2.5 Programma Gevolgen gas- en zoutwinning en lokaal programma NPG

2.5.0 Inleiding

Binnen dit programma geven we uitvoering aan het Programma gevolgen gas- en zoutwinning en de uitvoering van het lokale programmaplan NPG. 

2.5.1 Gevolgen gas- en zoutwinning

Inleiding

Een deel van de gemeente Midden-Groningen ligt in het kerngebied van de gaswinning. Dit betekent dat veel van onze inwoners dagelijks te maken hebben met de gevolgen hiervan. Veel woningen en andere gebouwen hebben schade vanwege aardbevingen die veroorzaakt worden door gaswinning. Ruim 3.000 gebouwen (grotendeels woningen) in onze gemeente zijn onderdeel van de versterkingsopgave. Van al deze gebouwen moeten worden onderzocht of zij voldoen aan de veiligheidsnorm van 10-5 en als dat niet het geval is, dan moeten zij preventief worden versterkt. De traagheid in zowel de afhandeling van schade als de versterking en de steeds veranderende kaders en werkwijzen zorgen voor veel psychische en emotionele schade bij onze inwoners. Vanwege de grote impact op onze inwoners en de brede betrokkenheid vanuit de gemeente vanuit vele disciplines is ervoor gekozen om de gevolgen van de gaswinning programmatisch aan te pakken.

Schade

Sinds juni 2020 wordt schade als gevolg van gaswinning uit het Groningenveld afgehandeld door het Instituut Mijnbouwschade (IMG). Schade als gevolg van andere gasvelden en andere vormen van mijnbouw (zoals zoutwinning) ligt bij de Commissie Mijnbouwschade. De rol van de gemeente in individuele schadetrajecten is beperkt. Wel proberen we de vinger aan de pols te houden. Met de directie van het IMG wordt periodiek gesproken over voortgang en ontwikkelingen. Ditzelfde geldt voor de ontwikkelingen rondom de waardeverminderingsregeling en regeling immateriële schade die sinds kort ook door het IMG worden behandeld. Wanneer door het IMG bij een pand een acuut onveilige situatie wordt geconstateerd, kan het zijn dat de gemeente een meer actieve rol krijgt, bijvoorbeeld vanwege vergunningverlening.

Versterking

Gebouwen die niet voldoen aan de veiligheidsnorm van 10-5 (gebouwen die niet sterk genoeg zijn om bij een beving met een magnitude van maximaal 5 lang genoeg overeind te blijven zodat de bewoners veilig het pand kunnen verlaten) moeten worden versterkt. Om dit te beoordelen wordt gebruik gemaakt van de Nederlandse Praktijkrichtlijn Aardbevingsbestendig Bouwen, de NPR 9998. De scope van de versterking bestaat uit zowel de adressen die reeds in de bestaande versterkingsopgave zitten (de batches en programma’s vanuit de Meerjarenprogramma’s van 2016, 2017 en 2018) en de adressen die voorkomen uit de risicoanalyses HRA en SDRA van de afgelopen jaren.

De formele rol en positie van de gemeente in het versterkingsproces is vooral het prioriteren van opname, beoordelen en uitvoeren. Hierbij is het van belang dat de beperkte capaciteit hiervoor goed en efficiënt wordt ingezet. Deze prioritering landt uiteindelijk in de Lokale Plannen van Aanpak die elke gemeente opstelt en die als opdracht richting NCG gelden. Deze rol is opgenomen in het Besluit Versterken en de Tijdelijke Wet Groningen, onderdeel versterking.

Ook heeft de gemeente een belangrijke rol bij het zorgen voor goede randvoorwaarden. Dat betekent dat ruimtelijke procedures vlot moeten worden doorlopen en dat de gemeente faciliteert bij het ontwikkelen van tijdelijke huisvesting voor eigenaren die tijdelijk hun huis uit moeten vanwege de versterking. Daar waar versterkingsprojecten zich concentreren heeft de gemeente een coördinerende rol en moet er ook gekeken worden naar bereikbaarheid, logistiek en leefbaarheid. Voor de dekking van kosten aan openbaar gebied, de zogenaamde inpassingskosten, zijn afspraken gemaakt met het rijk.

Ook op het gebied van sociale ondersteuning heeft de gemeente een toenemende rol. We zien de individuele vragen van inwoners voor ondersteuning en hulp toenemen. De gemeente probeert er voor haar inwoners te zijn en bij hulpvragen te kijken wat zij kan doen, bijvoorbeeld door te bemiddelen tussen de verschillen de instanties.

