2.3 Programma Economie

2.3.0 Inleiding

Binnen het programma Economie  geven wij  uitvoering aan het Coalitieakkoord en het Kompas van Midden-Groningen ‘Samen Kom je verder’. Dit programma geeft inzicht in de ruimtelijk-economische ontwikkelingen voor 2022.

Opbouw programma Economie

Het programma economie bestaat uit de volgende beleidsonderwerpen:

  1. Omgevingswet;
  2. Ruimtelijke Ontwikkeling;
  3. Economie;
  4. Verkeer;
  5. Duurzaamheid.

2.3.1 Omgevingswet

Inleiding

De Omgevingswet gaat op 1 juli 2022 in werking.  Deze wet zorgt voor een goede balans tussen het benutten en beschermen van de fysieke leefomgeving. Zo kunnen we met heldere kaders en regels de leefomgeving meer in samenhang inrichten. De Omgevingswet bundelt en moderniseert de wetten voor de leefomgeving. Hierbij gaat het onder meer om wet- en regelgeving over bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur. Ook moet de wet leiden tot betere en snellere besluitvorming.  Instrumenten van de Omgevingswet zijn bijvoorbeeld de omgevingsvisie en de omgevingsvergunning.

Ambities

De Omgevingswet heeft als doel een gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit in stand houden en bereiken. En doelmatig beheer en gebruik van die fysieke leefomgeving voor maatschappelijke functies te realiseren.

We zien de implementatie van de Omgevingswet als groeimodel.  We zorgen ervoor dat de verplichte onderdelen klaar zijn op 1 juli 2022. Bij de invoering van de Omgevingswet voldoen wij aan de wettelijke minimum eisen en zetten wij daar een kleine plus bovenop. De wettelijke vereisten per 1 juli 2022 zijn:

  • Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) is operationeel;
  • Procedure voor omgevingsvergunning is 8 weken (nu 26 weken).

Voor de andere zaken kiezen we een tempo dat aansluit bij ons als jonge fusiegemeente. Eerst worden de verplichte onderdelen ingevoerd en daarna werken we toe naar een werkwijze die aansluit bij het Kompas.

De invoering van de Omgevingswet is met een half jaar uitgesteld naar 1 juli 2022. Dat geeft ons extra tijd om ons voor te bereiden.  Vanaf 1 juli 2022 gaan we werken met de nieuwe wet. Soms gaat het nog extra tijd kosten om de kinderziektes er uit te halen om goed afgestemd te raken op de nieuwe werkwijzen en instrumenten.

Wat willen we bereiken?

a. Wij voldoen aan de wettelijke minimum vereisten en realiseren een kleine plus.

We willen voldoen aan de wettelijke eisen.  Daarmee werken we aan de volgende verbeterdoelen:

  • Het vergroten van de inzichtelijkheid, de voorspelbaarheid en het gebruiksgemak van het omgevingsrecht;
  • Het bewerkstelligen van een samenhangende benadering van de fysieke leefomgeving in beleid, besluitvorming en regelgeving;
  • Het vergroten van de bestuurlijke afwegingsruimte door een actieve en flexibele aanpak mogelijk te maken voor het bereiken van doelen voor de fysieke leefomgeving;
  • Het versnellen en verbeteren van besluitvorming over projecten in de fysieke leefomgeving.

Acties

b. We starten met het opstellen van een omgevingsvisie.

De implementatie van de Omgevingswet is door het Rijk uitgesteld van 1 januari 2022 naar 1 juli 2022. De daardoor ontstane ruimte benutten wij om meer aandacht te besteden aan de majeure ontwikkelingen die op Midden-Groningen afkomen. Tegelijkertijd kunnen wij beter voorbereid in gesprek gaan met de samenleving over de echte dilemma’s en keuzes rond de omgevingsvisie. De nieuwe gemeenteraad kan zich een oordeel vormen over de omgevingsvisie en het proces rond de dialoog met de samenleving.

Acties

2.3.2 Ruimtelijke Ontwikkeling

Inleiding

Als gemeente hebben wij de primaire taak om te zorgen voor een goede fysieke leefomgeving en een duurzame ruimtelijke ontwikkeling in al zijn facetten. Voor alles een plek en alles op zijn plek. Tegelijk staan we voor grote ruimtelijke opgaven; er moet ruimte worden gezocht voor onder andere woningbouw, bedrijventerreinen, landbouw en natuur. 

