er nieuwe bedrijventerreinen bij komen. Zo blijft er werk in onze gemeente. 

Wat willen we bereiken?

a. Het stedelijk gebied van Hoogezand-Sappemeer versterken

We willen dat Hoogezand-Sappemeer een fijne plek is om te wonen, te werken en te leven. Wij willen plekken waar de leefbaarheid niet goed is verbeteren. Ook zorgen wij ervoor dat er nieuwe huizen gebouwd worden. Dit kan soms op onze eigen grond. Ook werken wij mee aan plannen van projectontwikkelaars en inwoners. Voor een aantal projecten hebben wij geld van het NPG. Die projecten staan bij doelstelling 3 'Fysieke NPG-projecten faciliteren'.

Acties

b. Netwerken van sterke dorpen op het platteland

Wij willen dat onze inwoners goed kunnen wonen, leven en werken in de dorpen en op het platteland. Nieuwbouw van woningen is mogelijk. Wel vinden wij dat er vraag moet zijn naar woningen. Ook moeten plannen passen in de omgeving. Wij hebben op sommige plekken zelf bouwgrond. Op andere plekken werken wij mee aan plannen van projectontwikkelaars en inwoners. 

Acties

c. NPG-projecten ondersteunen

In 2021 heeft uw raad het Lokaal Programma NPG vastgesteld. In dit programma staan ook projecten voor het verbeteren van wijken en dorpen. Wij willen met deze projecten twee dingen bereiken:

  • een betere omgeving om in te wonen en te leven;
  • vraag en aanbod van woningen beter op elkaar aan laten sluiten.

De NPG-projecten zijn verder uitgewerkt in 2.5.2. 

Acties

d. Inspelen op ruimtelijke ontwikkelingen

In 2022 is een woningmarktonderzoek gehouden. Dit onderzoek gaan wij gebruiken om onze woonvisie in 2023 aan te passen. De woonvisie is in 2019 vastgesteld en is voor een deel verouderd. Zo is er meer vraag naar woningen. Ook maakt de Rijksoverheid nieuwe regels en wetten. Wij betrekken corporaties, huurderorganisaties, marktpartijen en onze inwoners bij het vernieuwen van de visie. 

Acties

e. Inspelen op nieuwe wet- en regelgeving

Het beleid op het gebied van ruimtelijke ordening vanuit de voormalige gemeenten is geharmoniseerd en geactualiseerd. Op de onderdelen waar nog geen adequaat beleid is en waar bij de uitvoering knelpunten worden ervaren, wordt nieuw beleid gemaakt. Zo hebben we in 2022 regels voor kamerverhuur opgesteld.

 

Acties

f. Samenwerking Omgevingsdienst Groningen

We vinden een gezonde en veilige woonomgeving belangrijk. Samen met de Omgevingsdienst Groningen zorgen we voor de Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH). We spreken met andere Groninger gemeenten en de provincie af om op dezelfde manier te gaan werken. De Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen komen eraan en spelen hierbij een belangrijke rol. Met de Omgevingsdienst Groningen maken we nieuwe afspraken voor het werk en de kosten daarvoor. Zo zijn we er samen klaar voor als deze wetten inwerkingtreden. Ook maken we met de Omgevingsdienst Groningen afspraken over hoe we het werk doen. Dit moet ervoor zorgen dat met minder geld dezelfde taken kunnen worden verricht. 

2.3.3 Economie

Inleiding

We hebben veel industrie, maar ook veel landelijk gebied. We willen aantrekkelijk zijn voor bedrijven om te ondernemen, zodat inwoners hier goed kunnen werken en wonen. Er zijn mogelijkheden voor sport, winkelen en cultuur en je kunt genieten in het landelijk gebied van de natuur. We vinden het belangrijk dat er meer toeristen komen. Dat geeft levendigheid in de dorpen en toeristen geven ook geld uit in onze gemeente. 