In november 2020 zijn er tussen de gemeenten, provincie en het rijk bestuurlijke afspraken gemaakt over de versterking en hoe om te gaan met de verschillen in uitkomst. Dat heeft geleid tot drie verschillende compensatiepakketten die bedoeld zijn om de inwoners meer perspectief te bieden. De afhandeling hiervan ligt grotendeels bij het rijk en de NCG, maar voor een beperkt deel (het zogenaamde blok B), ligt de afhandeling in handen van de gemeente. Hiertoe is in 2021 een subsidieregeling vastgesteld.

Onderdeel van de bestuurlijke afspraken is dat er middelen en inzet wordt vrijgemaakt voor zogenaamde vastgelopen dossiers. Dit gaat om schade- en versterkingsdossiers, waarbij de reguliere aanpak vanuit IMG en NCG niet voldoende is en waar meer speelt dan versterking en/of schade alleen.

89 adressen in het dorp Overschild zijn onderdeel van batch 1588. Voor deze groep adressen zijn in 2018 afzonderlijke afspraken gemaakt tussen de betrokken gemeenten en het rijk. Daarbij is afgesproken dat de financiering van de versterkingsprojecten (grotendeels sloop-nieuwbouw) via de gemeenten loopt in de vorm van subsidies ter grootte van het bouwbudget. In 2020 bleek dat, met name vanwege sterk stijgende bouwkosten, het totale budget voor deze groep (€ 420 miljoen) onvoldoende zou zijn. Daarom zijn er in 2021 aanvullende afspraken gemaakt tussen de gemeenten en het rijk en is het budget verhoogd.

De personele inzet die hoort bij de gemeentelijke rol wordt gedekt vanuit de zogenaamde lump-sum, die tussen gemeenten en het rijk is overeengekomen. We monitoren of de benodigde inzet en de beschikbare middelen in de pas lopen.

Wettelijke rol gemeente bij vaststellingsbesluiten Groningenveld

Jaarlijks neemt de minister van EZK een besluit over de hoogte van de gaswinning uit het Groningenveld. De rol van de gemeente daarbij is geregeld in de Mijnbouwwet. De gemeente is één van de wettelijke adviseurs die de minister adviseert voordat hij een ontwerp-vaststellingsbesluit neemt. Ook kan de gemeente reageren op een ontwerp-vaststellingsbesluit met een zienswijze en tot slot mag de gemeente (mits er een zienswijze is ingediend) in beroep tegen het definitieve besluit.

De verwachting is dat er in 2022 geen regulier vaststellingsbesluit meer wordt genomen door de minister, omdat de gaswinning dan niet meer wordt bepaald door de leveringszekerheid, maar door de zogenaamde minimum flow die nodig is om het systeem rondom het Groningenveld (deels) in stand te houden voor calamiteiten en monitoring.

Scholenprogramma

De gemeente Midden-Groningen geeft uitvoering aan het convenant aardbevings- en toekomstbestendige scholenbouw Groningen. Dit convenant combineert het waarborgen van een veilige onderwijsomgeving met het realiseren van ’een sprong voorwaarts’ als het gaat om onderwijs in de gehele regio. Binnen de gemeente Midden-Groningen wordt op dit moment gewerkt aan 13 nieuwbouwprojecten en 6 versterkingsprojecten. Het scholenprogramma heeft inmiddels een aantal projecten succesvol opgeleverd.

In het najaar van 2019 heeft de raad besloten tot het overnemen van de verantwoordelijkheid voor de versterkingsprojecten die ondergebracht waren bij het CVW. Door deze nieuwe rolverdeling zijn minder partijen betrokken bij de projecten en staat de gemeente aan het roer om samen met het onderwijsveld tot uitvoering van de projecten te komen.

In samenwerking met de schoolbesturen en de medezeggenschapsraden, onderwijzers, ouders en kinderen van de scholen wordt door het Scholenprogramma gewerkt aan het onderwijs voor de toekomst. Waar mogelijk worden daarbij ook annexe voorzieningen mee ontwikkeld. Dit betreffen wijkvoorzieningen en voorzieningen voor sport en bewegen.

In de gemeentelijke organisatie zijn meer mensen aangetrokken om de toegenomen hoeveelheid werk in de uitvoering snel aan te kunnen pakken en de juiste financiële, juridische en projectmatige aanpak zoveel mogelijk te kunnen garanderen.

Een aantal projecten wordt grotendeels in 2021 opgeleverd en een aantal projecten loopt door tot in 2022. Dit betreffen projecten die volgtijdelijk zijn aan andere projecten (Rutger Kopland School, De Meent) of waarbij geen veiligheidsissue meer speelt (KC Hoogezand-West, KC Kropswolde-Meerwijck).