Ambities

We hebben de volgende ambities binnen het programma Ruimtelijke ontwikkeling:

  • De ruimtelijke ontwikkeling draagt bij aan een aantrekkelijke en leefbare gemeente, waar het goed wonen, werken en recreëren is.  
  • De ruimtelijke ontwikkeling is dienstbaar aan de maatschappelijke agenda zoals verwoord in het Coalitieakkoord en het Kompas van Midden-Groningen ‘Samen Kom je verder’.
  • Met onze woonvisie werken wij aan goed wonen in Midden-Groningen. Dit gaat over huizen en de omgeving, maar ook over sociale kwaliteit, zorg en duurzaamheid.  De ambitie is uitgewerkt in een aantal doelstellingen.  Zo willen wij het stedelijk gebied van Hoogezand -Sappemeer versterken, werken wij aan sterke netwerken van  dorpen en willen wij nieuwe woonmilieus realiseren. Daarnaast  zetten wij ons in voor verduurzaming,  zo lang mogelijk zelfstandig wonen en de sociale huursector. 
  • We willen ruimte bieden aan de economische ontwikkeling in onze gemeente.  Daarbij hoort het ruimtelijk faciliteren van de vraag met voldoende en toekomstbestendige werklocaties. Hierbij werken we samen met het programma Economie voor een aantrekkelijk vestigings- en ondernemersklimaat in Midden-Groningen. 

Het maatschappelijk debat over de ruimte is aan de orde van de dag.  Of het nu gaat om de woningnood, dozen in het landschap of een zonnepark. Zo leggen de energietransitie en klimaatadaptatie een claim op de ruimte.  Maar dat geldt ook voor de opgaves voor woningbouw, natuur en economische ontwikkeling. En we weten nu nog niet welke invloed het coronavirus heeft op bijvoorbeeld wonen, reizen, werken en winkelen. Duidelijk is dat de ruimte steeds schaarser is. 

Woningmarkt

  • De druk op de woningmarkt is groot. Dat is vooral zo in de stad Groningen. Woningzoekenden die in niet slagen in de stad gaan op zoek naar een woning of bouwkavel buiten de stad. Dus ook in onze gemeente.  Daarnaast melden zich steeds meer vastgoedontwikkelaars. Deze ontwikkeling blijkt ook uit het woningmarktonderzoek van de Regio Groningen-Assen. Uit dit onderzoek komt naar voren dat in Midden-Groningen de woningbehoefte groter is dan in de Woonvisie is benoemd. 
  • De Regio Groningen-Assen maakt verstedelijkingsafspraken met het Rijk. Deze afspraken gaan onder andere over woningbouw(locaties).  Het woningmarktonderzoek van de regio vormt een basis voor de verstedelijkingsafspraken. 
  • Wij hebben een aanvraag gedaan voor het Volkshuisvestingsfonds.  Onze aanvraag is toegekend en wij ontvangen  een bedrag van € 11 miljoen van het Rijk voor verbetering en verduurzaming van koopwoningen in de postcodes 9601 en 9602 in Hoogezand. Wij moeten ook zelf investeren (30% cofinanciering). 

NPG 

  • Met het Nationaal Programma Groningen (NPG) hebben wij de ruimte om aan het lange termijnperspectief van onze gemeente te werken. Voor twee fysieke projecten zijn middelen voor handen uit de eerste aanvraag NPG. Wij gaan ervan uit dat er in 2022 middelen beschikbaar komen voor projecten die samen het programma Bedrijvig en Leefbaar vormen. Ook willen wij  het project 'duurzaam particulier bezit'  naar voren halen.  Het beschikbare budget willen wij inzetten als cofinanciering voor het Volkshuisvestingsfonds. Dit project past binnen onze aanvraag Volkshuisvestingsfonds.

Bedrijventerreinen

  • Het belang van goede en toekomstbestendige vestigingslocaties voor bedrijven is groot. Het werken aan de toekomstbestendigheid van bedrijventerreinen draagt bij aan de vergroting van de werkgelegenheid,  versterking van het concurrentievermogen van onze gemeente en de individuele bedrijven. Enerzijds is er noodzaak om bestaande bedrijventerreinen zo veel mogelijk te optimaliseren, te intensiveren en te verduurzamen. Anderzijds is de voorraad uit te geven bedrijventerreinen gering, waardoor er een ruimtevraag naar nieuwe terreinen is. 

Wat willen we bereiken?

a. Het stedelijk gebied van Hoogezand-Sappemeer versterken.

We willen de woon- en leefkwaliteit in Hoogezand-Sappemeer verbeteren. We doen dit door bestaande wijken te vernieuwen en door het toevoegen van nieuwe woningen op ontwikkellocaties. Sommige van die locaties ontwikkelen wij zelf, maar wij faciliteren ook initiateven van ontwikkelaars en particulieren.  De projecten die met middelen uit de eerste tranche van het NPG worden gerealiseerd, staan benoemd onder doelstelling 3. Fysieke NPG-projecten faciliteren.

Acties

b. Netwerken van sterke dorpen.

De dorpen vormen samen een goed woon- en leefklimaat. Wij bieden ruimte voor woningbouw die inspeelt op de behoefte.  Wij doen dit -net als in Hoogezand-Sappemeer- door zelf locaties te ontwikkelen én door mee te werken aan initiatieven van ontwikkelaars en particulieren.  