Ambities

We vinden het belangrijk dat iedereen mee kan doen, goed kan wonen en werken. We willen een economie waar zoveel mogelijk mensen aan het werk zijn. Want met een baan kunnen mensen hun rekeningen betalen en krijgen ze geen geldproblemen. Als je werk hebt, heb je ook meer sociale contacten en daarmee krijgen mensen een positieve eigenwaarde. Om te zorgen voor meer banen in onze gemeente, moeten we goed voor onze bedrijven zorgen. We willen voldoende ruimte voor bedrijven om te zorgen dat bedrijven kunnen ontwikkelen op een geschikte plek. Deze plekken moeten aantrekkelijk zijn voor ondernemers, zodat ze in onze gemeente willen blijven. Goede plekken voor bedrijven trekt ook nieuwe bedrijven naar onze gemeente. Met de volgende doelen willen we dat bereiken: 

  • We willen een uitstekende service bieden voor ondernemers en instellingen;
  • We willen een duurzaam perspectief voor de landbouwsector;
  • We willen winkels zoveel mogelijk bij elkaar plaatsen in winkelgebieden;
  • We willen een gemeente zijn waar het voor iedereen goed vertoeven is. 

Te weinig personeel
In 2020 en 2021 hadden we te maken met het coronavirus. Dit had voor iedereen gevolgen, ook voor de economie. In het voorjaar van 2020 zorgde het voor een daling van het aantal banen, omdat er veel bedrijven (tijdelijk) moesten sluiten. Inmiddels is het aantal werkenden groter dan begin 2020. Deze groei blijft doorgaan. Bedrijven hebben inmiddels een tekort aan personeel. Er zijn minder werkzoekenden en meer vacatures. Daardoor hebben werkgevers moeite om personeel te vinden. We hebben in onze gemeente vooral veel beroepen in de industrie. Het UWV houdt de spanning op de arbeidsmarkt bij. Volgens het UWV is in de arbeidsmarktregio Groningen een tekort aan personeel in alle beroepsgroepen.

Plek voor bedrijven
Er zijn veel bedrijven die contact opnemen met ons opnemen over beschikbare bedrijventerreinen om te kunnen bouwen. Niet alleen in onze gemeente, maar in de hele Regio Groningen-Assen (en de rest van Nederland) is er veel vraag. Er is niet genoeg ruimte op onze bedrijventerreinen voor alle bedrijven die een nieuwe plek zoeken. Niet alleen bedrijven hebben ruimte nodig, ook andere ontwikkelingen zijn in onze gemeente op zoek naar ruimte, bijvoorbeeld nieuwe woningen of zonneparken. 

Landbouw
Onze gemeente heeft veel boerenbedrijven. De landbouw heeft te maken met steeds veranderende regels voor het milieu. De Rijksoverheid heeft nieuwe plannen voor het verminderen van stikstof bekend gemaakt die grote gevolgen hebben voor de toekomst van de landbouw. Boeren maken zich zorgen over hun bedrijf en de toekomst. De plannen moeten nog uitgewerkt worden, Provincie Groningen neemt de leiding om over de plannen van de Rijksoverheid met de boerenbedrijven in gesprek te gaan. Midden-Groningen zal actief betrokken worden in het proces.

De landbouw is steeds in ontwikkeling. Er wordt bijvoorbeeld steeds meer ‘natuurinclusief’ gewerkt. Dat betekent dat de boeren met hun bedrijf juist bijdragen aan de natuur en de omgeving door op een andere manier te gaan werken. De provincies Groningen, Drenthe en Friesland hebben in 2019 op dit thema afspraken gemaakt met de Rijksoverheid. Deze provincies ontvangen daar subsidie voor, waarmee samen met boerenbedrijven en andere organisaties en onderwijs plannen worden gemaakt.

Detailhandel
De detailhandel is veel in beweging. Dit heeft verschillende oorzaken. Ten eerste verandert de opbouw van de bevolking steeds. Zo neemt het deel jongeren af en het deel ouderen toe. Tussen deze groepen zitten verschillen in hoeveel geld ze kunnen uitgeven en waaraan ze dit willen doen. Daarnaast kunnen mensen zich steeds makkelijker verplaatsen met bijvoorbeeld de auto, trein of fiets. Dit betekent dat je ook op plekken verder van huis kunt winkelen. Ook hebben mensen in vergelijking met vroeger meer vrije tijd. Mensen hebben meer tijd om te winkelen en doen dit ook. Verder kopen steeds meer mensen spullen op internet. In 2007 kochten mensen voor 5 miljard euro zaken op internet, in 2018 was dit meer dan 23 miljard euro. Door de coronacrisis is dit nog meer geworden: in 2021 kochten mensen voor meer dan 30,6 miljard euro op internet. Al deze veranderingen betekenen veel voor winkels in de winkelstraten.