Zoutwinning

Vanwege de samenhang tussen gaswinning uit het Groningenveld en de kleine velden door NAM en de winning van zout door Nedmag, zijn de gevolgen van de zoutwinning ook onderdeel van de programmatische aanpak.

De gemeente Midden-Groningen verzet zich tegen uitbreiding van de zoutwinning, uit bezorgdheid om calamiteiten zoals in 2018, voortgaande bodemdaling en weerstand van omwonenden. Dit heeft in 2021 geleid tot een beroepsprocedure, waarvan de uitkomst bij het schrijven van deze begroting, nog niet bekend is.

Ambities

De gemeente Midden-Groningen wil er zijn voor haar inwoners. Op het gebied van schade zijn de mogelijkheden hiervoor voor de gemeente beperkt. In voorkomende situatie bemiddelt de gemeente in vastgelopen dossiers. Tegelijk worden op de bestuurlijke tafels de systeemveranderingen bepleit.

Ook bij de versterking is er nog veel dat niet goed loopt. De gemeente heeft hier weliswaar een formele (en informele) rol, maar bij problemen rondom de capaciteit van zowel beoordelen als uitvoering, en de verschillende kaders die gelden voor verschillende groepen, kan de gemeente alleen bestuurlijke en politieke invloed laten gelden. Daarom is het ook van belang dat de samenwerking binnen de regio goed blijft, zowel ambtelijk als bestuurlijk, en dat er een stevig regionaal geluid blijft bestaan.

Met de bestuurlijke afspraken van november 2020 is er een belangrijke stap gezet in het lostrekken van een aantal knelpunten binnen de versterking. Maar we zijn er nog niet. We zien met name dat er in de samenhang tussen versterking en schade nog veel te verbeteren valt, ook zien we dat steeds vaker bij versterken en schade de staat van de funderingen van gebouwen een rol speelt, zonder dat er middelen beschikbaar zijn om deze aan te pakken. Ook verwachten we dat de uitvoering van de versterking en alle randvoorwaarden die daarbij horen, ons voor nieuwe uitdagingen zal stellen. Deze punten vormen de bestuurlijke agenda voor de komende periode.

Naar verwachting zal eind 2022 een groot deel van de ruim 3000 adressen die in onze gemeente deel uitmaken van de versterkingsopgave, beoordeeld zijn. We hebben dan een beeld van de omvang van de benodigde uitvoeringscapaciteit, maar de gemeente zet zich ervoor in om niet tot dat moment te wachten, maar nu al ervoor te zorgen dat de uitvoeringscapaciteit niet het nieuwe knelpunt wordt in de versterking.

Daar waar de versterkingsopgave inmiddels leidt tot fysieke werkzaamheden, willen we zorgen voor goede randvoorwaarden. Er zijn echter plekken waar de opeenvolgende aanpassingen van het versterkingsprogramma, en de wijzigingen in de NPR, grote gevolgen hebben op de inwoners. Dit speelt met name in Overschild, waar de driedeling in regimes leidt tot grote maatschappelijke problemen.

Daarom blijven we inzetten op een integrale aanpak van de problematiek binnen het programma en verstevigen we dit ook door de programmaorganisatie aan te passen aan de behoeftes. We zorgen voor samenhang tussen alle lopende projecten en vraagstukken op het gebied van schade, versterking en leefbaarheid. Vanuit deze samenhangende aanpak creëren we meerwaarde waar dit ondanks de lastige uitvoeringscondities toch nog mogelijk is.

Op basis van het programmaplan huisvesting onderwijs 2016-2020 dat in 2016 is vastgesteld, wordt de versterking en nieuwbouw van een groot aantal scholen in onze gemeente uitgevoerd. Dat gebeurt vanuit een aparte programmaorganisatie. In 2022 zal de uitvoering meer en meer onderdeel gaan worden van de lijnorganisatie van de gemeente.

De gemeente houdt de ontwikkeling rond de zoutwinning door Nedmag nauwlettend in de gaten en onderhoudt contact met de toezichthouder en inwoners hierover,

De gemeente zet vol in op haar wettelijke rol als adviseur van de minister van EZK ten aanzien van de vaststellingsbesluiten Groningenveld. De inzet daarbij is om duidelijkheid te creëren voor onze inwoners ten aanzien van de afbouw en stopzetting van de gaswinning uit het Groningenveld en de wettelijke verankering daarvan.