Acties

c. Fysieke NPG-projecten faciliteren.

In 2021 is het Lokaal Programma NPG door de raad vastgesteld.  Het Lokaal Programma kent een aantal projecten die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving. Deze projecten dragen bij aan:

  • Het verhogen van de kwaliteit en toegankelijkheid van de woon- en leefomgeving;
  • Het beter aansluiten van vraag en aanbod op de woningmarkt.

Acties

d. Kaders opstellen voor ruimtelijke ontwikkelingen.

Om adequaat te kunnen inspelen op ruimtelijke ontwikkelingen zijn actuele visies en beleidskaders vereist. In 2022 gaan we aan de slag met in elk geval de volgende visies en beleidskaders.

Acties

e. Juridisch-planologische knelpunten oplossen.

Het beleid op het gebied van ruimtelijke ordening vanuit de voormalige gemeenten is geharmoniseerd en geactualiseerd. Op de onderdelen waar nog geen adequaat beleid is en waar bij de uitvoering knelpunten worden ervaren, wordt nieuw beleid gemaakt.

Acties

f. Samenwerking Omgevingsdienst Groningen.

Voor onze gemeente is het bereiken van een gezond en veilig woon- en leefklimaat belangrijk. Samen met de Omgevingsdienst Groningen werken aan de uitvoering van de taken op het gebied van Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH). Hierbij vindt afstemming plaats met andere Groninger gemeenten en de provincie om eenduidig beleid te vast te stellen. De ontwikkelingen rondom de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen spelen hierbij een belangrijke rol. Met de Omgevingsdienst Groningen werken wij aan het maken van nieuwe werkafspraken, processen en het in beeld brengen van de (financiële) gevolgen. Zodra deze wetgeving in werking treedt zijn wij er gezamenlijk klaar voor. 

Verder werken wij gezamenlijk aan het maken van afspraken over efficiënte werkprocessen. Dit moet er voor zorgen dat met minder budget dezelfde taken kunnen worden verricht. Ten slotte blijft de toename van juridische procedures vanuit de samenleving de aandacht houden. Met de Omgevingsdienst kijken we hoe de beschikbare budgetten hiervoor zo goed mogelijk kunnen inzetten. 

2.3.3 Economie

Inleiding

Midden-Groningen heeft zowel een industrieel als landelijk karakter. Na de stad Groningen heeft onze gemeente de meeste werkgelegenheid in onze provincie. We willen een aantrekkelijke gemeente zijn voor bedrijven om te ondernemen en voor inwoners om hier te werken en te wonen. Naast stedelijke voorzieningen met aantrekkelijke centra, biedt onze regio veel landelijk gebied en natuur voor rust en recreatie. Toeristische bestedingen vormen een belangrijke economische factor.

Ambities

Gemeente Midden-Groningen wil werk maken van brede welvaart. Sociaal-economische versterking is belangrijk. We willen een veerkrachtige en toekomstbestendige economie. We willen een economie die bijdraagt aan welvaart en welzijn. Een economie waar zoveel mogelijk mensen aan het werk zijn. Dat geeft een wenkend perspectief. Want een baan geeft financiële zekerheid. En het betekent sociale contacten en leidt tot positieve eigenwaarde. Niet voor niets is het doel om de werkloosheid terug te brengen tot 3,9% binnen de periode van het NPG.  Daarom willen we ook ruimte bieden aan de economische ontwikkeling in onze gemeente. Daarvoor zijn voldoende en toekomstbestendige werklocaties van belang. Binnen de gemeente werken we vanuit verschillende werkvelden aan een aantrekkelijk vestigings- en ondernemersklimaat in Midden-Groningen. We zien de volgende doelen:

  • We willen het bedrijfsleven in Midden-Groningen behouden en versterken;
  • We willen een goede balans tussen landbouw, natuur en leefomgeving;
  • We willen toekomstbestendige winkelcentra;
  • We willen een volwaardige vrijetijdssector ontwikkelen. 

Economie en coronavirus
De impact van de coronacrisis is in heel Nederland voelbaar. Dat leidde in het 2e kwartaal van 2020 tot een daling van het aantal banen en een stijgende werkloosheid. Inmiddels is de werkzame beroepsbevolking weer even groot als begin 2020.  Ook de krapte op de arbeidsmarkt neemt weer toe. Het CPB verwacht dat eind 2021 de economie terug is op het oude niveau van voor de pandemie. Wel verwacht het CPB een lichte stijging van de werkloosheid in 2022. Dit komt door de afbouw van de steunpakketten voor Corona. De effecten van het coronavirus op langere termijn zijn lastig te voorspellen. Dat hangt bijvoorbeeld af van een mogelijk inhaaleffect en de economie verder groeit. In 2020  is  de economie in de provincie Groningen met 5% gekrompen. Dat komt met name door de verminderde gaswinning. De belangrijkste/grootste sector in onze gemeente is de industriële sector. Vooralsnog lijkt het erop dat nu de economie weer aantrekt de industriële sector relatief weinig hinder van de coronacrisis ondervindt. Heel anders is dat in de vrijetijdssector, die is het hardste getroffen door de geldende maatregelen. Met name bedrijven in horeca, evenementen en ambulante handel. De detailhandel is bezig met een inhaalslag, maar blijft ook afhankelijk van maatregelen vanuit het Rijk.