Recreatie en toerisme
Steeds meer mensen gaan vaker op vakantie. Sinds de corona uitbraak gaan ook steeds meer Nederlanders op vakantie in eigen land. De groep 55+ers groeit. Deze groep heeft meer vrije tijd en trekt er regelmatig op uit. Deze groep gaat ook buiten de schoolvakanties op pad.

We zien dat het belang van en de interesse in het landelijke gebied groeit. We bezoeken steeds vaker het bos, de meren, de natuur en het agrarisch landschap. Toeristen, maar ook eigen inwoners gaan er steeds vaker op uit. Wandelen, fietsen maar ook varen wordt steeds populairder. Omdat we gewend zijn om veel online te regelen, is het heel normaal dat ook vakanties online worden geboekt en dat veel gebruik gemaakt wordt van apps voor fietsen, wandelen en varen. De meeste informatie is online te vinden. 

Ook zien we:

  • Een groeiende belangstelling voor cultuur(historie), van een museum tot een borg. Het gaat om een aanbod met een verhaal;
  • Meer gezond, duurzaam en sociaal: de bezoeker maakt vaker een bewuste keuze;
  • Behoefte aan ontmoeten en onthaasten;
  • Toenemende vraag naar bijzondere en onderscheidende ervaringen en overnachtingen. Het is een beleveniseconomie. Bezoekers willen het verhaal kunnen doorvertellen aan familie en vrienden;
  • Dat mensen graag willen spelen. Kinderen maar ook volwassenen. Spelen ontspant. Dat kan alleen en in groepsverband.

Wat willen we bereiken?

a. We willen een uitstekende service bieden voor ondernemers en instellingen

We denken mee met bedrijven die in onze gemeente willen starten of bedrijven uit onze gemeente die willen groeien. Dit doen we ook bij bedrijven die willen samenwerken met elkaar of met het onderwijs. Zo helpen we mee met ideeën van bedrijven om te vernieuwen en te ontwikkelen. 

Bedrijfsvestigingen per 1000 inwoners van 15-74 jaar
Jaar Midden-Groningen Nederland
2020 100,2 135,2

Banen per 1000 inwoners van 15 - 64 jaar
Jaar Midden-Groningen Nederland
2020 574,5 795,9

Werkloosheidspercentage
Jaar Midden-Groningen Nederland
2020 4,4 % 3,8 %

Acties

b. We willen een duurzaam perspectief voor de landbouwsector

De landbouw is voor onze gemeente belangrijk. Met een duurzaam perspectief bedoelen we dat er voor boeren duidelijkheid voor de langere termijn moet zijn, met een goede toekomst. Net als in de rest van Nederland krijgt de landbouw in onze gemeente te maken met grote veranderingen. Samen met landbouwers, maatschappelijke organisaties en inwoners maken we een strategie. 

Acties

c. We willen winkels zo veel mogelijk bij elkaar plaatsen in winkelgebieden

In Midden-Groningen is meer winkelruimte beschikbaar dan dat er winkels zijn. Dit betekent dat een aantal gebouwen leeg staat. Dat is niet goed voor de sfeer in een winkelgebied. Ook kan het zijn dat gebouwen die leegstaan in slechte staat zijn. Om te zorgen dat er niet te veel gebouwen leeg staan, willen we dat er minder gebouwen gebruikt kunnen worden als winkel. Zo zorgen we ervoor dat onze winkelgebieden aantrekkelijk blijven. 

Acties

d. We willen een gemeente zijn waar het voor iedereen goed vertoeven is

We gaan ons de komende jaren inzetten voor een volwaardige en gezonde recreatiesector. Met gezonde en aantrekkelijke bedrijven, waar veel toeristen hun vakantie willen doorbrengen. Onze voorzieningen zijn aantrekkelijk en goed onderhouden, zodat er toeristen en dagjesmensen graag naar onze gemeente komen. We willen graag dat ze nog een keer terugkomen. Maar we doen dit niet alleen voor toeristen en dagjesmensen, maar zeker ook voor onze eigen inwoners. Dat is goed voor de bedrijven, maar ook voor de werkgelegenheid. 