Het dossier gevolgen gaswinning kenmerkt zich door grillig en moeilijk voorspelbaar te zijn. Het is van belang dat niet de indruk ontstaat, dat alle problemen voor onze inwoners nu opgelost zijn. Er zijn nog veel problemen die opgelost moeten worden en paradoxaal wordt een belangrijk probleem hierbij veroorzaakt door de snelle afbouw van de gaswinning uit het Groningenveld. Inmiddels zien we dat steeds vaker gebouwen die beoordeeld zijn op basis van de meest recente NPR zonder aanvullende maatregelen op norm zijn en dus niet meer versterkt hoeven te worden. Dit voorkomt enerzijds onnodige maatregelen, maar zorgt ook voor onzekerheid bij inwoners en een moeilijk voorspelbaar proces.

Tegelijkertijd zijn er ook nog woningen die beoordeeld worden en die wel versterkt moeten worden en ook lopen er versterkingsprojecten op basis van eerdere versies van de NPR en waar grootschalige versterking en zelfs sloop-nieuwbouw aan de orde is. De parallel naast elkaar bestaande verschillende regimes zorgen voor veel onduidelijkheid bij bewoners.

Er is een toenemende zorg over de staat van funderingen van gebouwen binnen de versterking en binnen de schadeafhandeling. Om duurzaam te kunnen herstellen en versterken is het van belang dat de funderingen van gebouwen stevig genoeg zijn. Funderingen worden in de beoordeling echter vaak buiten beschouwing gelaten. Hierover zijn we het gesprek gestart met NCG, IMG en het rijk.

Wat willen we bereiken?

a. Alle gebouwen binnen de versterkingsopgave zo snel mogelijk beoordelen

Alle gebouwen die binnen de versterkingsopgave vallen, moeten zo snel mogelijk worden beoordeeld of ze aan de veiligheidsnorm voldoen. Daarbij willen we zorgen voor een goede samenhang tussen enerzijds veiligheid en anderzijds maatschappelijke logica. En daarmee het zoveel mogelijk voorkomen van verschillen binnen buurten, straten en dorpen in de uitkomsten van de beoordelingen.

Acties

b. Gebouwen waar nodig zo snel mogelijk versterken

Gebouwen die niet aan de veiligheidsnorm voldoen, moeten zo snel mogelijk worden versterkt.

Acties

c. Zorgen voor goede (ruimtelijke) randvoorwaarden voor een vlotte en bewonersgerichte manier van versterken

In dorpen waar veel versterkingsprojecten plaatsvinden, kijken we of de ruimtelijke kaders moeten worden aangepast. Ook maken we plannen voor de bereikbaarheid, leefbaarheid, veiligheid en communicatie tijdens de werkzaamheden.

Acties

d. De eigenaren in batch 1588 moeten verder kunnen met hun versterkingsprojecten.

Acties

e. Op basis van de afspraken uit het convenant scholenprogramma willen we de projecten voor het versterken en nieuwbouwen van scholen afronden.

Acties

f. Onze inwoners moeten niet de financier worden van de kosten die voortkomen uit de versterking.

Acties

g. Funderingsproblematiek moet niet de nieuwe pauzeknop worden in de versterkingsaanpak.

Acties

h. We willen geen uitbreiding van de zoutwinning.

Acties

2.5.2 Lokaal programma NPG (Nationaal Programma Groningen) i.o.

Inleiding

Nationaal programma Groningen (NPG) is er om Groningers in het aardbevingsgebied weer perspectief te bieden. De opgave is het structureel vergroten van de brede welvaart van elke Groninger. Brede Welvaart is een nieuwe internationale maatstaf om welvaart te meten, die inmiddels breed wordt toegepast als indicator. Brede Welvaart gaat naast economische groei over gezondheid, welbevinden, woon- en leefomgeving, de kwaliteit van natuur en milieu, opleidingsniveau en vertrouwen in politiek en bestuur. Brede Welvaart sluit aan bij het werken aan duurzaam toekomstperspectief. NPG richt zich daarnaast op het verbeteren van het imago van Groningen. Als een van de in het aardbevingsgebied gelegen gemeenten heeft Midden-Groningen een groot belang bij de doelen en inzet vanuit het NPG.

Op basis van het NPG-programmakader stellen de gemeenten elk een lokaal programmaplan op en de provincie een thematisch programmaplan. De lokale programma's richten zich op onderwerpen die lokaal of regionaal spelen. Het thematisch programmaplan gaat over thema's die het lokale niveau overstijgen en waarbij een regionale en provinciale aanpak nodig is.