Werklocaties
De vraag naar bedrijventerreinen blijft onverminderd doorgaan. Niet alleen in onze gemeente, maar in de hele Regio Groningen Assen. In de gemeente Midden-Groningen is een toenemende vraag naar met name nieuwbouwlocaties, waardoor we op de huidige bedrijventerreinen krap in ons jasje komen te zitten. Met nieuwbouwlocaties kunnen we  ruimte bieden aan de groeiambities van onze ondernemers,  maar ook voor het verplaatsen van (industriële) bedrijven in verband met herstructurering van huidige werklocaties. Daarnaast bieden nieuwe locaties  ruimte aan nieuwe bedrijven. Tegelijkertijd heeft de transitie naar een circulaire economie en de energietransitie ook ruimte nodig.

Landbouw
De gemeente heeft een grote landbouwsector die de gevolgen ervaart van de steeds wisselende regelgeving omtrent onder andere stikstof. Agrariërs maken zich zorgen over investeringen en bedrijfsopvolging. In de landbouw is een tendens gaande om meer richting ‘natuurinclusief’ te bewegen, wat moet leiden tot een grotere diversiteit aan dieren en planten. Noord-Nederland heeft op dit thema een regiodeal gesloten met de Rijksoverheid.

Detailhandel
De dynamiek in de detailhandel is groot. Vraag en aanbod zijn sterk in ontwikkeling.  Ontgroening en vergrijzing veranderen de samenstelling van de bevolking. Door de veranderende economische bestedingsmogelijkheden per doelgroep en de toenemende mobiliteit en vrije tijd worden steeds hogere eisen gesteld aan het aanbod. De markt verandert structureel. De opkomst van het gebruik van internet voor het doen van aankopen is de afgelopen jaren sterk blijven stijgen. In 2007 bedroegen de bestedingen ongeveer 5 miljard, in 2013 ruim 10 miljard euro, en in 2018 inmiddels ruim 23 miljard euro. De groei is de afgelopen jaren steeds sneller gegaan. Ondanks de aanhoudende populariteit van e-commerce, is de verwachting dat er behoefte blijft aan fysieke winkels. Wel neemt in Nederland de regiofunctie van middelgrote gemeenten af.

Recreatie en toerisme
Regio Groningen heeft last van een negatief imago, wat lastig te doorbreken is. Een omschrijving van het imago is lastig te geven, het gaat om het gevoel dat iemand bij een regio heeft zonder er te zijn geweest. Bezoekers van Groningen geven de provincie een rapportcijfer 7.7, terwijl niet-bezoekers van Groningen de provincie met een 6,2 waarderen (rapport ‘Het imago van toeristisch Groningen 2019’ SWECO). De belangrijkste reden is dat Groningen ‘ver weg’ is, ook is er een sterke associatie met aardbevingen als men aan Groningen denkt. Corona lijkt hierin een positieve ontwikkeling teweeg hebben gebracht, doordat toeristen in eigen land bleven en meer mensen in 2020 en 2021 de provincie Groningen hebben 'ontdekt'. De provincie Groningen zag het aantal overnachtingen in het derde kwartaal van 2020 met 33% toenemen (CBS).

Wat willen we bereiken?

a. We willen een excellente dienstverlener zijn voor ondernemers en instellingen.

Bedrijven die zich hier willen vestigen of bestaande bedrijven die willen uitbreiden, faciliteren wij optimaal. Hetzelfde geldt voor bedrijven die onderling en/of met onderwijs- en kennisinstellingen willen samenwerken ten behoeve van innovatie, ontwikkeling en arbeidsmarkt.

Bedrijfsvestigingen per 1000 inwoners van 15-74 jaar
Jaar Midden-Groningen Nederland
2020 100,2 135,2

Banen per 1000 inwoners van 15 - 64 jaar
Jaar Midden-Groningen Nederland
2020 574,5 795,9

Werkloosheidspercentage
Jaar Midden-Groningen Nederland
2020 4,4 % 3,8 %

Acties

b. We willen meer regionale waarde voor de landbouwsector.

Noord-Nederland als koploper van een vitaal platteland! Vanuit deze ambitie werken landbouw, natuur en onderwijs sinds eind 2019 samen in de Regio Deal Natuurinclusieve Landbouw, met als doel de omslag naar een landbouwvorm die zowel voedsel produceert als de omgeving versterkt. Via de samenwerking in Agenda voor de Veenkoloniën wordt uitvoering gegeven aan het actieplan dat is opgesteld als onderdeel van de Regiodeal Natuurinclusieve landbouw.