Acties

2.3.4 Verkeer

Inleiding

Het brede werkveld verkeer en vervoer gaat over onderwerpen die van belang zijn voor onze inwoners, bedrijven en bezoekers. Het gaat om de bereikbaarheid en de verkeersveiligheid voor fietsers, voetgangers, gemotoriseerd verkeer (auto-, vracht- en landbouwverkeer) en het openbaar vervoer.

Ambities

Een goed bereikbare en verkeersveilige gemeente voor alle verkeersdeelnemers. We zetten in op duurzame mobiliteit, dat betekent dat we zoveel mogelijk stimuleren om met het openbaar vervoer of de fiets te gaan in plaats van met de auto. Het verkeerssysteem vormt in de volle breedte geen belemmering om je vrij te kunnen verplaatsen. Het verkeerssysteem is ook toegankelijk zodat iedereen de mogelijkheid heeft om zich te kunnen verplaatsen. Oftewel mobiliteit is binnen ieders bereik. We leggen in 2023 de raad een Mobiliteitsplan voor met een doorkijk naar de toekomst. Wij zijn voornemens daar een 'multimodaal verkeersmodel' voor te ontwikkelen. Met het verkeersmodel kunnen we effecten van maatregelen en ontwikkelingen doorrekenen. In het mobiliteitsplan wordt het verkeersbeleid aan de hand van 5 thema's beschreven voor de komende 10 jaar. Deze 5 thema’s vindt u terug in deze begroting. De ambitie van het college is om dit beleid de komende jaren uit te voeren.

Het lijkt erop dat ons reisgedrag door de coronapandemie is gewijzigd. In mei 2022 bleek dat de bussen in het vervoersgebied van het OV-Bureau nog niet op het oude niveau zitten, maar op ongeveer 80% van het niveau van 2019. Het is onduidelijk of dit op de langere termijn zo blijft.

Het verkeer op de Nederlandse wegen neemt wel weer toe en we leggen in 2022 meer kilometers af dan voorgaande jaren. Naar verwachting komt het niveau van het wegverkeer in heel 2022 boven het niveau van 2019 uit (periode voor corona). Dit blijkt uit de Trendprognose wegverkeer 2022-2027 van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM). Het KiM verwacht voor de periode tot 2027 dat de coronacrisis blijvende gevolgen heeft voor de met de auto afgelegde afstand omdat mensen hun gedrag aanpassen. Ze werken bijvoorbeeld vaker thuis en sommigen zijn overgestapt van het openbaar vervoer naar de auto. De groeicijfers tot 2027 zijn daarom naar beneden bijgesteld.

Wat willen we bereiken?

a. Verkeersveilig bewegen

Wij willen de verkeersveiligheid, met de nadruk op kwetsbare verkeersdeelnemers, blijvend verbeteren. We hebben een goed beeld van de meest verkeersonveilige plekken, risicovolle doelgroepen (bijvoorbeeld jonge bestuurders) en gedrag (bijvoorbeeld afleiding door het gebruik van de smartphone). Het aanpakken van deze meest onveilige knelpunten en risicoplekken vinden we belangrijk.

Acties

b. Sociaal inclusief

Het openbaar vervoer staat onder (financiële) druk. Corona, personeelsproblemen en financiële tekorten kunnen tot verdere vervoersarmoede leiden. Vervoersarmoede is een verslechtering van het openbaar vervoer, zoals minder stations, minder buslijnen of hoe vaak de bus rijdt. Daarnaast kunnen mensen onvoldoende mobiel zijn door beperkte middelen en vaardigheden. Wij willen de gevaren van vervoersarmoede tegengaan en werken aan een toegankelijk mobiliteitssysteem waarbij al onze inwoners voldoende mobiel zijn om deel te kunnen nemen aan het maatschappelijk leven. In overleg met provincie en het OV-bureau willen we dit gaan uitwerken en onderzoeken wat wij hier verder in kunnen betekenen. 