Het Lokale Programma NPG ten behoeve van Midden-Groningen heeft in het najaar van 2020 en de eerste maanden van 2021 handen en voeten gekregen. Op 28 oktober 2020 stemde uw raad in met de indiening van het Lokaal Programmaplan NPG van Midden-Groningen “Hart voor Midden-Groningen alsmede met het indienen van de eerste selectie aan uit te voeren projecten bij het bestuur van het NPG. Naar aanleiding van het besluit van het bestuur van het NPG heeft uw raad op 28 januari 2021 het lokaal programma “Hart voor Midden-Groningen” definitief vastgesteld. Toen is ook het selectiedocument “Naar een goede afgewogen start” definitief vastgesteld en op basis daarvan zijn gaandeweg een groot aantal projecten bij het NPG ingediend.

De projecten worden door het NPG getoetst op de bijdrage aan brede welvaart. Daarbij zijn de volgende doelstellingen per ambitie geformuleerd.

Midden-Groningen heeft de ambities uit het NPG toegespitst op de vraagstukken van Midden-Groningen en op basis daarvan “Hart voor Midden-Groningen” gestalte gegeven.

Het lokale programma kent de volgende indeling:

  1. Lang en gelukkig leven waar je hart ligt (aantrekkelijke sociale leefomgeving). Midden-Groningen streeft naar een lang, gezond en gelukkig leven in een aantrekkelijke sociale-, leef- en woonomgeving, nu en in de toekomst. Deze ambitie richt zich op de nu aanwezige mensen die hier wonen en werken en hoe het voor hen te verbeteren;
  2. Lang en gelukkig leven waar je hart ligt (fysieke woon- en leefomgeving);
  3. Open je hart voor Midden-Groningen;
  4. Hart voor de jeugd;
  5. Hart voor werk.

Deze indeling sluit aan op de algemene doelen van het NPG als totaal en reflecteert de lokale speerpunten.

Ambities

Het lokaal programmaplan sluit dus naadloos aan bij het doel van het NPG zoals omschreven in de inleiding.

In het programmaplan hebben we ook de strategie voor de uitvoering geformuleerd:

  1. Midden-Groningen gaat NPG-middelen investeren in projecten die aansluiten op de aanwezige kwaliteiten (bijvoorbeeld natuur). Als nieuwe gemeente willen we deze kwaliteiten beter laten zien. We willen ze versterken en meer tot hun recht laten komen. We pakken belemmeringen en knelpunten aan en willen de nieuwe gemeente “smoel” geven: een duidelijke identiteit en een positief en aantrekkelijk imago voor iedereen.
  2. Midden-Groningen pakt met de NPG-projecten de problemen gericht aan en zet in op structurele oplossingen. Hiermee brengen we Midden-Groningen als geheel weer “op de kloet’n”. Hiermee doorbreken we het patroon en worden andere succesvolle onderdelen van de samenleving niet naar beneden getrokken.
  3. We stapelen waar mogelijk de projecten en de middelen om tot meerwaarde te komen. We kijken of er ruimte is om aan te sluiten bij de projecten van buurgemeenten, vanuit Toukomst en vanuit de provincie. In de meest recente raadsbrief inzake de verstedelijkingsstrategie worden aan deze facetten ook aandacht besteed.
  4. Waar we projecten kunnen samenbrengen en versterken doen we dat, maar we laten niet “alles-op-alles” wachten.
  5. Uit gesprekken weten we dat het, naast het investeren in stenen, vooral gaat om investeren in mensen: in hun ontwikkeling en welzijn, in hun zelfbewustzijn en zelfvertrouwen, in onderwijs, in de route naar een betekenisvolle invulling van ieders leven. Dat is geen eenmalige actie maar het starten en opgang brengen van een structureel proces. Dat er ook in stenen wordt geïnvesteerd, is vanzelfsprekend en van groot belang, maar het drijvende motief daarachter is te allen tijde het brede welzijn van de mensen die deze stenen gebruiken.

Midden-Groningen heeft inmiddels voor ruim 22 miljoen aan projecten gehonoreerd gekregen. Projecten die gerelateerd zijn aan de eigen trekkingsrechten. Daarnaast komen dan nog de leefbaarheidsprojecten, de pilot aardgasloze wijk (samen € 7,3 miljoen) en de provinciale projecten, die een directe relatie hebben met de gemeente MG.

Voor het NPG is een startkapitaal beschikbaar van €1,15 miljard voor een looptijd van tien jaar. Met het vaststellen van het document 'Financiële opbouw NPG' door de raden van gemeenten in het aardbevingsgebied en door Provinciale Staten, zijn deze middelen toebedeeld aan de verschillende onderdelen van het nationaal programma.