Acties

c. We concentreren de detailhandel tot compacte centra.

In de gemeente is sprake van een fors overaanbod aan  vierkante meters voor detailhandel. Het is gewenst en noodzakelijk om zoveel mogelijk het aantal vierkante meters terug te dringen, zodat de leegstand van winkelpanden op een acceptabel niveau blijft. Daarom willen we verdere concentratie van het aanbod in compacte centra. Zo houden we de centra aantrekkelijk.

Acties

d. We positioneren Midden-Groningen als een recreatiebestemming waar het voor iedereen goed toeven is.

We willen de potentie van recreatie en toerisme betere benutten. Gemeente Midden-Groningen heeft op het vlak van recreatie en toerisme veel te bieden. We hebben in ons gebied prachtige, aaneengesloten natuur. Er zijn meren, kanalen, goed ontsloten waterwegen voor waterrecreatie en een goed fiets- en wandelnetwerk. Daarnaast is er veel en goed beleefbaar cultuurhistorisch erfgoed, zoals borgen, molens, kerken, boerderijen en architectonisch bijzondere gebouwen.

Acties

2.3.4 Verkeer

Inleiding

Het brede werkveld verkeer en vervoer gaat over thema’s die van belang zijn voor onze inwoners, bedrijven en bezoekers. Het gaat om de bereikbaarheid van en de verkeersveiligheid in onze gemeente voor alle soorten van vervoer. Dit betreft zowel verkeer te voet, op de fiets (utilitair), gemotoriseerd verkeer (auto-, vracht- en landbouwverkeer) als het openbaar vervoer.

Ambities

Een goed bereikbare en verkeersveilige gemeente voor alle verkeersdeelnemers. Het verkeerssysteem is duurzaam in het kader van het Klimaatakkoord waarbij vanuit verkeer en vervoer vooral wordt ingezet op het stimuleren van het fietsgebruik. Het verkeerssysteem is in de volle breedte geen obstakel om je vrij te kunnen verplaatsen. Het verkeerssysteem is toegankelijk zodat iedereen de mogelijkheid heeft om zich te kunnen verplaatsen. Oftewel mobiliteit is binnen ieders bereik. Er is een Ontwerp Mobiliteitsplan waarin het beleid aan de hand van vijf thema’s is beschreven. In deze begroting hanteren we de doelen uit het Ontwerp Mobiliteitsplan. De ambitie van het College is om het Mobiliteitsplan in 2021 door de Gemeenteraad te laten vaststellen.

We merken bijna allemaal dat ons mobiliteitsgedrag verandert door de coronapandemie. We reizen minder kilometers doordat we bijvoorbeeld meer thuis werken. Of de coronapandemie onze mobiliteit ook op langere termijn gaat beïnvloeden weten we nog niet.

Wat willen we bereiken?

a. Verkeersveilig bewegen.

Wij willen de verkeersveiligheid, met de nadruk op kwetsbare verkeersdeelnemers, structureel verbeteren. We hebben een goed beeld van de meest verkeersonveilige locaties, risicovolle doelgroepen (bijvoorbeeld jonge bestuurders) en gedragingen (bijvoorbeeld afleiding door het gebruik van de smartphone). Het aanpakken van deze meest onveilige knelpunten en risicolocaties hebben prioriteit.

Acties

b. Sociaal inclusief.

Wij willen de gevaren van vervoersarmoede tegengaan en werken aan een toegankelijk mobiliteitssysteem waarbij al onze inwoners voldoende mobiel zijn om deel te kunnen nemen aan het maatschappelijk leven.

Acties

c. Duurzaam verplaatsen.

Wij willen met het mobiliteitsbeleid bijdragen aan de duurzaamheidsambities. De komende jaren wordt vanuit het werkveld verkeer en vervoer ingezet op het stimuleren van het gebruik de fiets.

Acties

d. Bereikbaar platteland.

Wij willen de voorzieningen bereikbaar houden. Niet overal in de gemeente is het openbaar vervoer goed toegankelijk. Oplossingen moeten gevonden worden met maatwerk per dorp en/of het ondersteunen van alternatieven zoals de Hubtaxi.

Acties

e. Economische dynamiek.

Wij willen dat de werklocaties en de economische centra goed bereikbaar zijn.

Acties

2.3.5 Duurzaamheid

Inleiding

In 2019 heeft de gemeente Midden-Groningen een duurzaamheidsvisie vastgesteld. Sindsdien werken we aan de uitvoering van deze visie. De duurzaamheidsvisie straalt ambitie uit. Hiermee willen we aan de slag. Tegelijkertijd zijn capaciteit en middelen beperkt

Jaarlijks worden de onderwerpen bepaald waar in dat jaar op wordt ingezet. Een belangrijk hoofdonderwerp voor de gemeente Midden-Groningen is  'de sociale kant van duurzaamheid'. Armoede is een groeiend probleem in Midden-Groningen. Veel woningeigenaren investeren relatief weinig in verduurzaming. Juist in wijken met een relatief goedkope woningvoorraad leidt dit tot hoge energielasten.  De gemeente Midden-Groningen heeft zeer nadrukkelijk aandacht voor deze sociale kant van de duurzaamheid.