Acties

c. Duurzaam verplaatsen

Wij willen met het mobiliteitsbeleid bijdragen aan de duurzaamheidsambities. De komende jaren stimuleert het werkveld verkeer en vervoer het gebruik van de fiets.

Acties

d. Bereikbaar platteland

Wij willen de voorzieningen bereikbaar houden. Niet overal is goed openbaar vervoer beschikbaar. We vragen aandacht voor knelpunten, een voorbeeld daarvan is Sappemeer. Oplossingen zoeken we in maatwerk per dorp en/of het ondersteunen van alternatieven zoals de Hubtaxi.

Acties

e. Economische dynamiek

Wij willen dat de werklocaties en de economische centra goed bereikbaar zijn.

Acties

2.3.5 Duurzaamheid

Inleiding

In 2019 heeft onze gemeente een duurzaamheidsvisie vastgesteld. Sinds die tijd werken we aan de uitvoering van deze visie. De duurzaamheidsvisie straalt ambitie uit. Hiermee willen we aan het werk. Tegelijkertijd zijn capaciteit en middelen beperkt.

Elk jaar worden de onderwerpen bepaald waar in dat jaar op wordt ingezet. WE hebben veel aandacht voor 'de sociale kant van duurzaamheid'. Armoede is een probleem in onze gemeente en we zien dat dit probleem groter wordt. Veel woningeigenaren hebben onvoldoende geld om hun huis te verduurzamen. In wijken met goedkope woningen hebben onze inwoners hoge energierekeningen.

Daarnaast vraagt de overgang naar duurzame energievormen zoals zonne-energie om veel inspanningen van onze gemeente de komende jaren. Diverse beleidsplannen moeten worden opgesteld of vernieuwd. In 2021 is de Regionale Energie Strategie (RES) 1.0 vastgesteld. In 2023 moet de RES 2.0 worden opgeleverd. Belangrijk onderwerp voor de RES is hoe onze inwoners voordeel kunnen hebben van duurzame energieprojecten. Ook krijgen de problemen met het overvolle elektriciteitsnet aandacht. In 2021 is de Transitievisie Warmte (TVW) vastgesteld. De TVW beschrijft per wijk welke mogelijkheden er zijn om hier van het aardgasvrij af te gaan. Wij maken in een aantal wijken al plannen om van het aardgas af te gaan, zoals in Kiel-Windeweer en Lageland. Dit doen wij samen met de inwoners. De TVW is de basis voor de RES 2.0. Het opstellen van de RES en TVW, en het om de 2 of 4 jaar vernieuwen, is een wettelijke verplichting.

Tot slot is er aandacht voor de voorbeeldrol van de gemeente. We willen extra stappen maken om verder te verduurzamen. Belangrijke onderwerpen zijn Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI) en het verduurzamen van onze gebouwen.

Ambities

Duurzame ontwikkeling gaat over een evenwicht tussen mens, milieu en economie. Mondiaal, nationaal, regionaal, en lokaal. We zetten in op een duurzame samenleving, een duurzame energievoorziening, een duurzaam landschap en klimaat, duurzaam ondernemen en een duurzame gemeentelijke organisatie.

Een duurzame samenleving is van ons allen. Werken aan duurzame ontwikkeling doen we samen met partners, belanghebbenden en in het bijzonder met onze de inwoners.

De onderwerpen duurzaamheid en energietransitie krijgen steeds meer aandacht. Dit komt onder andere doordat het klimaat verandert. Dat merkt en ziet iedereen om zich heen. Het Rijk en gemeenten maken steeds meer plannen om de samenleving te verduurzamen. Het blijft niet alleen bij plannen. We zien bijvoorbeeld ook steeds meer zonneparken in ons landschap en het aantal elektrische voertuigen groeit snel.

Duidelijk is geworden dat planvorming en uitvoering alleen goed lukt met draagvlak van de bevolking. Bij nieuwe ontwikkeling is hiervoor aandacht. Heeft de burger er nadelen van, dan wil hij ook de voordelen. En de burger wil meedenken over zijn leefomgeving, zowel bij het opstellen van beleid als het uitvoeren van projecten. Aandachtspunt is de weerstand die diverse groepen mensen voelen bij de energietransitie. Om meer draagvlak te krijgen is het belangrijk om te begrijpen waar deze weerstand vandaan komt. Ook is het belangrijk mensen beter te betrekken en te informeren.