Midden-Groningen ontvangt vooralsnog rond € 71,25 miljoen aan investeringsruimte voor een periode van 10 jaar, met een evaluatie in 2024. Tot dat moment zijn de trekkingsrechten van Midden-Groningen € 47,5 miljoen. Bovenop die € 47,5 miljoen mag Midden-Groningen rekening houden met nog eens 50% van die € 47,5 miljoen, zodat er ook over een langere looptijd verplichtingen kunnen worden aangegaan. De resterende gelden worden na de evaluatie in 2024 verdeeld. Wordt dan dezelfde verdelingsmethodiek gehanteerd (dit is geheel afhankelijk van die evaluatie) dan kan het Midden-Groningse aandeel oplopen tot ca. € 95 miljoen. In 2022 zal de ´tweede tranche´ aanvragen voor projecten worden voorbereid en uitgevoerd. Uit de totale lijst van projectvoorstellen uit het lokale programmaplan Hart voor Midden-Groningen, wordt bekeken welk resterend deel van deze totale lijst nog ingediend wordt, rekening houdend met deze financiële kaders van het NPG.

Tot en met het eerste kwartaal 2021 is met name gewerkt aan het in de steigers zetten van het programma, het ontwikkelen van het programmaplan en de eerste projecten. Onmiddellijk na de zomer 2021 is de structurele programmaorganisatie gestart. Het college zal blijven dienen als stuurgroep en de gemeentesecretaris als ambtelijk opdrachtgever van de programmadirecteur en haar collega’s in het programmateam.

De monitoring van het NPG vindt plaats op verschillende niveaus (maatschappelijk effect en projectresultaten) en op verschillende aspecten (inhoud, planning en budget). De doelbereiking van de hoofddoelen van het programma (verbetering brede welvaart en imago) zijn geformuleerd in termen van maatschappelijke effecten en -impact en worden gemonitord aan de hand van indicatoren, die samen de maatstaf vormen van de brede welvaart en de indicatoren, die in beeld brengen hoe het staat met het imago van Groningen. In deze indicatoren gaat het om zowel kwantitatieve gegevens (cijfers, trends) als kwalitatieve gegevens (de beleving en mening van inwoners). In de evaluaties wordt expliciet aandacht besteed aan de perceptie van de werking van het programma uit drie betrokkenheidslagen: de uitvoerders van projecten, de doelgroepen van projecten en de inwoners van Groningen. Hiervoor zal onder meer gebruik worden gemaakt van het Groninger Panel, een representatief panel van ruim 7.000 Groningers. In 2021 is de 0-meting van de status van de hoofddoelstellingen verschenen. De bedoeling is dat de ontwikkelingen van alle indicatoren ten opzichte van deze 0-meting jaarlijks in kaart wordt gebracht. Op projectniveau wordt gerapporteerd over het bereiken van het beoogd resultaat en de bijdrage van deze resultaten aan de diverse (hoofd)doelstellingen. Dit betreft vooral kwantitatieve gegevens. Op projectniveau wordt de reguliere P&C cyclus benut om de monitoring van de inhoud (projectresultaten), planning en budget te rapporteren op lokaal niveau. Halfjaarlijks wordt uw raad geïnformeerd over de voortgang van het programma als geheel en worden projecten inhoudelijk ´uitgelicht´.