Daarnaast vraagt de overgang naar duurzame energievormen om veel inspanningen van onze gemeente de komende jaren. Diverse beleidsplannen moeten worden opgesteld en geactualiseerd. In 2021 is de Regionale Energie Strategie (RES) 1.0 vastgesteld. In 2022 moet de RES 2.0 worden opgeleverd. Belangrijk onderwerp waar in RES-verband  aan wordt gewerkt de komende jaren is  de wijze waarop onze inwoners profiteren van de ontwikkeling van duurzame energieprojecten.  Ook staan de onderwerpen 'het opstellen van uitgangspunten voor toekomstige ruimtelijke visies' en 'de capaciteit van het netwerk' nadrukkelijk op de agenda.  In 2021 wordt de Transitievisie Warmte (TVW) vastgesteld. De TVW beschrijft op wijkniveau welke mogelijkheden er zijn om deze aardgasvrij te maken. De RES 2.0 gaat over de warmtetransitie.  De TVW is de basis voor de RES 2.0. Het opstellen van de RES en TVW, en het respectievelijk 2- en 4-jarig actualiseren, zijn wettelijke verplichtingen.

Tot slot gaat aandacht uit naar de voorbeeldrol van de gemeente. We willen extra stappen maken om ook als gemeentelijke organisatie verder te verduurzamen. Belangrijke onderwerpen zijn Maatschappelijk Verantwoord Inkopen (MVI) en het verduurzamen van het gemeentelijk vastgoed. De gemeente is wettelijk verplicht het gemeentelijk vastgoed voor 1 januari 2023 op label C te brengen.

Ambities

Duurzame ontwikkeling gaat over een balans tussen mens, milieu en economie, mondiaal, nationaal, regionaal, en lokaal. Voor Midden-Groningen zetten we in op een duurzame samenleving, een duurzame energievoorziening, een duurzaam landschap en klimaat, duurzaam ondernemen en een duurzame gemeentelijke organisatie.

Een duurzame samenleving is van ons allen. Werken aan duurzame ontwikkeling doen we samen met partners, belanghebbenden en in het bijzonder de inwoners van de gemeente Midden-Groningen.

De onderwerpen duurzaamheid en energietransitie krijgen steeds meer aandacht. Het veranderend klimaat, dat zichtbaar begint te worden voor iedereen, draagt hieraan bij. Voor de nationale overheden en lokale overheden betekent dit dat er steeds meer plannen worden gemaakt  om de  samenleving te verduurzamen En het blijft niet alleen bij plannen. We zien bijvoorbeeld ook meer zonneparken in ons landschap verschijnen. En het aantal elektrische voertuigen groeit gestaag.

Duidelijk is geworden dat planvorming en uitvoering alleen goed lukt met draagvlak van de bevolking. Bij nieuwe ontwikkeling is hier meer oog voor dan voorheen. Draagt de burger de lasten, dan wil zij ook de lusten. In een vol land als Nederland zeker. En de burger wil meedenken over zijn leefomgeving. Op een goede manier invulling geven aan burgerparticipatie wordt steeds belangrijker. Zowel bij het opstellen van beleid als het uitvoeren van projecten. Aandachtspunt is de weerstand bij diverse groeperingen in de maatschappij in relatie tot de energietransitie of onderdelen hiervan.  Beter begrijpen waar deze vandaan komt en burgers beter betrekken en informeren zijn noodzakelijke ingredienten om meer draagvlak voor de energietransitie te krijgen.

Belangrijk aandachtpunt bij de energietransitie-vraagstukken is de betaalbaarheid.  Dit is zeker niet alleen regionaal een probleem, maar ook landelijk en internationaal. Hetzelfde geldt voor de capaciteit van het elektriciteitsnetwerk. Het blijkt zeer lastig alle duurzaam opgewekte capaciteit over het bestaande netwerk te vervoeren. En dit netwerk uitbreiden is een megaproject en duurt vele jaren. Planvormers en netbeheerders trekken steeds meer gezamenlijk op om dit probleem het hoofd te bieden.

Wat willen we bereiken?

a. De gemeente biedt individuele inwoners die duurzaam willen handelen hier de mogelijkheden voor.

Acties

b. Inwoners van de gemeente Midden-Groningen zijn betrokken bij en profiteren van de ontwikkeling van duurzame energieprojecten.

In het klimaatakkoord is het streven naar 50% lokaal eigendom van hernieuwbare energieprojecten opgenomen. De RES Groningen, waar de gemeente Midden-Groningen deel vanuit maakt, onderschrijft het belang van lokaal eigendom en participatie. Dat gaat zowel over meepraten (procesparticipatie) als financieel voordeel genieten (financiële participatie).