Belangrijk aandachtpunt bij de energietransitie-vraagstukken zijn ook de kosten. Dit is niet alleen een probleem voor onze inwoners, maar ook voor veel inwoners in Nederland. Hetzelfde geldt voor problemen met het elektriciteitsnetwerk. Het is zeer lastig alle duurzaam opgewekte elektriciteit over het bestaande netwerk te vervoeren. En dit netwerk uitbreiden is een megaproject en duurt vele jaren. Planvormers en netbeheerders trekken steeds meer samen op om dit probleem aan te pakken.

Wat willen we bereiken?

a. We bieden individuele inwoners mogelijkheden om te verduurzamen

Acties

b. Onze inwoners zijn betrokken bij de ontwikkeling van duurzame energieprojecten en profiteren hiervan

In het klimaatakkoord is het streven naar 50% lokaal eigendom van hernieuwbare energieprojecten opgenomen. De RES Groningen, waar onze gemeente deel vanuit maakt, onderschrijft het belang van lokaal eigendom en participatie. Dit gaat zowel over meepraten (procesparticipatie) als financieel voordeel genieten (financiële participatie).

Acties

c. We maken duurzame energieprojecten mogelijk

Onze gemeente heeft een vastgestelde visie over het waar en hoe we ruimte bieden aan duurzame energieprojecten. In de toekomst is meer duurzame energie op land nodig. Dit betekent dat we moeten bedenken waar we dergelijke parken willen toestaan en hoe ze passen in de omgeving. Hierbij willen we ons landschap niet (te zeer) aantasten. Negatieve effecten, bijvoorbeeld geluidsoverlast, van duurzame energieprojecten spelen hier ook een rol bij. 

Acties

d. Een aantal wijken in onze gemeente is in 2030 van het aardgas af

We hebben in 2021 de Transitievisie Warmte (TVW) vastgesteld. De visie beschrijft welke techniek voor de diverse wijken om van het gas af te gaan het meest logisch is. Dit hangt af van de locatie en het type woningen. Nu de visie is vastgesteld moeten wijkuitvoeringsplannen (WUPs) worden gemaakt. Opstellen van een TVW en de WUPs is een wettelijke verplichting. We hebben al een aantal lopende projecten waarbij wijken van het aardgas afgaan. Ook zijn er een aantal plannen voor andere wijken om van het aardgas af te gaan.

Acties

e. We ondersteunen initiatieven van inwoners, bewonersorganisaties, energiecoöperaties en andere belanghebbenden

Acties

f. We voeren een duurzame bedrijfsvoering

We hebben een voorbeeldrol. Wat we van anderen verwachten moeten we zelf ook doen. We voldoen hierbij aan alle wettelijke verplichtingen op het gebied van energie en duurzaamheid.

Acties

2.3.6 Verplichte beleidsindicatoren (BBV)

Beleidsindicatoren

De verplichte beleidsindicatoren zijn opgenomen in onderstaande tabel.

Verplichte beleidsindicatoren Economie
Naam Indicator Eenheid Peiljaar M-G Nederland
Functiemenging % 2018 43,5% 52,9%
2019 44,4% 53,3%
2020 44,1% 53,2%
2021 45,3% 53,3%
Vestigingen (van bedrijven) Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 t/m 64 jaar 2018 111,5 145,5
2019 116,3 151,2
2020 120,5 158,1
2021 129,8 165,1