Code Omschrijving Status Bedrag
Gehonoreerde projecten gerelateerd aan het programmaplan
M01 Organisatorische inrichting ontwikkeling Lokaal programma MG Afgerond € 880.000
M02 Ondersteuning Dorpsproces Overschild Realisatiefase € 1.070.000
M03 Beleving en Verhaal van Overschild Realisatiefase € 120.000
M04 Plus-op-sport wijken Gorecht & Woldwijck Hoogezand Realisatiefase € 3.081.500
M05 Herstructurering Hoogezand Noord Voorbereidende fase € 2.510.750
M06 Aanpak verpauperde panden Voorbereidende fase € 2.000.000
M07 Midden-Groningen op de kaart Voorbereidende fase € 155.000
M08 Jongeren pitchen voor projecten Voorbereidende fase € 250.000
M09 Bevordering sociale veerkracht Voorbereidende fase € 233.000
M10 De ijsberg Voorbereidende fase € 2.221.740
M11 Ervaringsdeskundigenarmoede en sociale uitsluiting Voorbereidende fase € 764.990
M12 Jongeren met toekomst Voorbereidende fase € 1.818.000
M13 Jongerenwerk+ Voorbereidende fase € 2.500.000
M14 JIM-aanpak Voorbereidende fase € 263.028
M15 Ontwikkelbedrijf Voorbereidende fase € 1.064.000
M16 Hulpteam overschild Realisatiefase € 360.000
M18 Moeders van Midden-Groningen Voorbereidende fase € 680.000
M19 Toekomstbestendig cultureel erfgoed Voorbereidende fase € 500.000
M20 Verbeteren veiligheid Midden-Groningen Voorbereidende fase € 858.000
P48/M17 Tijd voor toekomst Realisatiefase € 941.620
Subtotaal € 22.271.628
Reeds eerder genomen besluiten in het kader van het NPG
S01-2s Ontmoetingsplek Siddeburen Afgerond € 250.470
S01-2r Herinrichting Centrumgebied Slochteren Realisatiefase € 457.380
S01-2q Ontmoetingsplek Froombosch Realisatiefase € 290.400
S01-2p Kwaliteitsverbetering Foxholstermeer Afgerond € 112.669
S01-2n Realisatie Steigers Kielwindeweer Afgerond € 60.500
S01-2m Kademuur Haansvaart en toeristische wandelroute Hellum Realisatiefase € 151.250
S02-1 Aanvullende pilot aardgasloze wijk (Gorecht-Noord) Voorbereidende fase € 6.000.000
Subtotaal € 7.322.669
Ingediende projecten door de provincie
P16 Pilot Autonoom rijdende shuttle - € 500.000
P23 Zorg nabij - € 1.163.000
Subtotaal € 1.663.000
Totaal € 31.257.297

Het NPG en de € 1,15 miljard als startkapitaal geeft Midden-Groningen heel veel kansen. We moeten echter ook alert zijn op andere ontwikkelingen. De gemeente heeft/krijgt ook te maken met de gevolgen van de versterking, het Bestuursakkoord, de Toekomstagenda, de Verstedelijkingsstrategie, de Novi Groningen en de regiodeal oost-Groningen. In de raadsbrief van begin september 2021 zijn we daar in hoofdlijnen op ingegaan. Hier ligt een heel scala aan cofinanciering en koppelingsmogelijkheden als we daar slim mee om weten te gaan. Dat geeft naar onze mening volop mogelijkheden bovenop de voor Midden-Groningen toegekende middelen.

Wat willen we bereiken?

a. De resterende projecten uit de eerste tranche indienen.

We gaan aan de slag met het indienen van de resterende projecten uit de eerste tranche. Belangrijk onderdeel hiervan zullen de dorps- en wijkplannen zijn en in de eerste plaats het komen tot die plannen.

b. De voorbereidingen starten om te komen tot een selectiedocument voor de tweede tranche projecten.

c. Een plan van aanpak opstellen voor het amendement inzake de 5%.

De invulling en uitvoering van het door uw raad aangenomen amendement inzake de 5% verdient de nodige aandacht. Wij stellen ons voor dat we in komend begrotingsjaar tenminste met een Plan van Aanpak zullen komen.

d. Invulling geven aan participatie en betrokkenheid.

We zullen bij alles ook invulling moeten geven aan participatie en betrokkenheid. In de raadsvoordrachten om de kredieten voor de NPG-budgetten ter beschikking te stellen zijn we daar reeds uitgebreid op ingegaan.

Wat daar staat is de komende jaren onze leidraad:
"Binnen het NPG-programma is participatie en betrokkenheid van de samenleving een belangrijk onderdeel. Met de raadswerkgroep is verkend hoe participatie vorm krijgt binnen het NPG-programma. De mogelijkheden voor participatie en de wijze waarop zullen per project verschillen. Het gaat hierbij niet alleen om participatie op projectniveau maar ook om participatie op het geheel van het programmaplan (dwarsverbanden en onderlinge relaties). We willen daarbij waar mogelijk de beweging maken van burgerparticipatie naar (meer) overheidsparticipatie. Met de NPG-projecten willen we investeren in onze inwoners. Investeren in persoonlijke ontwikkeling en welzijn, maar ook investeren in de woon- en leefomgeving. Om niet alleen voor nu, maar ook in de toekomst een verandering teweeg te brengen, moeten we inwoners betrekken bij de uitvoering. Per project zal de wijze van participatie verschillen. Het ene project is meer gericht op het individu en het andere meer op een wijk of dorp. Dit vraagt om maatwerk per project."

e. Uitvoering geven aan de goedgekeurde projecten.