Acties

c. De gemeente Midden-Groningen maakt het mogelijk dat duurzame energieprojecten worden gerealiseerd.

De gemeente Midden-Groningen heeft te allen tijde een vastgestelde visie op waar en op welke wijze we voor duurzame energieprojecten in het landschap ruimte bieden. In het kader van de energietransitie wordt in de toekomst meer duurzame energie op land geproduceerd. Dat betekent dat er bijvoorbeeld zonneparken worden aangelegd. Hiervoor moeten we bedenken waar we dergelijke parken willen toestaan en hoe we ze zo kunnen opstellen dat ze passen in de omgeving. Daarbij willen we ons landschap niet (te zeer) aantasten. Bij de keuze voor mogelijke locaties spelen ook mogelijke negatieve effecten van duurzame energieprojecten als bijvoorbeeld geluid op de omgeving een rol. Ook moeten we bij de keuze voor locaties mogelijk ander gebruik voor woningen, bedrijven, landbouw en natuur laten meewegen.

Acties

d. Een aantal wijken in de gemeente Midden-Groningen is in 2030 van het aardgas af.

De gemeente Midden-Groningen stelt in 2021 de Transitievisie Warmte (TVW) vast. De visie beschrijft welke techniek voor de diverse wijken om van het gas af te gaan het meest logisch is. Dit hangt af van de locatie en het type woningen. Nadat de visie is vastgesteld worden een aantal wijkuitvoeringsplannen (WUPs) gemaakt. Opstellen van een TVW en de WUPs is een wettelijke verplichting. De gemeente Midden-Groningen heeft al een aantal lopende projecten waarbij wijken van het aardgas afgaan. Ook zijn er een aantal plannen voor wijken in Midden-Groningen in ontwikkeling om van het aardgas af te gaan.

Woningen die van het aardgas af gaan heeft voor de bewoners veel gevolgen; de huizen worden fors aangepakt en de vraag is wie de aanpassingen betaalt. Van het aardgas af gaan kan alleen met draagvlak van de bewoners.

Acties

e. De gemeente ondersteunt bij initiatieven van inwoners, bewonersorganisaties, energiecoöperaties, en andere belanghebbenden in onze gemeente.

Acties

f. De gemeente Midden-Groningen voert een duurzame bedrijfsvoering.

De gemeente Midden-Groningen heeft een voorbeeldrol. Dat wat zij van anderen verwacht moet zij ook zelf realiseren. Daarnaast voldoet zij aan alle wettelijke verplichting op het gebied van energie en duurzaamheid.

Acties

2.3.6 Verplichte beleidsindicatoren (BBV)

Beleidsindicatoren

De verplichte beleidsindicatoren zijn opgenomen in onderstaande tabel.

Programma Economie
Naam Indicator Eenheid Gebied 2017 2018 2019 2020 2021
Functiemenging % Midden-Groningen 42,6% 43,5% 44,3% 43,9% -
Nederland 52,5% 52,9% 53,3% 53,2% -
Vestigingen (van bedrijven) Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 t/m 64 jaar Midden-Groningen 107,9 111,5 116,5 121 -
Nederland 139,9 145,3 151,3 158,4 -

2.3.7 Financieel overzicht

Bedragen x €1.000
Omschrijving Realisatie 2020 Begroting 2021 na wijzigingen Begroting 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025
Lasten
Brandweer / Openbare veiligheid 5.592 5.604 5.964 6.038 6.021 5.881
Economische ontwikkeling 6.449 6.365 5.297 5.652 5.674 5.764
Bedrijventerreinen 1.439 1.428 1.205 1.205 991 1.000
Grondexploitaties 4.729 6.463 5.510 4.965 4.266 4.244
Toerisme 315 256 230 232 234 235
Openbaar vervoer 3 50 46 48 49 50
Totaal Lasten 18.527 20.166 18.252 18.140 17.235 17.175
Baten
Brandweer / Openbare veiligheid 186 202 195 195 195 195
Economische ontwikkeling 3.295 2.145 1.414 1.414 1.414 1.414
Bedrijventerreinen 1.761 1.451 1.265 1.282 1.071 1.091
Grondexploitaties 4.079 6.412 5.480 4.993 4.201 4.236
Toerisme 262 307 307 307 307 307
Totaal Baten 9.583 10.517 8.661 8.192 7.188 7.244
Saldo voor bestemming -8.944 -9.649 -9.591 -9.948 -10.047 -9.932
Onttrekkingen
Brandweer / Openbare veiligheid 0 8 0 0 0 0
Economische ontwikkeling 86 288 0 0 0 0
Bedrijventerreinen 174 0 0 0 0 0
Grondexploitaties 305 0 0 0 0 0
Toerisme 62 33 13 13 13 13
Totaal Onttrekkingen 628 329 13 13 13 13

Toelichting

Het nadelig saldo van de lasten en baten op het programma Economie 2022 voor bestemming is afgenomen met € 58.000. Het nadelig saldo na bestemming is (door lagere onttrekking van de reserve in 2022 dan 2021)gestegen met € 0,26 miljoen ten opzicht van de begroting 2021. We lichten per product de belangrijkste wijzigingen toe.