2.3.7 Financieel overzicht Economie

Financieel overzicht

Bedragen x € 1.000
Omschrijving Realisatie 2021 Begroting na wijziging 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Begroting 2026
Lasten
Brandweer/ Openbare veiligheid 5.824 6.293 6.436 6.470 6.383 6.529
Economische ontwikkeling 6.679 7.637 7.208 7.226 6.706 6.904
Bedrijventerreinen 6.736 3.156 2.553 2.621 809 789
Grondexploitaties 6.601 6.568 6.546 5.857 3.819 839
Toerisme 232 458 518 507 615 588
Openbaar vervoer 47 46 48 51 53 55
Totaal Lasten 26.119 24.158 23.309 22.731 18.385 15.703
Baten
Brandweer/ Openbare veiligheid 456 449 217 217 217 265
Economische ontwikkeling 2.918 3.239 2.668 2.668 1.922 1.917
Bedrijventerreinen 7.837 4.158 3.486 3.654 1.164 1.135
Grondexploitaties 5.664 6.792 6.792 5.987 3.754 727
Toerisme 302 366 307 307 307 307
Totaal Baten 17.177 15.005 13.470 12.833 7.363 4.351
Saldo voor bestemming -8.942 -9.153 -9.839 -9.898 -11.022 -11.352
Onttrekkingen
Economische ontwikkeling 402 353 0 0 0 0
Grondexploitaties 39 0 0 0 0 0
Toerisme 13 13 13 13 13 13
Totaal Onttrekkingen 454 366 13 13 13 13
Saldo na bestemming -8.488 -8.787 -9.826 -9.885 -11.009 -11.339

Toelichting

Het nadelig saldo na bestemming op het programma Economie is toegenomen met ruim € 1 miljoen ten opzichte van de begroting 2022. We lichten per product de belangrijkste wijzigingen toe.

Brandweer en openbare veiligheid
Het saldo bij het product Brandweer en openbare veiligheid na reservemutaties is ten opzichte van 2022 met € 375.000 verslechterd. De lasten zijn met € 143.000 gestegen en de baten zijn met € 233.000 afgenomen.

Lasten (€ 143.000 nadelig): De deelnemersbijdrage aan de Veiligheidsregio stijgt met € 102.000 als gevolg van hoofdzakelijk indexatie en huisvesting- en ICT kosten. Verder leidt extra inzet personeel voor veiligheid en toezicht, handhaving en vergunningverlening APV-vergunningen en hogere indexatie voor loonkosten tot een nadeel van € 298.000. Tot slot is de subsidieregeling SPUK-check coronabewijzen in 2022 beëindigd. Deze middelen hebben we in de begroting 2023 niet meer opgenomen. Dit leidt tot een lastendaling van € 254.000. Overige afwijkingen in de lasten tellen op tot een voordeel van € 3.000.

Baten (€ 232.000 nadelig): Doordat de subsidieregeling SPUK-check coronabewijzen in 2022 is beëindigd, hebben we de subsidie inkomsten in de begroting 2023 niet meer opgenomen. Dit leidt tot een nadeel van € 254.000. Verder komt de leges brandbeveiligingsverordening te vervallen. Dit leidt tot een nadeel van afgerond € 3.000. Tot slot verwachten we meer legesinkomsten uit APV-vergunningen van € 24.000.

Economische ontwikkeling
Het saldo bij het product Economische ontwikkeling na reservemutaties is met € 495.000 verslechterd. Er zijn € 429.000 aan lagere lasten, de baten vallen € 571.000 lager uit en de reservemutaties zijn € 353.000 nadelig.

Lasten (€ 429.000 voordelig): De deelnemersbijdrage aan de Omgevingsdienst wordt verdeeld over de producten Milieu en Economische ontwikkeling. Het deel op het product Economische ontwikkeling stijft met € 160.000 als gevolg van loon- en prijsstijgingen, extra inzet voor de omgevingswet en de aanpak van de arbeidsmarkt. Daarnaast valt € 314.000 aan incidentele hogere lasten in het kader van omgevingsvergunningen ten opzichte van 2022 weg. Ook de incidentele lasten voor het project Gasloos Gorecht-West (€ 250.000) en de implementatie van de omgevingswet (€ 350.000) zijn niet meer opgenomen in de begroting. Een verschuiving en een wijziging in de toerekening van personeelskosten leidt tot hogere lasten van € 205.000. Met betrekking tot de verschuiving gaat het om € 118.000, afkomstig van product Bestuursondersteuning. De wijziging, mede door loonstijgingen, leidt tot hogere lasten van € 87.000. Tot slot is voor het opstellen van de woonvisie, bedrijventerreinenvisie en strategische agenda landbouw € 150.000 aan hogere lasten opgenomen in de begroting. Overige afwijkingen met betrekking tot wonen en bouwen in de lasten tellen op tot een voordeel van € 30.000. 