2.5.3 Financieel overzicht

Bedragen x €1.000
Omschrijving Realisatie 2020 Begroting 2021 na wijzigingen Begroting 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025
Lasten
Versterking 6.192 24.033 17.433 4.172 1.603 1.602
NPG 1.065 15.551 6.230 5.827 3.292 2.236
NPG provinciale aanvraag 441 682 56 0 0 0
Totaal Lasten 7.698 40.266 23.719 9.999 4.895 3.838
Baten
Versterking 6.192 23.349 17.433 4.172 1.602 1.602
NPG 1.065 15.373 6.116 5.709 3.171 2.111
NPG provinciale aanvraag 244 577 0 0 0 0
Totaal Baten 7.501 39.298 23.549 9.881 4.773 3.713
Saldo voor bestemming -197 -968 -171 -118 -123 -125

Programma gevolgen gaswinning

Onder het thema Versterking in de tabel worden de financiën van het programma gevolgen gaswinning verantwoord.  Per saldo is het programma gedekt vanuit bijdragen van het Rijk. In de begroting 2021 staan meer lasten dan baten, dit wordt bij de najaarsnota 2021 gecorrigeerd. 

Lasten:

De lasten zijn € 6,6 miljoen lager dan in 2021. De raming voor de lasten volgt de verwachte ontwikkeling van de versterkingsopgave met een piek in 2021 en een verlaging in de jaren daarna.

De grootste post in de lasten zijn de vergoedingen aan de eigenaren voor het versterken of sloop/nieuwbouw van Woningen die vallen onder Batch 1588. Dat bedraagt € 18,7 miljoen in 2021 en € 13,3 miljoen in 2022. De rest van de kosten die vanuit de rijksbijdrage voor Batch 1588 worden vergoed bedraagt € 0,7 miljoen in 2021 en € 0,5 miljoen in 2022. Dat gaat om organisatie- en communicatiekosten, herstel van de infrastructuur openbare ruimte en de vergoeding aan eigenaren van proceskosten. Een andere grote post betreft de inpassingkosten, totaal € 1,75 miljoen in 2021 en € 1,68 miljoen in 2022. De rest van de kosten bedraagt € 1,96 miljoen aan inzet personeel en externen voor het begeleiden van de versterking, het programmamanagement, het scholenprogramma en de vergunningverlening.

Baten:

De baten komen vanuit de rijksbijdrage voor Batch 1588 € 19,3 miljoen in 2021 en € 13,8 miljoen in 2022. Vergoeding van de inpassingskosten van € 1,75 miljoen in 2021 en €  1,68 miljoen in 2022. Daarnaast wordt de Lumpsum Gevolgen Gaswinning ontvangen voor € 2,35 miljoen in 2021 en € 1,96 miljoen in 2022. Voor het begeleiden van het versterkingsopgave in het dorp Overschild is vanuit de NPG een bijdrage van € 1,07 miljoen ontvangen die in de jaren 2019-2023 wordt ingezet.  De baten en lasten daarvan worden onder het product NPG verantwoord en in de volgende paragraaf toegelicht.

Uitvoering lokaal programmaplan (NPG)

De raad heeft op 29 april 2021 een krediet beschikbaar gesteld van € 15.122.592 voor de uitvoering van de NPG projecten uit de 1e tranche. Dekking van deze projecten is verzekerd door een 100% bijdrage vanuit de trekkingsrechten NPG. Het bestuur van het NPG heeft dat bij brief van 25 februari 2021 bevestigd. De bijdrage is in 2021 ineens ontvangen. Op basis van het DT besluit van 30 juni 2021 is een meerjarenraming opgesteld van zowel de lasten als de baten. Uitgangspunt is dat op begrotingsbasis het saldo budgettair neutraal is. Jaarlijkse verschillen tussen lasten en baten worden via balansposten vereffend. De 1e tranche betreft de volgende projecten: Herstructurering Hoogezand-Noord, Verpauperde panden, Midden-Groningen op de kaart, Jongeren pitchen voor projecten, Bevorderen sociale veerkracht, De IJsberg, Ervaringsdeskundigen armoede en sociale uitsluiting, Jongeren met toekomst, Jongerenwerk +, JIM aanpak, Leer- en ontwikkelbedrijf, Hulpteam Overschild en Tijd voor toekomst (gezamenlijk project met andere gemeenten).

De 2e tranche (raad 30 september 2021) betreft de producten: Moeders van Midden-Groningen ( € 680.000), Toekomstig Cultureel erfgoed ( € 500.000) en Verbeteren veiligheid Midden-Groningen ( € 858.500). Uitvoering vindt plaats conform de toelichting m.b.t. de 1e tranche.

Voor de uitvoering van en de samenhang tussen de projecten is een projectorganisatie ingericht. De kosten van de projectorganisatie worden gedekt vanuit een opslag in de begroting van de NPG-projecten.