Brandweer en openbare veiligheid
Het nadelig saldo is gestegen met € 0,37 miljoen . Dit wordt veroorzaakt door hogere lasten van € 0,36 miljoen, de baten blijven nagenoeg gelijk.

Lasten: de deelnemersbijdrage aan de Veiligheidsregio stijgt met € 50.000 als gevolg van indexatie. Daarnaast zijn in de voorjaarsbrief 2020 extra middelen toegekend voor Openbare orde en veiligheid (OOV). In 2021 betrof dit € 0,25 miljoen en vanaf 2022 € 0,5 miljoen, wat dus tot een stijging van de lasten leidt met € 0,25 miljoen.  Het restant verschil wordt met name veroorzaakt door een stijging van de doorbelaste personeelskosten. 

Economische ontwikkeling
Het nadelig saldo is gedaald met € 0,35 miljoen. Dit wordt veroorzaakt door lagere lasten van € 1,07 miljoen en daarnaast dalen de baten met € 0,72 miljoen.

De deelnemersbijdrage aan de Omgevingsdienst wordt verdeeld over de producten Milieu en Economische ontwikkeling. De totale deelnemersbijdrage stijgt door indexatie licht ten opzichte van de begroting 2021 maar de verdeling tussen beide producten is gewijzigd, waardoor € 0,23 miljoen minder wordt toegerekend aan Economische ontwikkeling. Dit komt voornamelijk door een gewijzigde administratieve verwerking. Daarnaast zijn in de voorjaarsnota 2021  voor het jaar 2021 incidenteel € 0,45 miljoen hogere lasten geraamd die samenhangen met hogere legesopbrensten (zie ook toelichting bij de baten). Tenslotte zijn er voor het jaar 2021 incidenteel middelen beschikbaar gesteld voor de implementatie van de omgevingswet, deels vanuit de begroting 2021 en deels vanuit de resultaatbestemming bij de jaarrekening 2020.  Dit leidt tot lagere lasten in 2022 van € 0,5 miljoen.  Het restant van € 0,1 miljoen hogere lasten  wordt met name veroorzaakt door een stijging van de doorbelaste personeelskosten. 

De lagere baten hebben betrekking op de leges, voor 2021 zijn incidenteel hogere baten geraamd. Er zit een onzekerheid in de legesopbrengsten in verband met de invoering van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging bouw (Wkb). Mocht de invoeringsdatum nogmaals opschuiven, dan zullen de leges naar verwachting hoger uitvallen. 

Bedrijventerreinen
Het saldo is vrijwel gelijk gebleven ten opzichte van de begroting 2021. De afname bij de lasten van bijna € 0,2 miljoen wordt in hoofdlijnen veroorzaakt doordat in 2022 minder wordt uitgegeven aan verhardingen op bedrijventerrein Rengerspark.  Omdat de lasten via de baten worden overgeboekt naar de balans verklaart dit ook de afname bij de baten van € 0,2 miljoen. 

Grondexploitatie
Het saldo is vrijwel gelijk gebleven ten opzichte van de begroting 2021.
De afname bij de lasten ten opzichte van de begroting 2021 van € 0,9 miljoen wordt per saldo  veroorzaakt doordat in de begroting 2021 meer kosten voor bouwrijpmaken is opgenomen dan ten opzichte van de begroting 2022, dit betreft de grondexploitatie De Vosholen fase 2 deelplan 1 ( - € 0,7 miljoen) en het bouwrijpmaken van de kavel Borgmeren 3a in 2021 (- € 0,2 miljoen. Omdat de lasten via de baten worden overgeboekt naar de balans verklaart dit ook de afname bij de baten van € 0,9 miljoen.

De lasten en baten die verband houden met grondexploitaties worden in de exploitatie verantwoord en via een tegenboeking (onderhanden werk) naar de balans overgeboekt. Het verschil tussen de begrotingsjaren 2021 en 2022 komt voornamelijk door de verschillen in de faseringen bij de grondexploitaties per jaar. In de verschillenanalyse worden in grote lijnen de verschillen toegelicht. Voor meer informatie over de grondexploitaties verwijzen wij u naar de paragraaf grondbeleid en de Meerjaren Prognose Grondexploitatie 2021.

Reservemutaties 2022
Ten opzichte van 2021 wordt € 0,3 miljoen minder onttrokken vanuit reserves. De reservemutaties in 2021 zijn incidenteel en betreffen de overhevelingen implementatie omgevingswet en MER-bestemmingsplan buitengebied.