Baten (€ 571.000 nadelig): De lagere baten hebben betrekking op de leges omgevingsvergunning. Voor 2022 zijn incidenteel hogere baten van € 314.000 geraamd. De begroting legesinkomsten omgevingsvergunning 2023 wordt € 1,8 miljoen (exclusief prijsindexatie). Er zit een onzekerheid in het realiseren van deze legesopbrengsten in verband met de invoering van de omgevingswet en de wet kwaliteitsborging (Wkb). Het project Gasloos Gorecht-Noord wordt volledig gedekt met subsidie. Dit is een incidentele post in de begroting 2022 en verklaart de afname van de baten van € 250.000 in 2023. Dit project loopt nog wel door in 2023 en verder. Zodra er meer duidelijk is over de baten en lasten wordt dit budgettair neutraal in de begroting opgenomen. Verder is in 2022 een incidentele baat van € 15.000 opgenomen voor de verkoop van grond inzake de camping in Steendam. Overige afwijkingen in de baten (huurinkomsten vastgoed en leges staanplaatsen) tellen op tot een voordeel van € 8.000. 

Mutatie reserve (€ 353.000 nadelig): Er wordt € 353.000 minder onttrokken uit de reserve. De reservemutatie in 2022 was incidenteel en betrof de overheveling implementatie omgevingswet.

Bedrijventerreinen
Het saldo op het product Bedrijventerreinen is met € 69.000 verslechterd. Dit wordt veroorzaakt door lagere lasten van € 603.000, maar ook € 672.000 aan lagere baten.

Lasten (€ 603.000 voordelig): De afname van € 603.000 wordt in hoofdlijnen veroorzaakt doordat in 2023 geen kosten voor bouw- en woonrijp maken worden verwacht op bedrijventerrein Rengerspark, € 571.000. Daarnaast zijn de kapitaallasten van € 20.000 voor bedrijventerrein De Gouden Driehoek vervallen, omdat de laatste gronden zijn overgedragen aan de ontwikkelaar. Het overige verschil betreft diverse kleine posten.

Baten (€ 672.000 nadelig): De lasten van de grondexploitatie Rengerspark worden via de baten overgeboekt naar de balans. Dit verklaart ook voor een groot deel het verschil bij de baten van € 570.000. Daarnaast wordt voor 2023 een lagere winstneming Rengerpark verwacht van € 101.000.

Grondexploitatie
Het verschil ten opzichte van de begroting 2022 is nihil. De lasten en baten die verband houden met grondexploitaties worden in de exploitatie verantwoord en via een tegenboeking (onderhanden werk) naar de balans overgeboekt. Het verschil tussen de begrotingsjaren 2022 en 2023 komt voornamelijk door de verschillen in de faseringen bij de grondexploitaties. Voor meer informatie over de grondexploitaties verwijzen wij u naar de paragraaf grondbeleid en de Meerjaren Prognose Grondexploitatie 2022.

Toerisme
Het nadelig saldo is gestegen met € 119.000. Dit wordt veroorzaakt door € 60.000 hogere lasten en € 59.000 lagere baten. 

Lasten (€ 60.000 nadelig): Voor de visie Vrijetijdseconomie is een budgetreservering van € 250.000 in 2023 opgenomen. Dit verklaart het nadelig saldo. De incidentele middelen, in totaal € 190.000, die in 2022 beschikbaar waren voor planvorming openbare ruimte, het pontje over het Drents Diep en het onderzoek naar de vaardiepte, zijn in 2023 niet meer opgenomen. Per saldo resteert een nadeel van € 60.000.

Baten (€ 59.000 nadelig): De kosten voor het onderzoek naar de vaardiepte van het Zuidlaardermeer werden volledig gedekt door een subsidie. We hebben deze subsidie in 2023 en de jaren erna niet meer en dit verklaart de lagere baten.

Openbaar vervoer
Het verschil ten opzichte van de begroting 2022 is nihil en wordt derhalve niet toegelicht.